| Woord voor vandaag |
Dag: 238
Lezen: 1 Koningen 11:26-43
Thema: Verscheuring in gang gezet
Tekst voor vandaag: 1 Koningen 11:31
HSV: [31] Hij zei tegen Jerobeam: Neem er tien stukken van voor uzelf. Want zo zegt de HEERE, de God van Israël: [1]Zie, Ik ga het koninkrijk uit de hand van Salomo losscheuren en Ik zal u tien stammen geven.
NBV21: [31] Toen zei hij tegen Jerobeam: ‘Neem tien van deze stukken, want dit zegt de HEER, de God van Israël: Hierbij scheur Ik het koningschap van Salomo los en geef Ik jou tien stammen.
BGT: [31] Hij zei tegen Jerobeam: ‘Neem tien van deze stukken. Want de Heer, de God van Israël, zegt: ‘Ik zal het koninkrijk van Salomo in stukken scheuren. Aan jou, Jerobeam, geef ik tien gebieden.
Aantekening bij:
1 Koningen 11:26-33 Salomo’s grootste vijand, Jerobeam, de zoon van Nebat, stand als het ware op zijn stoep. Hij was vroeger opzichter over de hele lichting werklieden van het huis van Jozef die bij de bouwwerken in Jeruzalem geholpen hadden (vers 27-28). Hij werd buiten de stad benaderd door de profeet Ahia (vers 29), die een profetie had over het koningschap. Het tafereel doet denken aan de verwerping van Saul in 1 Samuël 15. Ook daar werd een mantel verscheurd als teken dat God het koninkrijk afscheurde van een regerend vorst (vgl. 1 Samuël 15:27-28; 1 Koningen 11:11). Hier wordt het kleed in twaalf stukken gescheurd en Jerobeam krijgt er tien van als symbool van de tien noordelijke stammen (vers 30-31). één stam zal overblijven omwille van David en Jeruzalem (d.w.z.Juda). Benjamin wordt in dit rijtje niet genoemd (vgl. 1 Koningen 12:21), misschien om dat deze stam gewoonlijk bij het grondgebied van Jeruzalem werd gerekend, zoals bij een Kanaänitische stadstaat vaak het geval was. Het gebied eromheen hoorde bij de stad en werd verder niet genoemd.
Uit de mannen Bijbel
Moeder 1 Koningen 11:26
Het is eigenlijk vreemd dat de afstamming in de Bijbel wordt weergegeven met de namen van vader op zoon. Want in het Joodse denken loopt de Joodse identiteit juist via de moeder.
Bij de koningen merken we dat we bij hun naam vaak ook de vermelding van de moeder vinden. Bij Jerobeam staat nadrukkelijk ook de naam van zijn moeder Zerua genoemd. Je vindt dat bij voorbeeld ook bij Rehabeam (1 Koningen 14:21) en bij Josafat (1 Koningen 22:42). Ongetwijfelt speelt daarbij een rol dat er in die dagen sprkae is van polygamie (veelwijverij). Dit geldt zeker voor de koningen. Als je weet wie de moeder is, weet je daarom meer dan wanneer je weet wie de vader is. Zeker op jonge leeftijd zorgde de moeder vooral voor de (godsdienstige) opvoeding van de kinderen.
[1] 1 Samuël 15:[28] Toen zei Samuel tegen hem: De HEERE heeft vandaag het koningschap van Israël van u afgescheurd en het aan uw naaste gegeven, die beter is dan u.