Woord voor vandaag

Woord voor vandaag

Dag: 291

Lezen: 2 Koningen 3:20-27 

Thema: Mensenoffer

Tekst voor vandaag: 2 Koningen 3:27

 

HSV: [27] Toen nam hij zijn eerstgeboren zoon, die in zijn plaats koning zou worden, en offerde hem als brandoffer op de muur. Dat bracht grote verbolgenheid teweeg in Israël; daarom braken zij op, bij hem vandaan, en keerden terug naar hun land.          

 

NBV21: [27] Toen nam hij zijn oudste zoon, zijn troonopvolger, en offerde hem als brandoffer op de stadsmuur. Daarop barstte er zo’n hevige toorn los tegen de Israëlieten dat ze het beleg opbraken en naar hun eigen land terugkeerden.

 

BGT: [27] Toen liet hij zijn oudste zoon halen, die hem had moeten opvolgen. Hij offerde hem op de stadsmuur. Daar schrokken de Israëlieten zo van, dat ze stopten met de aanval en teruggingen naar huis.

 

Aantekening bij: 

2 Koningen 3:27 Toen Mesa zag dat hij verslagen zou worden, offerde hij zijn zoon als brandoffer op de muur. Dat bracht grote verbolgenheid (Hebreeuws qetsefteweeg. Dit was geen goddelijke verbolgenheid, want de Bijbelse auteurs zagen de Moabitische god Kamos niet als een echte god (1 Koningen 11:7). Ook zou de God van Israël zeker niet ten gunste van Moab optreden, omdat er een door Hem verafschuwd ritueel werd uitgevoerd (vgl. 2 Koningen16:3; 17:17; 21:6). Het lijkt er eerder op dat de ‘grote verbolgenheid’ gewoon menselijke verontwaardiging was (zoals bij twee andere gelegenheden in 2 Koningen waar qetsef wordt gebruikt: 2 Koningen 5:11; 13:19). De reactie van Israël op deze wanhopige os zó’n razernij, dat Israël opbreekt en naar huis gaat, waardoor Moab tegen de verwachting in de over winning kan behalen.

 

Korte overdenking

Gisteren lazen we dat Elisa de boodschap van de Heere doorgaf dat de Israëlieten en Juda de overwinning op Moab zouden behalen. Vandaag lezen we hoe de Heere hen helpt om dit te bereiken. De Moabieten zagen toen de zon opkwam het water tegenover hun rood was als bloed en ze dachten dat Juda en Israël met elkaar ruzie hadden gekregen en dat de oorzaak was van de rode kleur van het water. Dus dachten ze dat ze de buit konden gaan halen. Maar dat was dus een tegenvaller. De vijand van Moab deed in Moab wat de Heere hen had laten zeggen. De Koning van Moab zag dat hij verslagen was en de vluchtweg naar Edom geblokkeerd was en nam toe het besluit om zijn oudste zoon voor hun god Kamos te offeren. Deze wanhoop daad deed hij als brandoffer op de muur van de stad Kir-Hareseth, die als laatste bolwerk werd aangevallen. Deze wanhopige daad, gaf zó’n reactie van razernij, dat Israël opbrak en naar huis ging. Ook omdat ze wisten dat de God van Israël een mensen offer verafschuwd.     

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *