| Woord voor vandaag |
Dag: 161
Lezen: Lukas 8:1-8
Thema: Zaaien en oosten
Tekst voor vandaag: Lukas 8:4-8
HSV: [4] [1]Toen nu een grote menigte bijeenkwam en ze van alle steden naar Hem toe kwamen, zei Hij met een gelijkenis: [5] Een zaaier ging eropuit om zijn zaad te zaaien. En toen hij zaaide, viel het ene deel langs de weg, en het werd vertrapt en de vogels in de lucht aten het op. [6] En een ander deel viel op de rots, en toen het opgegroeid was, verdorde het door gebrek aan vocht. [7] En een ander deel viel te midden van de dorens, en de dorens, die mee opgroeiden, verstikten het. [8] En een ander deel viel in de goede aarde en toen het opgegroeid was, bracht het honderdvoudige vrucht voort. Toen Hij dit gezegd had, riep Hij: Wie oren heeft om te horen, laat hij horen.
NBV21: [4] Toen zich een grote menigte verzameld had en uit alle steden mensen naar Hem toe gekomen waren, vertelde Hij deze gelijkenis: [5] ‘Een zaaier ging eropuit om te zaaien. Tijdens het zaaien viel een deel van het zaad op de weg, en het werd vertrapt en door de vogels opgegeten. [6] Een ander deel viel op rotsachtige bodem, maar toen het opschoot, droogde het uit door gebrek aan water. [7] Weer een ander deel viel tussen de distels, en toen die opschoten verstikten ze het. [8] Maar er viel ook zaad in vruchtbare aarde, en toen het was opgeschoten droeg het honderdvoudig vrucht.’ Hij voegde er met luide stem aan toe: ‘Wie oren heeft om te horen, moet goed luisteren.’
BGT: [4] Uit alle steden kwamen er mensen naar Jezus luisteren. Toen er heel veel mensen waren, begon Jezus een verhaal te vertellen als voorbeeld. [5] Hij zei: ‘Een boer gaat naar zijn land om te zaaien. Hij strooit het zaad op het land, en een deel van het zaad valt op de weg. Mensen lopen eroverheen, of vogels eten het op. [6] Een ander deel van het zaad valt op harde grond vol stenen. Dat zaad groeit eerst goed, maar gaat dan snel dood doordat het geen water krijgt. [7] Weer een ander deel van het zaad valt tussen het onkruid. Door het onkruid kan dat zaad niet groeien. Het krijgt geen ruimte en gaat dood. [8] Maar een ander deel van het zaad valt in goede grond. Dat zaad groeit en wordt goed koren met wel honderd graankorrels.’ Daarna zei Jezus luid: ‘Laat dat goed tot je doordringen!’
Aantekening bij: Lukas 8:4-8
De gelijkenis van de zaaier. Al noemt men dit ‘de gelijkenis van de zaaier’, de zaaier is de mint belangrijke factor, Hij wordt alleen genoemd in vers 5 (vgl. het ontbreken in vers 11 met Markus 4:14). De aandacht gaat uit naar de verschillende soorten aarde waarin gezaaid wordt. gelijkenis. Zie aantekening bij Mattheüs 13:3; Markus 4:2. Voor vogels in de lucht, vgl. Lukas 9:58; 13:19; Handelingen 10:12; 11:6. op de rots, onder een dun laagje aarde. Wie oren heeft om te horen (vgl. Mattheüs 11:15; 13:9, 43; Markus 4:9; Lukas 14:35). Dit is een oproep om de gelijkenis te leren begrijpen en erover na te denken. Honderdvoudige, Zie aantekening bij Markus 4:8.
Aantekening bij:
Mattheüs 13:3 Jezus gaf Zijn morele of geestelijke lessen in de vorm van gelijkenissen en verkondigde zo de waarheid. Zijn gelijkenissen hebben een verschillend effect op verschillende mensen: de discipelen horen hierin de waarheid, maar die blijft bedekt voor de ‘menigten’ (vers 2 van Mattheüs 13; zie ook aantekening bij Mattheüs 5:2).
Mattheüs 5:2 Jezus was gaan zitten en Hij opende Zijn mond (een Joodse uitdrukking) en onderwees hen, nl. Zijn discipelen die tot Hem gekomen waren (vers1). ‘Discipelen’ (Grieks ‘leerlingen’) hadden Jezus aangenomen als de Messias; de ‘menigte’ (vers 1) was nieuwsgierig en stond versteld van Zijn leer en werken (Mattheüs 7:28-29), maar bleef grotendeels onverschillig.
Markus 4:2 Markus geeft voorbeelden van Jezus’ spreken door gelijkenissen. Gelijkenissen zijn voor harde harten een waarschuwing; voor open harten zijn het illustraties van Messiaanse Godsregering. Een gelijkenis bestaat uit een verhaal én de uitleg van de boodschap die er in zit.
Markus 4:8 In de gelijkenis zorgde de goede aarde ervoor dat het graan opkwam, groeide en veel vrucht droeg: dertig-, zestig-, en honderdvoudig. Normaal oogstte men vijf- á vijftienvoudig. Een tienvoudige opbrengst gold als een goede oogst, hoewel in sommige historische verslagen sprake is van uitzonderlijke oogsten tot honderdvoud (zie Genesis 26:12, waar de honderdvoudige oogst getuigt van Gods zegen).
[1] Mattheüs 13:[3] En Hij sprak tot hen veel dingen door gelijkenissen. Hij zei: Zie, een zaaier ging eropuit om te zaaien.
Markus 4:[2] En Hij onderwees hun veel dingen door gelijkenissen en zei in Zijn onderricht tegen hen: