Tekst van de dag Samen optrekken
Lezen: Psalm 68 : 1 – 19
Zondag 10 Mei 2020 Psalm 68 : 8 – 9
O God, toen U voor Uw volk uittrok, toen U voortschreed door de wildernis, [1]beefde de aarde, ook droop de hemel voor Gods aangezicht; zelfs deze Sinaï beefde, voor het aangezicht van God, de God van Israël.
(BGT) God, toen u uw volk hielp in de strijd, en hen leidde door de woestijn, toen beefde de aarde, en uit de hemel stroomde de regen neer. Want u was daar, God, u, die heerst vanaf de berg Sinaï. Want u was daar, God, u, de God van Israël.
Aantekening
Psalm 68 : 8 – 11 > Gods vertrek van de Sinaï. Deze verzen herinneren aan de manier waarop God Zijn volk door de wildernis leidde (vers 8), van de Sinaï naar zijn eigendom (d.i. Kanaän, nu het land Israël), waar Gods kudde (d.w.z. Zijn volk) daarna woonde. God gaf Israël niet alleen een plek op te leven, maar Hij maakte die vruchtbaar: U hebt zeer milde regen doen druipen, o God. In vers 9 weerklinkt Richteren 5:4-5, dat eveneens Gods optrekken met Zijn volk naar het Beloofde Land beschrijft.
Tekst verwijzing > Richteren 5 : 4 – 5
4 HEERE, toen U uittrok uit Seïr, toen U voortschreed uit het veld van Edom, beefde de aarde, ook droop de hemel, ook dropen de wolken van water.
5 De bergen vloeiden weg van voor het aangezicht van de HEERE, zelfs de Sinaï, van voor het aangezicht van de HEERE, de God van Israël.
[1] Exodus 19