Tekst van de dag Je wachter zal niet sluimeren
Lezen: Jesaja 51 : 9 – 16
Maandag 21 december 2020 Jesaja 51 : 12 – 13
(HSV) [12] Ik, Ik ben het Die u troost. Wie bent u dat u bevreesd bent voor een sterveling, die sterven moet, voor een mensenkind, gras, dat vergaat, [13] en dat u de HEERE vergeet, Die u gemaakt heeft, [1]Die de hemel uitgespannen heeft en de aarde gegrondvest, en dat u voortdurend, de hele dag, angstig bent vanwege de woede van de onderdrukker, wanneer hij zich gereedmaakt om u te gronde te richten? Waar is dan de woede van de onderdrukker?
(BGT) [12] De Heer zegt: ‘Volk van Israël, ik zal jullie troosten, ik zal jullie beschermen. Je hoeft niet bang te zijn voor andere mensen. Want mensen zijn zwak, ze leven maar kort. Net als een bloem die maar even bloeit en dan doodgaat. [13] Jullie hoeven ook niet bang te zijn voor jullie vijanden. Wees niet bang dat ze jullie vernietigen. Ze durven zich niet eens te laten zien!
Aantekening
Jesaja 51 : 12 – 13 > De Schepper berispt Zijn volk om hun vrees. Ik, Ik ben het beantwoordt het dubbele ‘Ontwaakt, ontwaakt’ van Jesaja 51:9. Wie bevreesd is voor een sterveling is iemand die de Heere vergeet. Menselijke tegenstand tegen God houdt toch geen stand! Waar is dan de woede van de onderdrukker? Menselijke woede is niets vergeleken bij Gods toorn (vgl. Mattheüs 10:28).
Schepsel Jesaja 51 : 7, 13 (Uit de Vrouwen Bijbel)
Jesaja noemt ons stervelingen en mensenkinderen (vers12). Dat laat zien wie we zijn. Soms hebben we de neiging om anderen boven of onder ons te plaatsen. Zo wordt de een geminacht, en de ander op een voetstuk geplaatst. Maar dit is niet wat God bedoeld heeft. Hij is God, de Schepper, geef Hem de eer die Hem toekomt. Wij zijn allemaal Zijn schepselen. Niet meer, maar ook niet minder. Kijk naar elkaar vanuit Zijn perspectief.
[1] Job 9:8; Psalm 104:2; Jesaja 40:22; 42:5; 44:24