HSV: [6] Ismaël, de zoon van Nethanja, ging Mizpa uit, hun tegemoet, en ging al huilend zijn weg. Het gebeurde, zodra hij hen tegenkwam, dat hij tegen hen zei: Kom naar Gedalia, de zoon van Ahikam. [7] Het gebeurde echter zodra zij in het midden van de stad gekomen waren, dat Ismaël, de zoon van Nethanja, hen afslachtte. Hij en de mannen die bij hem waren, wierpen hen midden in de put. [8] Er bevonden zich echter onder hen tien mannen die tegen Ismaël zeiden: Breng ons niet ter dood, want wij hebben verborgen voorraden in het veld: tarwe, gerst, olie en honing. Toen zag hij ervan af en bracht hen niet ter dood te midden van hun broeders.
NBV21: [6] Jismaël, de zoon van Netanja, kwam hun vanuit Mispa huilend tegemoet. Bij hen aangekomen zei hij: ‘Gedalja, de zoon van Achikam, heet u welkom.’ [7] Maar zodra ze in de stad waren, slachtten Jismaël en zijn mannen hen af. Hun lijken gooiden ze in een waterkelder. [8] Tien van hen zeiden: ‘Dood ons niet, wij hebben voorraden in het veld verborgen: tarwe, gerst, olijfolie en vruchtenstroop.’ Deze tien liet Jismaël ongemoeid, zodat ze niet net als de anderen werden vermoord.
BGT: [6] Vanuit Mispa kwam Jismaël de groep mannen tegemoet. Hij deed alsof hij ook verdriet had. Hij zei: ‘Kom mee naar Gedalja, de zoon van Achikam.’ [7] Maar toen de mannen Mispa binnenkwamen, werden ze door Jismaël en zijn mannen vermoord. Hun lichamen werden in een put gegooid. [8] Maar er bleven tien mannen in leven. Want zij hadden geroepen: ‘Dood ons niet! Wij hebben geheime voorraden buiten de stad! We zullen jullie tarwe, gerst, olijfolie en honing geven.’ Die tien mannen werden met rust gelaten. Ze werden niet vermoord, zoals de anderen.
Aantekening bij: Jeremia 41:6-8
Ismaël biedt voor de schijn vrijgeleide naar Gedalia (die hij net heeft vermoord, Vers 2) en laat vervolgens 70 van de pelgrims afslachten, blijkbaar om te voorkomen dat van zijn eerste misdaad getuigen blijven leven. Hij spaart er 10 omdat ze kostbaar voedsel aanbieden. De lijken gooit hij in een put (zie aantekening bij Jeremia 38:6).
Aantekening bij Jeremia 38:6 Anders dan in Jeremia 37:20-21 kan Jeremia niet voorkomen dat hij in een put wordt gegooid, in feite een waterreservoir. Zulke uit de rotst uithouwen putten hadden vanboven een smalle opening en liepen breed uit naar onderen. Ontsnappen was praktisch onmogelijk, dus zulke pitten vooral zijn gebruikt voor zware misdadigers (vgl. Genesis 37:20). In dat slijk zakte Jeremia weg. Een langzame dood, en dan in het vuil.
Uit de vrouwen Bijbel
Afgunst Jeremia 41:1-7
Gedalia ontvangt Ismaël (familie van koning David) en zijn mannen. Ondanks dat hij gewaarschuwd is, wil hij niet geloven dat deze man kwaad in de zin heeft. Toch is dat het geval, want Gedalia en veel andere mannen worden gedood. Waarschijnlijk is afgunst de reden van deze staatsgreep. Met verschrikkelijke gevolgen.