Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

PSALM 100 : 1 – 2 

DAG 110

LEZEN: PSALM 100 

THEMA: Oproep

(HSV) Juich voor de HEERE, heel de aarde; [2] dien de HEERE met blijdschap, kom voor Zijn aangezicht met vrolijk gezang.     

(BGT) [1] Laat iedereen juichen voor de Heer! [2] Eer de Heer met vreugde. Kom bij hem met een vrolijk lied.   

Aantekening

Psalm 100  Deze psalm brengt de verzameling liederen over koningschap tot een einde, hoewel het hier niet expliciet gaat om het vereren van Gods koningschap. Het lied geeft een dringende oproep om in aanbidding voor de Heere te verschijnen. Evenals de psalmen over het Goddelijke koningschap nodigt deze psalm ‘heel de aarde’ (d.w.z. alle heidenvolken) uit om mee te doen met het zingen van Gods lof. Het opschrift maakt duidelijk dat de psalm bedoeld is om ‘voor de Heere te juichen’. Dat is zeker terecht, aangezien de gelovigen de universele Schepper danken voor het voorrecht ‘schapen van Zijn weide’ te zijn. De term ‘lofoffer’ (Hebreeuws todah) kan ook de naam zijn voor het dankoffer (Leviticus 7:12-15). Aangezien het dankoffer een maaltijd is in aanwezigheid van God, is het ook van toepassing op de psalm. Er is echter geen reden scherp onderscheid te maken. Psalm 100:4 gebruikt verder het woord in zijn gewone betekenis (naast ‘lofzang’). Diverse uitspraken zijn hier gekoppeld aan Psalm 95.

Psalm 100 : 1  Juich Zie ook Psalm 66:1, heel de aarde. De Heere is de Schepper van alle mensen, niet alleen van Israël, en Israël bestaat om licht te brengen voor heel de aarde.

Psalm 100 : 2  blijdschap … vrolijk gezang. Het bewustzijn van de goedheid van God (vers 5) en het grote voorrecht Hem in de eredienst te loven, geeft vreugde bij hen die zich welkom weten in Zijn aanwezigheid.

Dienen met blijdschap           Psalm 100 : 2       (Uit de Vrouwen Bijbel)

Het is soms moeilijk om de vreugde niet kwijt te raken als er in je leven zorgen, strijd en verdriet zijn. Toch kan deze psalm helpen je te focussen op wie jij ten diepste bent en Wie God is: wij zijn alleen van Hem, en Hij is onze goede Herder. Hoe dien jij Hem? Met blijdschap?

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 34 : 23 – 24

DAG 109

LEZEN: EZECHIËL 34 : 23 – 30 

THEMA: Herderlijke zorg

(HSV) [23] Ik zal over hen één [1]Herder doen opstaan en Die zal ze weiden: [2]Mijn Knecht [3]David. Híj zal ze weiden en Híj zal een Herder voor ze zijn. [24] En Ik, de HEERE, zal een God voor ze zijn, en Mijn Knecht David zal [4]Vorst zijn in hun midden. Ík, de HEERE, heb gesproken.        

(BGT) [23] Ik, de Heer, zal mijn schapen een nieuwe herder geven: mijn dienaar David. Hij zal de leider van mijn volk zijn, hij zal goed voor hen zorgen.  [24] Dan zal ik hun God zijn, en David zal hun leider zijn. Dat heb ik, de Heer, besloten.  

Aantekening

Ezechiël 34 : 23 – 24  Ezechiëls aankondiging van een Davidische Herder (vers 23: vgl. Genesis 37:24) komt overeen met die van Jeremia (Jeremia 23:5-6). De verbondsformule in Ezechiël 34:24 bevestigt de verhouding tussen God en het volk. Omdat het zo dicht bij vers 15 staat, is voor sommige commentatoren niet eenduidig welke herder bedoeld wordt: is de herder Goddelijk (vers 15) of menselijk (vers 23)? Het dilemma kan worden opgelost met een beroep op de geslaagdheid in de teksten, of door het aannemen van een hiërarchie tussen een Goddelijke Herder boven een menselijke. Een christologische lezing vindt hier een voorafschaduwing van de natuur van de Messias: tegelijk God en mens. Een dergelijke lezing verheldert Johannes 10:11-18, waar Jezus door te stellen dat Hij de ‘goede Herder’ is, zowel de Davidische Messias (Ezechiël 34:23) als de vleesgeworden God van Israël is (vers 15: vgl. Johannes 1:14). Ezechiël gebruikt vaak het woord ‘vorst’ in plaats van ‘koning’ en dat doet hij ook hier, hij duidt David aan als Vorst (Hebreeuws nasi’).

Eén Herder         Ezechiël 34 : 20 – 31              (Uit de Vrouwen Bijbel)

God Zelf zal een Herder zijn. Daarin lezen we natuurlijk een vooruitblik naar Jezus Christus, de goede Herder ([5]Johannes 10:14-15), in Ezechiël 34:20-31 lees je wat deze Herder allemaal zal doen. De schapen hebben de veiligheid van een goede Herder nodig, ze hebben zo veel nare ervaringen van andere herders. Ze hebben het ook nodig dat de goede Herder hun een veilige plek zal geven om te wonen, er is veel onherbergzaamheid. Welke ervaringen van schapen herken jij?


[1]  Jesaja 40:[11] Als een herder zal Hij Zijn kudde weiden: Hij zal de lammetjes in Zijn armen bijeenbrengen en in Zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtjes leiden.

   Johannes 10:[11] Ik ben de goede Herder; de goede herder geeft zijn leven voor de schapen.

[2]  Jesaja 42:[1] Zie, Mijn Knecht, Die Ik ondersteun, Mijn Uitverkorene, in Wie Mijn ziel een welbehagen heeft; Ik heb Mijn Geest op Hem gelegd. Hij zal tot de heidenvolken het recht doen uitgaan.

   Jesaja 50:[10] Wie is er onder u die de HEERE vreest, die luistert naar de stem van Zijn Knecht? Als hij in duisternissen gaat en geen licht heeft, laat hij dan vertrouwen op de Naam van de HEERE en steunen op zijn God.

   Jesaja 52:[13] Zie, Mijn Knecht zal verstandig handelen, Hij zal verhoogd worden en verheven, ja, zeer hoog verheven worden.

   Jesaja 53 :[11] Om de moeitevolle inspanning van Zijn ziel zal Hij het zien, Hij zal verzadigd worden. Door de kennis van Hem zal de Rechtvaardige, Mijn Knecht, velen rechtvaardig maken, want Hij zal hun ongerechtigheden dragen.

[3]  Jeremia 30:[9] maar zij zullen de HEERE, hun God, dienen, en hun Koning David, Die Ik hun zal doen opstaan.

[4]  Jesaja 55:[4] Zie, Ik heb Hem gegeven als Getuige voor de volken, als Vorst en Gebieder voor de volken.

[5]  Johannes 10 :[14] Ik ben de goede Herder en Ik ken de Mijnen en word door de Mijnen gekend, [15] zoals de Vader Mij kent en Ik de Vader ken; en Ik geef Mijn leven voor de schapen. 

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 34 : 11 – 12

DAG 108

LEZEN: EZECHIËL 34 : 11 – 22 

THEMA: Zoekende liefde

(HSV) [11] Want zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik zal Zelf naar Mijn schapen vragen en naar ze op zoek gaan. [12] Zoals een herder op zoek gaat naar zijn kudde op de dag dat hij te midden van zijn verspreide schapen is, zo zal Ik op zoek gaan naar Mijn schapen. Ik zal ze redden uit alle plaatsen waarheen ze verspreid zijn op de dag van wolken en donkerheid.  

(BGT) [11] Ik, de Heer, zal zelf op mijn schapen gaan letten. Ik zal zelf voor ze zorgen.  [12] Ik zal naar ze op zoek gaan, net zoals een herder naar zijn schapen zoekt. Want op een donkere, dreigende dag zijn mijn schapen weggejaagd. Ze zijn verspreid over de hele aarde. Maar ik zal ze bevrijden uit alle plaatsen waar ze naartoe gejaagd zijn.       

Aantekening

Ezechiël 34 : 11 – 16  God komt tussenbeide om het hierboven beschreven proces (Ezechiël 34:1-10) stap voor stap om te keren. Hij doet de schade, toegebracht door de mislukte herders, teniet (verzen 2-6, 8) door achtereenvolgens de verspreide schapen te zoeken (vers 12), bijeen te brengen (vers 13), te doen grazen (vers 14) en te verzekeren van een leven in veiligheid (vers 15). Over de aanduiding dat God Zelf als Herder Zijn schapen zal weiden (vers 15), zie vers 23. De samenvatting van vers 16 schildert het oordeel over de herders en het herstel van de kudde als twee aspecten van een enkel werk van God. In Johannes 10:9 spreekt Jezus over de kudde die ‘weide’ vindt (herinnerend aan Ezechiël 34:14).

Johannes 10 : [9] Ik ben de Deur; als iemand door Mij naar binnen gaat, zal hij behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden.

Overdenking:  In de tekst van Vandaag lezen wij over een Herder die Zijn schapen gaat zoeken. Gisteren was de vraag: Wie is de goede herder? En nu vandaag het antwoord: Het is de Heere HEERE zelf. De liefde van deze Herder laat Hem zoeken naar de verspreide schapen. Zo hoort een herder te doen, zijn schapen bijeen houden en zorgen voor een veilige plaats en grazige weiden. Het Johannes evangelie spreekt hier ook over, en wel met de woorden van Jezus zelf. Jezus zegt dat Hij de Deur is van die veilige plaats en dat we dus alleen door Hem naar binnen kunnen. God heeft zijn kudde zo lief dat hij op zoek gaat naar zijn schapen en Jezus Zijn zoon heeft gegeven als ingang voor zijn grazige weiden. Wat een zegen om Jezus te volgen en daar te rusten op die veilige plaats.  

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 34 : 10 

DAG 107

LEZEN: EZECHIËL 34 : 1 – 10 

THEMA: Wie is de Goede herder?

(HSV) [10] Zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik zál die herders! Ik eis Mijn schapen op uit hun hand, en doe hen ophouden met het weiden van de schapen. Die herders zullen zichzelf niet meer weiden en Ik zal Mijn schapen uit hun mond redden, zodat ze hun niet meer tot voedsel zijn.     

(BGT) [10] Ik ga mijn schapen bij jullie weghalen. Jullie mogen geen herders meer zijn. En jullie kunnen niet langer gebruikmaken van mijn schapen. Want ik ga mijn schapen redden, zodat jullie ze niet meer op kunnen eten.’      

Aantekening

Ezechiël 34 : 10  Er wordt geen duidelijke beschrijving van een straf gegeven, behalve dat deze situatie moet stoppen. De Goddelijke tussenkomst maakt het zeker dat dit gebeurt (zie aantekening bij de verzen 11-16).

Aantekening bij Ezechiël 34 : 11 – 16  God komt tussenbeide om het hierboven beschreven proces (Ezechiël 34:1-10) stap voor stap om te keren. Hij doet de schade, toegebracht door de mislukte herders, teniet (verzen 2-6, 8) door achtereenvolgens de verspreide schapen te zoeken (vers 12), bijeen te brengen (vers 13), te doen grazen (vers 14) en te verzekeren van een leven in veiligheid (vers 15). Over de aanduiding dat God Zelf als Herder Zijn schapen zal weiden(vers 15), zie vers 23. De samenvatting van vers 16 schildert het oordeel over de herders en het herstel van de kudde als twee aspecten van een enkel werk van God. In Johannes 10:9 spreekt Jezus over de kudde die ‘weide’ vindt (herinnerend aan Ezechiël 34:14).

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 33 : 32 – 33 

DAG 106

LEZEN: EZECHIËL 33 : 21 – 33 

THEMA: Het verleden is geen garantie voor de toekomst

(HSV) [32] En zie, u bent voor hen als een liefdeslied, met een mooie klank en goed gespeeld. Zij horen uw woorden, maar zij handelen er niet naar. [33] Maar als het komt – en zie, het komt – dan zullen zij weten dat er een profeet in hun midden geweest is.     

(BGT) [32] Ze zien jou als een zanger van liefdesliedjes. Een zanger die een mooie stem heeft en prachtige muziek maakt. Ze luisteren graag naar je, maar ze doen niet wat je zegt! [33] Maar de dingen die jij zegt, zullen echt gebeuren. Dan zullen ze begrijpen dat er een profeet bij hen was.’        

Aantekening

Ezechiël 33 : 32 – 33  Een woord voor de ballingen. Als het ‘indirecte’ gehoor voor vers 23-39 bestond uit mensen die nog in het land woonden, vormen de medeballingen van Ezechiël het ‘echte’ gehoor dat luisterde. Hun vreugde over de berisping, bestemd voor de op land beluste landgenoten, is voorbij als Ezechiël ertoe overgaat hen ervan te beschuldigen dat ze eveneens uit zijn op winstbejag (vers 31). Alles bij elkaar genomen behandelen zij de profetische woorden als louter vermaak (vers 32). Er wordt geen oordeel uitgesproken, maar de dreiging ligt erin opgesloten (vers 33).

Sla alarm!           Ezechiël 33 – 34            (Uit de Mannen Bijbel)

In Ezechiël 33 wordt de profeet opnieuw aangesteld als ‘wachter’. Er is namelijk verandering op komst. Binnenkort zal in Babel bekend worden dat Jeruzalem verwoest is (zie Ezechiël 33:21-22). Vanaf dit dieptepunt mag Ezechiël hoopvolle woorden spreken tot een volk dat nu geen hoop op mensen meer heeft. bij God zijn dieptepunten geen eindpunten. Maar er zijn wel ‘spelregels’. Ezechiël moet Israël waarschuwen voor Gods oordeel én wijzen op de uitweg die God geeft om aan dat oordeel te ontkomen. De hoorders hebben de plicht om te luisteren en deze uitweg te gebruiken. Het is als met een wachter op de muur. Ziet hij de vijand komen maar slaat hij geen alarm, dan zijn de gevolgen aan hem te wijten. Maar wie het alarmsignaal negeert, is daar zelf verantwoordelijk voor. Iedere man en vader is geroepen om ‘op wacht te staan’ in gezin en samenleving. De dag komt dat God oordeelt over heel deze wereld. En hoewel ‘waarschuwen’ een negatieve klank heeft, is dat toch het beste wat je kunt doen. Waarschuw met liefde en nodig met bewogenheid mensen ertoe uit om Jezus te erkennen als hun Verlosser. Want God zal niet altijd blijven waarschuwen. Er is ook een ‘te laat’.

Liefdeslied          Ezechiël 33 : 31 – 32              (Uit de Vrouwen Bijbel)

Liederen waarin de liefde centraal staat, doen het altijd goed. Helemaal als ze mooi klinken en door een goede band worden gespeeld. Ezechiël wordt vergeleken met een liefdeslied: Israël hoort de woorden van bekering (Ezechiël 33:10-20), maar zij handelt er niet naar. Het lied geeft hun hooguit een goed gevoel. Als Gods woorden je alleen maar een goed gevoel geven, maar je verder niet je leven verandert, kun je dan niet net zo goed de muziek uitzette?

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 33 : 18 – 19 

DAG 105

LEZEN: EZECHIËL 33 : 12 – 20 

THEMA: Afkeren of terugkeren

(HSV) [18] Als een rechtvaardige zich afkeert van zijn gerechtigheid en onrecht doet, zal hij daardoor sterven, [19] maar als een goddeloze zich bekeert van zijn goddeloosheid en recht en gerechtigheid doet, zal hij daarom in leven blijven.         

(BGT) [18] Een goed en eerlijk mens zal sterven als hij stopt met zijn goede gedrag, en slechte dingen gaat doen.  [19] En een misdadiger zal in leven blijven als hij stopt met zijn misdaden, en zich goed gaat gedragen.      

Aantekening

Ezechiël 33 : 10 – 20  Morele verantwoordelijkheid (opnieuw). Als de waarschuwingen verdergaan, valt de nadruk op het volk. Deze passage gaat gelijk op met die van Ezechiël 18:19-29 (zie aantekening). Die eindigde met een oproep tot bekering (Ezechiël 18:30-32). Hier verschijnt een dergelijke oproep niet, maar de volgende Godsspraak vertegenwoordigt het belangrijkste punt in de dienst van de profeet.

Aantekening bij Ezechiël 18:19-24  Waarom draagt de zoon de zoon de ongerechtigheid van zijn vader niet?Ezechiël loopt nu vooruit op zijn gehoor. Dat publiek houdt nog vast aan de traditionele opvatting die besloten ligt in het spreekwoord, dat nu achterhaald is {vers 1-2:  [1] Het woord van de HEERE kwam tot mij: [2] Wat is er met u dat u dit spreekwoord gebruikt over het land van Israël: De vaders eten onrijpe druiven, en de tanden van de kinderen worden stomp?}.

Overdenking

Als wij de vertaling van de Bijbel in Gewone Taal lezen, begrijpen wij misschien beter wat er staat in de verzen 18 en 19 van Ezechiël 33. Voor mij werd dus duidelijk dat ik als ik nu eerlijk en goed ben, en mij daarvan zou gaan afkeren, dus stop met mijn goed gedrag zal ik sterven. Dat is wat hier staat. Maar ook het tegenovergestelde is mogelijk. Als ik een misdadiger ben en zo door het leven ga, mij daarvan zou afkeren, dan zou ik in leven blijven en zou het goed mij gaan. Maar in ons dag thema staat ook terugkeren. Hoe moet ik dat dan zien? Dat is volgens mij hetzelfde als omkeren. Dus als ik slecht en oneerlijk ben en ik bekeer mij daarvan, dus ik keer terug, naar het goede en eerlijk, blijf ik leven. Ook is dat zo, als ik terugkeer naar mijn slechte misdadige leven, dat ik dan zal sterven! Wat een Grote en Liefdevolle Vader hebben wij, dat wij altijd weer bij Hem mogen terug keren, en als wij dan onze fouten en zonden oprecht belijden, Hij ons weer vergeeft en ons weer rein en zuiver voor Hem maakt. Maar wij moeten niet vergeten, wat Jezus dat heeft gekost. Laten we daarom Hem (Jezus) daar dagelijks voor danken en luisteren naar wat de Heilige Geest ons heeft te zeggen. Ook als je net als ik, luisteren vaak moeilijker vind dan spreken (vragen). Maar ook in dit probleem weet ik dat de Vader, genadig is en wil helpen, als wij Hem daarom vragen. Wat een gezegende kinderen zijn wij.  

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 33 : 7 

DAG 104

LEZEN: EZECHIËL 33 : 1 – 11 

THEMA: Een gewaarschuwd mens

(HSV) [7] En u, mensenkind, Ik heb u aangesteld tot [1]wachter over het huis van Israël. U zult een woord uit Mijn mond horen en u moet hen namens Mij waarschuwen.

(BGT) [7] Luister, mensenkind. Jij bent zo’n bewaker. Want ik heb jou uitgekozen om het volk van Israël te bewaken. Steeds als je mijn woorden hoort, moet je de mensen waarschuwen.    

Aantekening

Ezechiël 33 : 1 – 9  De Wachter (opnieuw). Zie ook Ezechiël 3:16-21. God, en de profeet en het volk zijn in deze verzen onlosmakelijk met elkaar verbonden. De rol van de wachter (Ezechiël 33:2, 6, 7) treedt op de voorgrond. Hij moet handelen naar wat hij ziet (vers 3, 6). Vers 2 geeft al de opzet voor de gelijkenis van vers 2–6 over het land zelf, en de Godsspraak in zijn geheel (vers 2-9) is gericht tot uw volksgenoten. Zij zijn verantwoordelijk om de waarschuwingen van de wachter in acht te nemen (vers 4-5). De wachter moet zorgvuldig zijn om de handelingen van God te onderscheiden (Wanneer Ik een zwaard breng … en die ziet, vers 2-3), maar God Zelf spreekt het Goddelijke woord tot de profeet (vers 7). De verzen 7-9 zijn nagenoeg gelijk aan Ezechiël 3:17-19.

Waarschuwende wachter       Ezechiël 33 : 1 – 9               (Uit de Vrouwen Bijbel)

Ezechiël wordt vergeleken met een wachter die het volk moet waarschuwen namens God. Doet hij dit niet, dan wordt Ezechiël hier verantwoordelijk voor gehouden. Is dit alleen een taak voor bepaalde mensen of is elke gelovige een wachter namens God? Hoe doe jij dat, mensen waarschuwen? Wat voor soort wachter ben jij?  


[1]  Ezechiël 3:[17] Mensenkind, Ik heb u aangesteld tot wachter over het huis van Israël. Wanneer u uit Mijn mond een woord hoort, moet u hen namens Mij waarschuwen.

     [18] Als Ik tegen de goddeloze zeg: U zult zeker sterven, en u hebt hem niet gewaarschuwd en u hebt niet gesproken om de goddeloze voor zijn goddeloze weg te waarschuwen om hem in het leven te behouden: die goddeloze zal in zijn ongerechtigheid sterven, maar Ik zal zijn bloed van uw hand eisen.

     [19] Maar u, als u de goddeloze waarschuwt en hij zich niet van zijn goddeloosheid en van zijn goddeloze weg bekeert, zal hij in zijn ongerechtigheid sterven, maar u hebt uw leven gered.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

PSALM 81 : 2 – 4 

DAG 103

LEZEN: PSALM 81  

THEMA: Liefdesverklaring

(HSV) [2] Zing vrolijk voor God, onze kracht; juich voor de God van Jakob. [3] Hef psalmgezang aan en laat de tamboerijn horen, de lieflijke harp met de luit. [4] Blaas op de bazuin bij nieuwemaan, bij vollemaan, op onze feestdag.    

(BGT) [2] Zing voor God, want hij beschermt ons! Juich voor de God van Jakob. [3] Zing een lied en maak muziek, sla op de trommel en speel op de harp. [4] Blaas op de trompet als we feestvieren, bij nieuwe maan en bij volle maan.  

Aantekening

Psalm 81  Het is niet gemakkelijk deze psalm in een bepaalde categorie onder te brengen. Hij lijkt op de Godsspraken van de oudtestamentische profeten. Misschien kan men hem daarom het best een profetisch lied noemen. Voorspelling is niet de primaire functie van de oudtestamentische profeten, net zomin als van deze psalm: hun doel is eerder Gods volk aan te moedigen tot trouw aan het verbond, door te spreken over de zegeningen van het verbond of over straffen die zullen komen, afhankelijk van het antwoord van het volk daarop. Deze psalm overziet de geschiedenis van het verbond vanaf het begin (met gebruikmaking van de Pentateuch), klaagt Israël aan wegens ontrouw en dringt erop aan het verbond in acht te nemen. Dan zou God Israëls vijanden onderwerpen. Vers 4 heeft betrekking op de bazuin bij nieuwemaan en bij vollemaan. Dit zou kunnen aangeven dat de psalm bestemd was voor de eerste dag van de zevende maand (de nieuwemaan) en het Loofhuttenfeest op de vijftiende dag van dezelfde maand (bij vollemaan). De plechtigheid van de Grote Verzoendag viel daar tussenin (Leviticus 23:23-36). Ongetwijfeld is de inhoud van heel deze psalm daarop gericht.

Psalm 81 : 2 – 4  Zing vrolijk voor God. Deze oproep voor de eredienst is een uitbundige. Het volk moet ‘juichen’ en diverse muziekinstrumenten bespelen: tamboerijn, harp, luit en bazuin. De nieuwemaan en de vollemaan zijn het begin en het midden van maanden in het oude Israël. Zoals de aantekening bij psalm 81 aangeeft, zou dit kunnen aantonen dat de psalm bedoeld was voor de ‘gedenkdag aangekondigd door bazuingeschal’ (Leviticus 23:23-25) en daarna het Loofhuttenfeest (Leviticus 23:33-36), het begin en midden van de zevende maand. De rest van de psalm is tamelijk somber van toon, en de uitbundigheid van deze verzen herinnert de gelovigen eraan dat zelfs het horen van sommige ernstige woorden van de Heere een voorrecht is, een lied en viering waardig.

Feest verstoord        Psalm 81: 2 – 6a,  6b – 17         (Uit de Vrouwen Bijbel)

De feestjubel waarmee deze psalm inzet, wordt verstoord door een profetische waarschuwing. Het volk wordt opgeroepen om weer te luisteren naar God en Zijn gebod om Hem alleen te dienen. Blijkbaar kan dat: God danken en tegelijkertijd niet luisteren, met onze eigen plannen bezig zijn in plaats van God alleen te dienen. Daarvan wil God ons bevrijden. Dan is er pas echt feest!

WIE WAS ASAF EN WAT DEED HIJ?

De bekendste Asaf is een Leviet, muzikant, zanger, dichter en ziener. Hij is een van de drie koorleiders aan het hof van koning David. Hij bespeelt de cymbalen. David geeft hem en zijn verwanten de taak dagelijks de diensten bij de Ark van het Verbond te verzorgen.

Asaf is waarschijnlijk de componist van een aantal psalmen: psalm vijftig en psalm 73 tot 83. Overlappende thema’s van deze psalmen zijn het oordeel van God, de noodzaak van je houden aan zijn wet, lofprijzing en dankzegging. Ook beschrijft hij zijn worstelingen met God in sommige van deze psalmen.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

JESAJA 27 : 12 – 13 

DAG 102

LEZEN: JESAJA 27 : 2 – 13 

THEMA: Hoop

(HSV) [12] Op die dag zal het gebeuren dat de HEERE de aren zal uitkloppen vanaf de rivier tot aan de Beek van Egypte; en ú, Israëlieten, [1]zult worden opgeraapt, één voor één. [13] Op die dag zal het gebeuren dat op een grote bazuin geblazen zal worden. Dan zullen zij komen die verloren waren in het land van Assyrië, die verdreven waren naar het land Egypte. En zij zullen zich voor de HEERE neerbuigen op de heilige berg in Jeruzalem.       

(BGT) [12] Later zal de Heer zijn volk weer bij elkaar brengen. Hij zal de Israëlieten verzamelen, zoals je het koren verzamelt van een gemaaid stuk land. Hij zal de Israëlieten bij elkaar brengen, één voor één. Hij haalt ze overal vandaan: helemaal uit het oosten, bij de rivier de Eufraat, en ook helemaal uit het westen, bij de grens met Egypte.  [13] Dan wordt er op de grote trompet geblazen. De Israëlieten die meegenomen waren naar Assyrië of Egypte, zullen terugkomen naar Jeruzalem. En daar zullen ze buigen voor de Heer, op zijn heilige berg.    

Aantekening

Jesaja 27 : 1 – 13  De hele wereld zal met vrucht vervuld worden. God vernietigt het kwaad en brengt heel Zijn volk naar huis.

Jesaja 27 : 12  vanaf de rivier (de eufraat) tot aan de Beek van Egypte. De grenzen van het Beloofde Land (vgl. Genesis 15:18). opgeraapt, één voor één. God wil Zijn uitverkoren volk verzamelen met zorg voor ieder persoonlijk. Het landelijke beeld past bij de ‘wijngaard’ in Jesaja 27:2-6.

Jesaja 27 : 13  grote bazuin, passend bij het grote zwaard van vers 1. Op de Verzoendag werd met de bazuin het jubeljaar aangekondigd om ‘vrijlating in het land’ uit te roepen (Leviticus 25:8-12). Assyrië … Egypte. Zie Jesaja 19:23-25. Heel Gods volk wordt verzameld, niemand uitgezonderd. heilige berg.Zie Jesaja 2:2-4; 25:6-7; 65:17-25; 66:22-23; Openbaring 21:9-11.

De verwijs Bijbel verwijst hier bij Jesaja 27:13 naar:  Mattheüs 24:     [31] En Hij zal Zijn engelen uitzenden onder luid bazuingeschal, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenbrengen uit de vier windstreken, van het ene uiterste van de hemelen tot het andere uiterste ervan.

En:  Openbaring 11:[15] En de zevende engel blies op de bazuin, en er klonken luide stemmen in de hemel, die zeiden: De koninkrijken van de wereld zijn van onze Heere en van Zijn Christus geworden, en Hij zal Koning zijn in alle eeuwigheid. [16] En de vierentwintig ouderlingen, die voor God op hun troon zitten, wierpen zich met hun gezicht ter aarde en aanbaden God,


[1]  Jesaja 17:[5] Het zal hem vergaan zoals wanneer een maaier het staande koren bij elkaar pakt, en met zijn arm de aren oogst. Ja, het zal hem vergaan zoals wanneer iemand aren verzamelt in het dal Refaïm.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

JESAJA 26 : 19

DAG 101

LEZEN: JESAJA 26 : 12 – 27 : 1 

THEMA: Leven!

(HSV) [19] Uw doden zullen leven – ook mijn dood lichaam – zij zullen opstaan. Ontwaak en juich, u die woont in het stof, want Uw dauw zal zijn als dauw op jong, fris groen en de aarde zal de gestorvenen baren. [20] Ga, Mijn volk, treed uw kamers binnen, sluit uw deuren achter u. Verberg u voor een klein ogenblik, totdat de gramschap over is. [21] Want zie, de HEERE gaat uit Zijn plaats om de ongerechtigheid van de bewoners van de aarde aan hen te vergelden. De aarde zal het bloed dat erop vergoten is, aan het licht brengen. Zij zal haar gedoden niet langer bedekt houden.   

(BGT) [19] Doden die in de aarde liggen, word wakker en juich! Heer, uw doden zullen weer leven, de doden van uw volk zullen weer opstaan. Heer, uw regen brengt leven op aarde, en de aarde geeft de doden weer terug.’ [20] De Heer zegt: ‘Mijn volk, jullie moeten nog even wachten. Wacht totdat ik niet meer woedend ben. Ga maar weer naar binnen, en doe de deur goed achter je dicht.  [21] Want ik verlaat mijn woning. Ik zal de mensen op aarde straffen, omdat ze onschuldige mensen gedood hebben. Hun misdaden zullen voor niemand geheim blijven. De aarde zelf zal laten zien wat er gebeurd is.’      

Aantekening

Jesaja 26 : 19 – 21  De glorierijke toekomst is aanstaande, maar er is nog waarschuwing.

Jesaja 26 : 19 Tegenover het definitieve van de dood in vers 14 verheugt vers 19 zich in de lichamelijke opstanding van heel Gods volk. Het falen van vers 16-18 komt door Gods kracht tot een dramatische ommekeer. Uw dauw. Gods leven gevende kracht daalt op Zijn gestorven volk neer.

De verwijs Bijbel verwijst bij Jesaja 26:19 naar:  Mattheüs 27:[50] Jezus riep nogmaals met luide stem en gaf de geest. [51] En zie, het voorhangsel van de tempel scheurde in tweeën, van boven tot beneden; de aarde beefde en de rotsen scheurden; [52] ook werden de graven geopend en veel lichamen van heiligen die ontslapen waren, werden opgewekt; [53] en na Zijn opwekking gingen zij uit de graven, kwamen in de heilige stad en zijn aan velen verschenen.