Tekst van de dag De laatste slag
Zondag 29 – Maart – 2020 Exodus 11 : 4 – 5
Lezen: Exodus 10 : 21 – 11 : 10
En Mozes zei: Zo zegt de HEERE: Omstreeks middernacht [1]zal Ik uittrekken door het midden van Egypte [2]en alle eerstgeborenen in het land Egypte zullen sterven, van de eerstgeborene van de farao af, die op zijn troon zitten zou, tot de eerstgeborene van de slavin die achter de handmolen zit, en alle eerstgeborenen van het vee.
(BGT) Mozes zei ook: ‘Midden in de nacht zal de Heer door Egypte gaan. Dan zal elke oudste zoon in Egypte sterven. Niet alleen de oudste zonen van al uw slavinnen, maar ook uw eigen oudste zoon. Uw oudste zoon, die later farao zou worden, zal sterven. Ook bij het vee zal elk jong dat het eerstgeboren is, sterven.
Aantekening
Exodus 11 : 4 > De derde, zesde en negende plaag beginnen ermee dat de Heere Mozes eenvoudig opdraagt het wonderteken te verrichten (Exodus 8:16; 9:8; 10:21; zie tabel[3]) . De overige plagen bevatten de uitspraak tegen de farao ‘Zo zegt de Heere’ met de oproep ‘Laat Mijn volk gaan’ (zie Exodus 7:16, 17; 8:1, 20; 9:1, 13; 10:30. Maar als nu Mozes zegt: Zo zegt de Heere, en dan de tiende plaag beschrijft zonder er nog over te spreken om Israël te laten gaan, klinkt door hoe onherroepelijk deze plaag is.
Exodus 11 : 5 > Toen de Heere tegen Mozes sprak over zijn gang naar Egypte, noemde Hij Israël ‘Mijn zoon, Mijn eerstgeborene’ (Exodus 4:22) en zei Hij al dat weigering van de farao zou leiden tot de dood van diens eerstgeborene (Exodus 4:23). Omdat de farao Egypte vertegenwoordigt, hebben de plagen niet alleen hemzelf getroffen, maar ook zijn volk, en dit werkt wel heel schrijnend door in de laatste plaag nu alle eerstgeborenen in het land Egypte zullen sterven.
Een huiveringwekkend oordeel Exodus 11:4-5 (Uit de Vrouwen Bijbel)
Gods volk uitroeien, dat was het Egyptische plan: ‘Gooi alle jongetjes in de Nijl.’ Nu zullen alle oudste kinderen van de Egyptenaren sterven. Waarom komt God tot dit verschrikkelijke oordeel? Wie een eerstgeborene heeft, heeft toekomst. Het gaat om de vraag: heeft het kwaad in de persoon van de farao, en daarmee zijn land, toekomst? Of behoort de toekomst aan God, en daarmee aan Zijn eerstgeboren zoon Israël (Jeremia 31:9)?
[1] Exodus 12:29
[2] Exodus 12:12
[3] Deze tabel kunt u vinden op onze internetpagina ‘www.vanderhorst.frl’
Wêr kin ik de tabel fine?
Hallo Kees op de website in zoeken ‘de 10 plagen’ invullen