Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Schriftbewijs

Lezen: Handelingen 17 : 1 – 9   

Dinsdag 12 Mei 2020              Handelingen 12 : 2 en 3

En Paulus ging naar zijn gewoonte bij hen naar binnen en drie sabbatten lang ging hij met hen in gesprek vanuit de Schriften. Hij opende die en zette voor hen uiteen [1]dat de Christus moest lijden en opstaan uit de doden, en dat deze Jezus de Christus is, Die ik – zo zei hij – u verkondig.

(BGT) Zoals altijd ging Paulus daar op sabbat naartoe. Drie sabbatten lang sprak hij met de Joden over teksten uit de heilige boeken. Hij legde de teksten uit. Hij maakte duidelijk dat de messias moest lijden en opstaan uit de dood. En hij zei: ‘Die Jezus, over wie ik steeds vertel, dat is de messias.’

Aantekening

Handelingen 17 : 2  >  De verwijzing naar Paulus’ prediking op drie sabbatten lang geeft de indruk dat hij maar kort in Thessalonica was, maar dit was slechts de tijd van zijn  prediking in de synagoge. Uit zijn eerste brief aan de Thessalonicenzen blijkt een langere dienst (zie 1 Thessalonicenzen 2:9; 5:12; ook Filippenzen 4:16).

Handelingen 17 : 3  >  de Christus moest lijden. De Joden verzetten zich tegen het idee dat de Messias noest lijden, hoewel dit al in het Oude Testament stond (Psalm 22; Jesaja 53; Zacharia 12:10; 13:7).

Silas                                                                         (Uit de Mannen Bijbel)

Silas (ook Sivanus genoemd) wordt met Judas Barsabas aangewezen om een brief over te brengen naar de broeders in Antiochië, Syrië en Cilicië. Beiden zijn leiders en profeten in de gemeente te Jeruzalem (Handelingen 15:22-32). Een tijdlang werken ze samen met Paulus en Barnabas in Antiochië. Na onenigheid over de volgende bestemming kiest Paulus Silas als reisgezel (Handelingen 15:35-41). De reis gaat langs Syrië en Cilicië. In Lystra voegt Timotheüs zich bij hen. Vanaf Troas maken ze de oversteek naar Macedonië.

In Filippi raakt Silas met Paulus verstrikt in een volksoproer vanwege de confrontatie met een slavinnetje dat door een inwonende boze geest de toekomst kan voorspellen en voor haar meesters een bron van inkomsten betekent. Ze komen er niet zonder kleerscheuren vanaf en worden na vele stokslagen gevangengezet. Na een wonderlijke vrijlating eisen ze beide als Romeins staatsburgers een vrije aftocht, waarna ze naar Thessalonica vertrekken (Handelingen 16). Daar ontkomen ze ternauwernood aan een lynchpartij die door vijandige Joden met hulp van een aantal raddraaiers is opgezet (Handelingen 17:9). In Berea, de volgende stad, herhaalt zich dat (Handelingen 17:10-15). Paulus vertrekt halsoverkop, eerst naar Athene (Handelingen 17:16-34) en vandaar naar Korinthe (Handelingen 18:1-17). Silas blijft met Timotheüs in Berea achter (Handelingen 17:14).

Silas voegt zich in Korinthe weer bij Paulus. Daar werken ze een tijdlang samen (Handelingen 18:5; 2 Korinthe 1:19). Daar schrijft Paulus de beide brieven aan de Thessalonicenzen. Silvanus (de andere naam van Silas) wordt beide keren als een van de medeafzenders vermeld. Nog eenmaal vaker wordt zijn naam genoemd: met zijn hulp schrijft Petrus zijn eerste brief. In die brief krijgt hij een veelzeggende waardering mee: ‘een trouwe broeder’ (1 Petrus 5:12).  


[1]  Psalm 22:7; Mattheüs 16:21; Lukas 24:46

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Gedragen

Lezen: Psalm 68 : 20 – 36   

Maandag 11 Mei 2020                   Psalm 68 : 33-36

Koninkrijken van de aarde, zing voor God; zing psalmen voor de Heere, Die rijdt door de aloude hemel der hemelen; zie, Hij laat Zijn stem klinken, een stem met macht. Geef macht aan God; Zijn majesteit is over Israël en Zijn macht tot in de wolken. O God, U bent ontzagwekkend vanuit Uw heiligdommen; de God van Israël, Hij geeft het volk kracht en sterkte.

Geloofd zij God!

(BGT) Laat iedereen op aarde zingen voor God, laat iedereen een lied zingen voor de Heer. Hij rijdt door de hoogste hemel op een wagen van wolken. Luister naar zijn machtige stem. Breng eer aan God, want hij is machtig. Hij heerst over Israël, zijn macht is oneindig groot. Breng eer aan God, de God van Israël, eer hem in zijn tempel. Hij maakt zijn volk machtig en sterk.

Dank de Heer!

Aantekening

Psalm 68 : 33 – 36  >  Afsluitende oproep om te loven. Na alle overdenkingen in de psalm gaat nu de dringende oproep uit naar al de heidense koninkrijken van de aarde om nu voor God te zingen (waarom wachten tot de Messiaanse tijd?). Hun loflied zou macht aan God moeten geven en erkennen dat Zijn majesteit is over Israël. Dat betekent dat zij de unieke rol van Israël als Gods eigen volk zouden moeten erkennen. Te midden van hen heeft Hij Zijn heiligdommen opgericht en Hij geeft het kracht en sterkte. Wanneer Israëlieten dit zingen, zouden zij moeten overlopen van dankbaarheid over het geweldige voorrecht Gods middel te mogen zijn voor het heil van de wereld. Ook vandaag de dag kunnen gelovigen uit alle volken deze psalm zingen uit dankbaarheid dat God trouw is gebleven aan Zijn beloften het licht in de wereld te brengen. Zij kunnen zich ook mengen in de eerbiedige dank dat God hen gebruikt om de wereld nog meer heil te brengen. 

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Samen optrekken

Lezen: Psalm 68 : 1 – 19   

Zondag 10 Mei 2020                              Psalm 68 : 8 – 9

O God, toen U voor Uw volk uittrok, toen U voortschreed door de wildernis, [1]beefde de aarde, ook droop de hemel voor Gods aangezicht; zelfs deze Sinaï beefde, voor het aangezicht van God, de God van Israël.

(BGT)  God, toen u uw volk hielp in de strijd, en hen leidde door de woestijn, toen beefde de aarde, en uit de hemel stroomde de regen neer. Want u was daar, God, u, die heerst vanaf de berg Sinaï. Want u was daar, God, u, de God van Israël.

Aantekening

Psalm 68 : 8 – 11  >  Gods vertrek van de Sinaï. Deze verzen herinneren aan de manier waarop God Zijn volk door de wildernis leidde (vers 8), van de Sinaï naar zijn eigendom (d.i. Kanaän, nu het land Israël), waar Gods kudde (d.w.z. Zijn volk) daarna woonde. God gaf Israël niet alleen een plek op te leven, maar Hij maakte die vruchtbaar: U hebt zeer milde regen doen druipen, o God. In vers 9 weerklinkt Richteren 5:4-5, dat eveneens Gods optrekken met Zijn volk naar het Beloofde Land beschrijft.

Tekst verwijzing  >  Richteren 5 : 4 – 5

HEERE, toen U uittrok uit Seïr, toen U voortschreed uit het veld van Edom, beefde de aarde, ook droop de hemel, ook dropen de wolken van water.

De bergen vloeiden weg van voor het aangezicht van de HEERE, zelfs de Sinaï, van voor het aangezicht van de HEERE, de God van Israël.


[1]  Exodus 19

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Ontzag

Lezen: Exodus 19 : 16 – 25   

Zaterdag  9 Mei 2020                     Exodus 19 : 16

En het gebeurde op de derde dag, toen het morgen werd, [1]dat er op de berg donderslagen, bliksemflitsen en een zware wolk waren, en zeer sterk bazuingeschal, zodat al het volk dat in het kamp was, beefde.

(BGT)  Twee dagen later begon het vroeg in de ochtend te onweren. Er hing een donkere wolk boven de berg. En er werd hard op een trompet geblazen. De mensen in het kamp beefden van schrik.

Aantekening

Exodus 19 : 16 – 20  >  Alle verschijnselen die Israël nu ziet ( bliksemflitsen en een zware wolk, vers 16; rook, vuur, vers 18) en hoort (donderslagen, bazuingeschal gaandeweg zeer sterk, vers 16, 19) wijzen erop dat de Heere op de Berg neerdaalt (vers 18). Deze ervaring moet Israël er eens en voorgoed aan herinneren dat de Heere tot Mozes heeft gesproken (Zie Exodus 19:18-21).


[1]  Hebreeën 12:18

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Communicatie

Lezen: Exodus 19 : 1 – 15   

Vrijdag  8 Mei 2020                        Exodus 19 : 3 t/m 6

[1]Toen klom Mozes omhoog, naar God. De HEERE riep tot hem vanaf de berg: Zo moet u tegen het huis van Jakob zeggen en de Israëlieten verkondigen: [2]U hebt zelf gezien wat Ik met de Egyptenaren gedaan heb en hoe Ik u op arendsvleugels gedragen en u bij Mij gebracht heb. Nu dan, als u nauwgezet Mijn stem gehoorzaamt en Mijn verbond in acht neemt, [3]dan zult u uit alle volken Mijn persoonlijk eigendom zijn, want [4]heel de aarde is van Mij. [5]U dan, u zult voor Mij een koninkrijk van priesters en een heilig volk zijn. Dit zijn de woorden die u tot de Israëlieten moet spreken.

(BGT) Mozes klom de berg op, naar God toe. De Heer gaf hem opdracht om namens hem tegen de Israëlieten te zeggen: ‘Jullie hebben gezien wat ik, de Heer, met de Egyptenaren gedaan heb. En jullie hebben gemerkt dat ik jullie snel en veilig hier bij mij gebracht heb. Nu moeten jullie goed naar mij luisteren. En jullie moeten je houden aan de afspraken met mij. Dan zullen jullie een kostbaar bezit voor mij zijn. De hele aarde is van mij, en alle volken zijn van mij. Maar jullie zijn echt mijn volk. Jullie zijn heilig, jullie zullen mij dienen.’ Dat moest Mozes tegen de Israëlieten gaan zeggen.

Aantekening

Exodus 19 : 1 – 3  Met het bereiken van de woestijn Sinaï en het opslaan van het kamp bij de berg (Exodus 19:1-2) vindt de vervulling plaats van het teken dat de Heere aan Mozes bij de brandende doornstruik heeft gegeven: Hij zou het volk Egypte uitlieden en zij zouden ‘God dienen op deze berg’ (Exodus 3:12). In de derde maand, op dezelfde dag. Ze bereiken de berg ongeveer zeven weken na de uittocht. De periode lag ook tussen het Pascha en het Wekenfeest (Pinksterfeest, Leviticus 23:15-21).

Exodus 19 : 4 – 6  >  De Heere roept Israël op tot trouw aan Zijn verbond, nog voordat dit in detail is uitgevaardigd (vers 5). Wat ze zelf in Egypte hebben gezien (vers 4) moet hen ervan doordringen dat Gods verbond met hen hun eerste prioriteit moet zijn, en wezenlijk is voor hun volksbestaan.

Exodus 19 : 6  >   Als de Heere Israël oproept om een koninkrijk van priesters en een heilig volk te zijn, doelt Hij niet op Aäron en diens zonen als priesters (Exodus 28:1), maar op Israëls leven als geheel. Door Gods verbond in acht te nemen (Exodus 19:5) zal Israël zich onderscheiden van de omringende volken, maar ook het middel zijn waardoor die volken met de Heere en Zijn zegen in aanraking komen (zie Genesis 12:3; Deuteronomium 4:6; Jesaja 61:5-7). Als Petrus dezelfde woorden op de gemeente toepast (1 Petrus 2:5, 9-10), legt hij uit dat Joodse en heidense gelovigen als één lichaam deelhebben aan Israëls beloften. Petrus roept de gelovigen dan ook des te meer op tot trouw opdat de mensen om hen heen die ‘de goede werken in hen waarnemen, God verheerlijken mogen op de dag dat er naar hen omgezien wordt’ (1 Petrus 2:12). 

Soms geeft God een teken               Exodus 19 : 3-4            (Uit de Vrouwen Bijbel)

Wat kun je intens verlangen naar een teken van God. Zit ik op de goede weg? Geeft U mij deze opdracht, of …? Mozes’ roeping was zo groots, dat God hem inderdaad een teken gaf: ooit zul je Mij hier, samen met het volk, dienen (Exodus 3:12). En nu is het zover. Vandaag wordt het teken tastbare werkelijkheid. Heere, open onze ogen voor alle kleine tekenen die U onderweg aan ons geeft.


[1]  Handelingen 7:38

[2]  Deuteronomium 29:2; 32:11

[3]  Deuteronomium 7:6; 10:14; 14:2; 26:18; Psalm 135:4; Jesaja 41:8; Titus 2:14

[4]  Psalm 24:1

[5]  1 Petrus 2:9

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Raadzaam

Lezen: Exodus 18 : 13 – 27   

Donderdag  7 Mei 2020           Exodus 18 : 24

[1]Mozes luisterde naar de stem van zijn schoonvader en deed alles wat hij gezegd had.

(BGT) Mozes luisterde naar zijn schoonvader en deed wat die gezegd had.

Aantekening

Exodus 18 : 13 – 26  : Jethro bevestigt door zijn raad de functie van Mozes als de man die de verordeningen van God en Zijn wetten bekendmaakt (Exodus 18:16), en helpt hem een hanteerbare vorm van rechtspraak te vinden waardoor anderen zijn last mee kunnen dragen (Exodus 18:22), tot welzijn van het volk. 


[1]  Deuteronomium 1:9

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Familiebezoek

Lezen: Exodus 18 : 1 – 12   

Woensdag  6 Mei 2020                   Exodus 18 : 12

Toen nam Jethro, de schoonvader van Mozes, voor God een brandoffer en slachtoffers, en Aäron en al de oudsten van Israël kwamen erbijom voor het aangezicht van God de maaltijd te gebruiken met de schoonvader van Mozes.

(BGT) Daarna dankte Jetro God met offers. En hij hield een feestmaal ter ere van God. Ook Aäron en alle leiders van het volk deden daaraan mee.

Aantekening

Exodus 18 : 8 – 12  >  Als Jethro hoort wat God voor Israël heeft gedaan, geeft hij blijk van aanzienlijk meer geloof dan degenen die de wonderen hebben meegemaakt (om maar te zwijgen van Egypte en Amelek). In zijn uitspraak Nu weet ik dat de Heere groter is dan alle goden (vers 11) klinkt door wat de Heere met de plagen beoogde zowel voor Israël (Exodus 6:6) als voor Egypte (Exodus 7:5, 17). En als hij een brandoffer en slachtoffers brengt en met Mozes, Aäron en Israëls oudsten voor het aangezicht van God de maaltijd gebruikt, is hij een voorbeeld van het leefpatroon dat de Heere op de berg Sinaï zal openbaren. (zie Deuteronomium 12:5-7).

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Vredeslied

Lezen: Psalm 23   

Dinsdag  5 Mei 2020               Psalm 23 : 5 en 6

U maakt voor mij de tafel gereed voor de ogen van mijn tegenstanders; U zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over. Ja, goedheid en goedertierenheid zullen mij volgen al de dagen van mijn leven. Ik zal in het huis van de HEERE blijven tot in lengte van dagen.

(BGT) U nodigt mij uit in uw tempel. U zorgt goed voor mij. U geeft me te eten en te drinken, meer dan genoeg. En al mijn vijanden kunnen dat zien. U geeft me geluk en liefde, altijd en overal. Ik zal bij u zijn in uw tempel, mijn hele leven lang.

Aantekening

Psalm 23 : 5 – 6  >  De Heere als gastheer. Sommigen zijn van mening dat het beeld van de herder en de schapen hier nog steeds geld, maar het noemen van de tafel, het zalven van het hoofd, de beker en Gods ‘huis’ duiden erop dat de psalm nu de gelovige beschrijft als Gods gast aan een maaltijd (‘maakt de tafel gereed’). De tegenstanders zijn niet bij machte om het genieten van Gods overvloedige gastvrijheid te beletten (misschien. Zijn zij daar als krijgsgevangenen bij een overwinningsfeest). goedheid en goedertierenheid zijn de verzekering voor de gelovige dat God Zijn genade op hen heeft uitgestort. Voor iemand die geen Leviet is, betekent in het huis van de Heere blijven vrije toegang te hebben tot de eredienst in het heiligdom (vgl. Psalm 27:4). tot in lengte van dagen betekent ‘voor altijd’. Dit kan eenvoudigweg een andere manier ven zeggen zijn voor al de dagen van mijn leven. Het is echter waarschijnlijker dat ‘voor dagen zonder einde’ wordt bedoeld (vgl. Psalm 21:5, ‘lengte van dagen’).

Toekijkende tegenstanders          Psalm 23 : 5 – 6               (Uit de Vrouwen Bijbel)

Merk je weleens iets van tegenstand in je leven? voor gelovigen is het niet vreemd om tegenstanders in de diepe dalen tegen te komen. Toch is God er ook bij. Hij heeft de controle. Hoe je dat weet? Uiteindelijk mag je thuiskomen bij Hem en maakt Hij een feestmaal voor je gereed. Daar mag je uitrusten, genietend van overvloed. Terwijl degene die je tekortdeden, aan de zijlijn staan toe te kijken. Kun je de strijd overgeven, wachtend op dat moment?

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Ondersteuning

Lezen: Exodus 17 : 8 – 16   

Maandag  4 Mei 2020                    Exodus 17 : 12

De handen van Mozes werden echter zwaar; daarom namen zij een steen en legden die onder hem, zodat hij erop kon gaan zitten. Aäron en Hur ondersteunden zijn handen, de een aan de ene en de ander aan de andere kant. Zo bleven zijn handen onbeweeglijk, totdat de zon onderging.

(BGT) Maar Mozes’ armen werden moe. Daarom pakten Aäron en Chur een grote steen waar Mozes op kon zitten. En ze gingen naast hem staan om zijn armen te ondersteunen. Daardoor kon Mozes zijn armen omhooghouden totdat de zon onderging.

Aantekening

Exodus 17 : 9 – 13  >  De nadrukkelijke vermelding van Mozes’ Hand (Exodus 17:9, 11, 12) maakt twee dingen duidelijk die Israël ter harte moet nemen: (1) Mozes is degene die door God is verkozen om Israël te leiden (let erop dat Mozes’ handen bepalen wie de overhand heeft, vers 11); (2) de overwinning komt door God Zelf, via Mozes, wat enerzijds blijkt door de staf van God in zijn hand (Exodus 17:9), en anderzijds doordat zijn handen zwaar werden (vers 12), wat wijst op zijn zwakheid als mens.

Alleen samen kun je volhouden      Exodus 17 : 11–15          (Uit de Vrouwen Bijbel)

De vijand valt aan. Mozes heft zijn handen op tot God. Twee mensen merken dat Mozes hulp nodig heeft. Ontroerend, hoe zij hem zonder woorden helpen. Samen blijven ze zich tot de Heere wenden. Hoe duidelijk is het: je kunt niet in je eentje blijven geloven. Wat een zegen dat er vrouwenverenigingen, groeigroepen, gebedskringen en vrouwenochtenden zijn. Aarzel niet, ga erheen, je bent welkom.

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Water en brood

Lezen: Exodus 17 : 1 – 7   

Zondag  3 Mei 2020                       Exodus 17 : 6

[1]Zie, Ik zal daar vóór u op de rots bij de Horeb staan. Dan moet u op de rots slaan, en er zal water uitkomen, zodat het volk kan drinken. En Mozes deed dit voor de ogen van de oudsten van Israël.

(BGT)  Ik zal bij de berg Horeb op je wachten bij de rots. Als je op die rots slaat, zal er water uit stromen. En dan kan het volk drinken.’ Mozes sloeg op de rots, en de leiders van het volk zagen wat er gebeurde.

Aantekening

Exodus 17 : 6  >  bij de Horeb. Ik zal daar vóór u op de rots … staan. Dat is weer een voorbeeld van Gods belofte aan Mozes toen Hij zei: ‘Ik zal met u zijn’ (Exodus 3:12). Dat de Heere nabij is, hebben de Israëlieten al kunnen zien aan de wolkkolom (zie Exodus 13:21-22). Enerzijds heeft die Mozes bescherming geboden tegen het mopperende volk. Anderzijds heeft die bij het volk vrees en eerbied gewekt door het betoon van Gods macht. Nu blijkt op een dramatische wijze de betrouwbaarheid van Gods belofte om in noden van Zijn volk te voorzien, als Mozes op bevel van God op de rots slaat en Hij water laat stromen voor Zijn volk. Sommigen zien in Gods  belofte om ‘op de rots’ te staan een nauw verband tussen Gods aanwezigheid en de rots zelf. Daarbij vat men Dan moet u op de rots slaan in de zin op, dat Mozes als het ware God Zelf moet slaan, met als gevolg dat uit God Zelf levend water stroomt. Waarschijnlijk is dit voorval de achtergrond van Paulus’ uitspraak: ‘die rots was Christus’ (1 Korinthe 10:4; zie aantekening bij Numeri 20:2-13).

Aantekening bij Numeri 20 : 2 – 13  >  Opstand in Mariba. Klachten over gebrek aan water typeerden de tocht van de Schelfzee naar de Sinaï (Exodus 15:22-27; 17:1-7), en nu komen ze weer voor. Bij beide gelegenheden sloeg Mozes met zijn staf op de rots. In Exodus 17:6 werd gezegd dat hij dat moest doen, maar deze tweede keer zei de Heere dat hij tot de rots moest spreken (Numeri 20:8). Mozes week af van Gods bevel, en dat leidde ertoe dat hij veroordeeld werd en deze gemeente niet in het land zou brengen (vers 12). Het lijkt een kleine vergissing van Mozes te zijn; daarom denkt men soms dat Gods ongenoegen zich tegen Mozes’ woede richtte (zie vers 10). Maar vers 12 lijkt duidelijk te maken dat het echte probleem was dat Mozes niet zorgvuldig naar Gods bevel geluisterd had: Omdat u niet in Mij geloofd hebt, en Mij voor de ogen van de Israëlieten niet geheiligd hebt. Mozes en Aäron waren de belangrijkste middelaars van Gods wetten voor Israël, en hun gehoorzaamheid moest daarom een voorbeeldfunctie hebben. Omdat ze het Goddelijk bevel niet precies opvolgden, konden ze geen aanspraak meer maken op hun recht om Kanaän binnen te gaan. Sommigen menen dat er nog een factor meespeelde. God had bij het eerdere incident tegen Mozes gezegd: ‘Ik zal daar vóór u op de rots bij de Horeb staan’ (Exodus 17:6); Mozes had dus moeten weten dat God ook hier bij de rots aanwezig was. Daarom was Mozes’ spreken tegen de rots (Numeri 20:8) eigenlijk een spreken tegen God. En daarom was het een ernstige woede-uitbarsting tegen God toen Mozes de rots twee keer met zijn staf  sloeg (vers 11); het is dan ook niet verwonderlijk dat god Mozes streng strafte*. Anderen menen dat hier het verschil wordt benadrukt tussen wat God had bevolen en wat Mozes deed; meestal deed Mozes precies wat God hem opdroeg, maar deze keer niet. Een soortgelijke onzorgvuldigheid leidde tot de dood van Aärons zonen in Leviticus10:1-3. De zinsbouw in Numeri 20:12 is een echo van het verhaal van de verkenners, waar God klaagt: ‘hoelang zullen zij niet in Mij geloven …?’ (Numeri 14:11). Het ongeloof van het volk leidde tot uitsluiting uit het land; het ongeloof van Aäron en Mozes even eens. Meriba betekent ‘onenigheid’. In Exodus 17:1 krijgt Rafidim ook de bijnaam Meriba (zie ook Psalm 95:8).

Slaan                            Exodus 17 : 6                        (Uit de Mannen Bijbel)

De Bijbel vertelt dat Mozes op een rots sloeg. Minder bekend is dat herders in de Sinaï nu nog die gewoonte kennen. Zandstormen doen overal stof opwaaien, dat zich op plaatsen waar het vochtig is als een hardgebakken korst op de spleet vastzet en deze afsluit. Wanneer iemand bij het water wil komen, neemt hij een stok en slaat de harde koek eraf, zodat het water naar buiten kan stromen.

God op de proef stellen          Exodus 17 : 3 – 7          (Uit de Vrouwen Bijbel)Actievoeren, protesteren, omdat jij met je gezin van dorst dreigt om te komen. Wat voorspelbaar. Wij zouden het wellicht ook hebben gedaan. Maar in de relatie tussen God en Zijn volk heet dit: ‘God op de proef stellen!’ Daar word je stil van. Zo veel vertrouwen vroeg God dus van Zijn volk. Ook wij hebben vaak een harde 


[1]  Numeri 20:9; Psalm 78:15; 114:8; 1 Korinthe 10:4