| Woord voor vandaag |
Dag: 226
Lezen: 1 Koningen 9:1-9
Thema: Niets zal God ontgaan
Tekst voor vandaag: 1 Koningen 9:6
HSV: [6] Maar [1]als u en uw kinderen zich ooit van achter Mij afkeren en Mijn geboden en Mijn verordeningen, die Ik u voorgehouden heb, niet in acht nemen, maar andere goden gaan dienen en zich voor hen neerbuigen,
NBV21: [6] Maar mochten jullie of je nakomelingen je van Mij afwenden en je niet houden aan de geboden en bepalingen die Ik jullie heb opgelegd, en in plaats daarvan andere goden gaan vereren en voor hen neerknielen,
BGT: [6] De Heer zei verder: ‘Als je dat niet doet, zal ik je straffen. Als jij of je nakomelingen mij verlaten, als jullie andere goden gaan vereren,
Aantekening bij:
1 Koningen 9:6 als u en uw kinderen zich ooit van achter Mij afkeren. God had bepaald – zoals Salomo had gevraagd – dat de tempel de centrale plaats voor het gebed zou zijn (vers 3; vgl. 1 Koningen 8:27-53). Ook had hij een positief antwoord gekregen op zijn verzoek over de toekomst van het koningshuis (1 Koningen 9::4-5; vgl. 8:25-26). Maar de toekomst van de tempel en van het koningshuis hangen af van de gehoorzaamheid van Salomo en de volgende generaties van Israëlieten. De nadruk ligt hier vooral op het probleem van afgoderij: het volk mag geen andere goden gaan dienen en zich voor hen neerbuigen.
Uit de vrouwen Bijbel
Gods appél 1 Koningen 9:3-9
God verschijnt opnieuw aan Salomo en reageert op diens dertien jaar eerder uitgesproken gebed. Maar de toon van Gods spreken is anders dan toen. De Heere wijst nu op de gevolgen van het verlaten van Hem en het dienen van afgoden. De tempel kan alleen dan tempel zijn als het volk het verbond in ere houdt. De kerk kan alleen kerk zijn als ze God erkent als de God van het verbond met Israël. Maakt dit ons als christen bescheiden?
[1] 2 Samuël 7:[14] Ík zal hem tot een Vader zijn, en híj zal Mij tot een zoon zijn, wat wil zeggen: als hij zich misdraagt, zal Ik hem terechtwijzen met een stok als van mensen en met slagen als van mensenkinderen.
Psalm 89:[30] Ik zal zijn nageslacht voor eeuwig laten bestaan en zijn troon als de dagen van de hemel.
Psalm 89:[31] Als zijn kinderen Mijn wet verlaten en in Mijn bepalingen niet gaan, enz.