| Dag tekst – 254 |
Lezen: Handelingen 12 : 1 -17
Tekst voor vandaag: Handelingen 12:17
HSV: [17] En hij gebaarde hun [1]met de hand dat zij zwijgen moesten, en hij vertelde hun hoe de Heere hem uit de gevangenis geleid had en zei: Vertel dit aan Jakobus en de broeders. En hij ging naar buiten en reisde naar een andere plaats.
Overdenking: Toen ik de tekst van vandaag las en er over nadacht, kwam bij de gedachte op wat kan je veel zeggen door alleen maar je hand te bewegen. Het schepping verhaal is ook zoiets aanwezig; door één woord ontstond er iets. Maar dat was het Woord van God, daar zit kracht in. Maar als de Hand van God iets doet dan komt het werk van die hand tot een voleinding en als je met de hand vastpakt, laat Hij je nooit zomaar los. Maar nu terug naar vandaag Petrus gaf met de hand aan dat ze moesten zwijgen. Dit was natuurlijk nodig voor zijn veiligheid. Hij was de gevangenis ontvlucht en ze zouden hem zeker gaan zoeken. Als je de hele tekst van vandaag goed laat tot je doordringen is het toch een heel groot wonder. God leidt Petrus uit de gevangenis, Hij heeft hier zijn Hand in dit gebeuren. Door dat Petrus deed wat de engel hem gebood kwam hij vrij. Petrus wist dat het de Heere was en vertrouwde ook verder op Hem. Om de vrijheid te behouden reisde Petrus naar een andere plaats. Zijn werk voor de Heere hier op aarde was nog niet klaar en door dit wonder werd God groot gemaakt.
NBV-21: [17] Hij gebaarde dat ze moesten zwijgen en legde uit hoe de Heer hem uit de gevangenis had bevrijd. Daarna zei hij: ‘Stel Jakobus en de anderen hiervan op de hoogte.’ Toen vertrok hij naar elders.
BGT: [17] Petrus gaf met zijn hand een teken dat iedereen stil moest zijn. Daarna vertelde hij hoe de Heer hem uit de gevangenis bevrijd had. En hij zei: ‘Ga aan Jakobus en de andere christenen vertellen wat er gebeurd is.’ Toen ging hij weg.
[1] Handelingen 13: [16] Toen stond Paulus op, wenkte met de hand en zei: Israëlitische mannen en u die God vreest, luister:
Handelingen 19: [33] En men liet Alexander uit de menigte naar voren komen, omdat de Joden hem naar voren duwden. En nadat Alexander met zijn hand gewenkt had, wilde hij zich tegenover het volk verdedigen.
Handelingen 21: [40] En toen hij het toegestaan had, gaf Paulus, staande op de trappen, het volk een wenk met de hand. En toen er een grote stilte gevallen was, sprak hij hen toe in de Hebreeuwse taal en zei: