Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Vrijdag 11 januari 2019 – 2 Petrus 1:2-3

[1]Moge genade en vrede voor u [2]vermeerderd worden [3]door de kennis van God en van Jezus, onze Heere. Immers, Zijn Goddelijke kracht heeft ons alles geschonken wat tot het leven en de godsvrucht behoort, door de kennis van Hem Die ons geroepen heeft door Zijn heerlijkheid en Zijn deugd.

(BGT) Ik wens jullie toe dat God goed voor jullie is en jullie voor altijd vrede geeft. Dan zullen jullie God en onze Heer Jezus steeds beter leren kennen.De machtige God heeft aan jullie en mij alles gegeven wat nodig is om te leven zoals hij het wil. Hij heeft ons uitgekozen om bij hem te horen, en hij heeft ervoor gezorgd dat wij hem kennen. Daardoor weten we hoe machtig en hoe volmaakt hij is.

Aantekening

2 Petrus 1 : 2  >  In de eerste zegenwens voor degenen aan wie hij schrijft, noemt Petrus een terugkerende gedachte in de brief: ware kennis van God en van Jezus.Net als vers 1 wijst vers 2 op de Godheid van Christus (vgl. aantekening bij vers 1) want zowel God als Christus is het voorwerp van deze kennis.

[Aantekening bij 2 Petrus 2:1  >  Simeon.Een Hebreeuwse spelling van Simon (vgl. Handelingen 15:14). Petrusschrijft als apostel van Jezus Christusaan hen die een even kostbaargeloof hebben ontvangen, waaruit blijkt dat alle gelovigen gelijke rechten hebben voor God. Deze positie werd verworven door de gerechtigheid van onze God en Zaligmaker, Jezus Christus.‘Gerechtigheid’ verwijst hier naar Gods reddende gerechtigheid, wat laat zien dat het geloof een gave is van Jezus, Jezus wordt genoemd ‘God en Zaligmaker’, waardoor dit een van de duidelijkste nieuwtestamentische verklaringen is van de Goddelijkheid van Christus.]

2 Petrus 1 : 3  >  Goddelijke kracht.God Zelf is handelend opgetreden in Zijn oneindige macht om verlossing te bewerken. Alleen Hij kon dit doen, het menselijk vermogen was daartoe niet in staat. Hij heeft ons geroependoor Zijn heerlijkheid en Zijn deugd.Gelovigen zijn geroepen om te leven in harmonie met Gods eigen morele wezen. Over Gods ‘heerlijkheid’ (zie Johannes 1:14; Handelingen 6:15; vgl. Openbaring 21:23). Het woord ‘deugd’ (Gieks ‘areté deugd, uitnemendheid’) werd gebruikt door de Griekse schrijvers om de som van alle begeerlijke karaktereigenschappen te beschrijven. 


[1]Romeinen 1:7; 1 Petrus 1:2; 

[2]  1 Petrus 1:2; Judas vers 2

[3]  Johannes 17:3

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Donderdag 10 januari 2019 – Spreuken 13:10

Overmoed geeft alleen maar ruzie, maar bij wie zich raad laten geven, is wijsheid.

(BGT) Mensen die eigenwijs zijn, maken altijd ruzie.Mensen die naar goede raad luisteren, zijn wijs.

Aantekening

Spreuken 13 : 10  >  De tegenstelling tussen overmoeden wijsheidis gelijk aan de tegenstelling tussen de waarschuwing tegen hem die ‘juist in zijn eigenogen’ is en de aansporing om zich te voegen bij hen die zich raad laten geven(zie Spreuken 12:15).

Tekst verwijzing  Spreuken 12 : 15  >  De weg van de dwaas is juist in zijn eigen ogen, maar wie naar raad luistert, is wijs.

Spreuken 3 : 7 >  Wees niet wijs in je eigen ogen:vrees de HEERE en keer je af van het kwade.

Romeinen 12 : 16  >  Wees eensgezind onder elkaar. Streef niet naar de hoge dingen, maar houd u bij de nederige. Wees niet wijs in eigen oog.

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Woensdag 09 januari 2019 – Hebreeën 4:16

Laten wij dan met vrijmoedigheid naderen [1]tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid verkrijgen en genade vinden om geholpen te worden op het juiste tijdstip.

(BGT)  Laten we daarom vol vertrouwen leven als volk van God. En als het nodig is, helpt Jezus ons. Want hij is onze hogepriester. Hij heeft medelijden met ons, en hij is goed voor ons.

Aantekening

Hebreeën 4 : 16  >  naderen(Grieks proserchomai, ‘naderen, naartoe gaan dichterbij komen’) wordt in Hebreeën steeds gebruikt voor iemand die tot God komt (Hebreeën 7:25; 10:1, 22; 11:6; 12:18, 22; vgl. Exodus 16:9; 34:32; Leviticus 9:5; Deuteronomium 4:11). Maar dat kan alleen als zijn zonden vergeven zijn door het offer en de voorspraak van een hogepriester (Hebreeën 7:25; 10:22). De oproep  om tot Gods troon te ‘naderen’ houdt in dat christenen een persoonlijke relatie met God mogen hebben. vrijmoedigheid (Grieks parrësia), d.w.z. ‘vertrouwen, moed’, vooral wanneer men spreekt tot iemand die hoger of machtiger is; vgl. Hebreeën 3:6; 10:19, 35. Het betekent dat christenen openlijk en eerlijk tot God mogen spreken (maar wel met gepaste eerbied), zonder bang te hoeven zijn hierdoor beschaamd of gestraft te worden. de troon van de genade.God de Vader, met `jezus aan Zijn rechterhand (Hebreeën 8:1; 12:2; vgl. Hebreeën 1:8), geeft op het juiste tijdstipbarmhartig hulp uit de hemel aan hen die vergeving en kracht in de verzoeking nodig hebben (zie Hebreeën 2:18).


[1]  Romeinen 3:25

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Dinsdag 08 januari 2019 – Handelingen 17:24

[1]De God Die de wereld gemaakt heeft en alles wat daarin is, Deze, Die een Heere van de hemel en van de aarde is, [2]woont niet in tempels die met handen gemaakt zijn.

(BGT) Ik kom jullie vertellen over de God die de wereld gemaakt heeft en alles wat er leeft. Hij is de Heer van hemel en aarde. Die God woont niet in tempels die door mensen gebouwd zijn.

Aantekening

Handelingen 17 : 24 – 25  >  Paulus spreekt over de God Die de wereld gemaakt heeft en alles wat daarin is,waaronder de mens. Hij beweert dat deze enige ware God machtiger is dan al mindere, concurrerende goden in Athene met al hun tekortkomingen en zwakheden. Paulus zei dat God niet woont in tempels die met handen gemaakt zijn(vgl. Handelingen 7:48), en het is niet moeilijk voor te stellen hoe hij daarbij naar het prachtige Parthenon wees, dat vlak boven hen op de akropolis stond. Paulus beweerde dat de ware God van de hemel en aarde niet in tempels zoals het Parthenon woont, en niet geëerd kan worden door offers te brengen zoals de Atheners dat regelmatig in hun tempels deden. 


[1]  Genesis 2:1; 2 Kronieken 6:30; Psalm 33:6; 124:8; 146:6; Jesaja 66:1; Handelingen 14:15; Openbaring 14:7

[2]  Handelingen 7:48

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Maandag 07 januari 2019 – 2 Samuel 22:31

[1]Gods weg is volmaakt, [2]de woorden van de HEERE zijn gelouterd, Hij is een schild voor allen die tot Hem de toevlucht nemen.

(BGT) Alles wat de Heer doet, is goed.Alles wat God zegt, is volmaakt.Hij beschermt mensen die hem om hulp vragen.

Overdenking

2 Samuël 22 : 31 >  Dit hoofdstuk is een danklied dat David uitsprak tot de Heere, op de dag dat de Heere hem had gered uit de hand van al zijn vijanden en uit de hand van Saul (2 Samuël 22:1). Dit hoofdstuk 22 is bijna identiek aan Psalm 18. [Bij Psalm 18:31 staat als aantekening:Gods weg is volmaakt.Het oprechte volgen van de weg van de Heere (vers 22 van 2 Samuël 22) maakt een mens geschikt om oprecht te worden (2 Samuël 22:24, 26).] Wat wil David hier zeggen? David meld ons dat de weg van de Heere volmaakt is, dus zonder gebreken. Verder verteld David dat de woorden van God gelouterd zijn, dat wil zeggen gezuiverd en veredeld, m.a.w. er kan niets verkeerds of onwaar aan zijn. Ook lezen we dat de Heere David heeft beschermd (Hij is een schild, en dat dien als bescherming), en dus wil de Heere ook ons beschermen. Maar dan moeten wij wel net als David Hem (de Heere) als toevlucht ( hulp, wijkplaats) nemen. 

Tekst verwijzing

Psalm 18 : 31   Gods weg is volmaakt,het woord van de HEERE is gelouterd,Hij is een schild voor allen die tot Hem de toevlucht nemen.

(BGT) Alles wat de Heer doet, is goed.Alles wat God zegt, is volmaakt.Hij beschermt mensen die hem om hulp vragen.


[1]  Deuteronomium 32:4; Daniel 4:37; Openbaring 15:3

[2]  Psalm 12:7; 119:140; Spreuken 30:5

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zondag 06 januari 2019 – Jakobus 1:19-21

Zo dan, mijn geliefde broeders, [1]ieder mens moet haastig zijn om te horen, maar traag om te spreken en traag tot toorn. De toorn van een man brengt immers geen gerechtigheid voor God teweeg. [2]Leg daarom af alle vuilheid en elke uitwas van slechtheid en ontvang met zachtmoedigheid het in u geplante Woord, dat uw zielen zalig kan maken.

(BGT) Vrienden, bedenk dit goed: Je moet altijd bereid zijn om naar een ander te luisteren. Maar denk eerst goed na voordat je iets terugzegt. En word vooral niet meteen kwaad. Want als je kwaad bent, ga je dingen doen die God niet goed vindt.Nee, blijf altijd vriendelijk. Doe alles weg wat slecht is! Doe geen verkeerde dingen meer, maar doe wat God van je vraagt. Jullie kennen Gods boodschap, en jullie weten dat je daardoor gered kunt worden.

Aantekening

Jakobus 1 : 19> Jakobus haalt hier de overgeleverde joodse wijsheid aan over het verkeerd gebruik van de tong en de toorn die daardoor ontstaat (vgl. Spreuken 10:19; 11:12; 15:1; 17:28). haastig … om te horen. Slecht luisteren, in combinatie met gebrek aan terughoudendheid in het spreken, leidt tot een humeurige reactie. traag tot toornwil niet zeggen dat alle menselijke boosheid zondig is (vgl. Efeze 4: 26), maar driftige, zelfzuchtige toorn van de wereld (‘toorn van een man’, Jakobus 1:20) verraadt een gebrek aan liefde voor anderen. 

Jakobus 1 : 20De toorn van een man, zelfs als die gericht is tegen wangedrag, is zelf niet ten volle rechtvaardig. Het gaat niet verder dan louter menselijk verwijt en kan het hart van iemand anders niet veranderen. Daarom brengthet geen gerechtigheid voor God teweeg. God is heilig en rechtvaardig en Hij wil dat Zijn volk Zijn rechtvaardige wezen nastreeft (bv. Leviticus 19:2; Mattheüs 5:48; 1 Petrus 1:16). ‘Gerechtigheid’ is hier niet de juridische of wettelijke rechtvaardiging, zoals Paulus die verkondigt in de rechtbank van God (bv. zie aantekeningen bij Romeinen 3:20; 5:10). Het staat dichter bij het gebruik ervan in het Oude Testament (Jesaja 61:13) en door Jezus (Mattheüs 3:15; 5:6, 10, 20; 6:1, 33; 21:32), waar het gaat om het richten van je leven naar de wil van God, volgens Zijn maatstaven. 

Jakobus 1 : 21Leg … af alle vuilheidbeeldt het uittrekken van vuile kleren uit (vgl. Romeinen 13:12; Efeze 4:22; Kolossenzen 3:8) gebaseerd op een verlangen om nooit meer iets met het vuil van doen te hebben. Hier heeft het vuil betrekking op het morele kwaad. In plaats van onrein gedrag moet het in ugeplante Woordwortel schieten in de gelovige. Dit idee van God Die Zijn geopenbaarde waarheid plant en wortel laat schieten, weerspiegelt Deuteronomium 30:14 (‘Want dit woord is heel dicht bij u, in uw mond en in uw hart, om het te doen’) en in het bijzonder het nieuwe verbond van Jeremia (‘Ik zal Mijn wet in hun binnenste schrijven’). uw zielen zalig makenwijst hier op voortgaande heiliging en uiteindelijk de voltooiing van Gods reddingswerk op de laatste dag. 


[1]  Spreuken 17:27; Prediker 5:1

[2]  Romeinen 13:12; Kolossenzen 3:8

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zaterdag 05 januari 2019 – 1 Thessalonicenzen 4:13-14

Maar ik wil niet, broeders, dat u onwetend bent ten aanzien van hen die ontslapen zijn, [1]opdat u niet bedroefd bent zoals ook de anderen, die geen hoop hebben. Want als wij geloven dat Jezus gestorven en opgestaan is, zal ook God op dezelfde wijze hen die in Jezus ontslapen zijn, terugbrengen met Hem.

(BGT) Vrienden, ik wil jullie vertellen wat er gebeurt met de doden.Mensen zijn verdrietig als er iemand sterft. Maar wij geloven dat Jezus gestorven is en uit de dood is opgestaan. En dus geloven we ook dat God alle gestorven christenen bij zich zal halen. Daarom hoeven jullie niet verdrietig te zijn als er iemand van jullie sterft.

Aantekening

1 Thessalonicenzen 4 : 13  >  ik wil niet … dat u onwetend bent.De Thessalonicenzen waren niet op de hoogte van de dingen die Paulus in vers 14 – 17 gaat uitleggen. hen die ontslapen zijn. Paulus verwijst naar gestorven christenen als zijnde ‘ontslapen’ (vgl. 1 Thessalonicenzen 4:14, 15; 5:10; ook 1 Korinthe 15:6, 18, 20, 51); hij versterkt daarmee zijn hoofdargument: dat ze bij de wederkomst uit het graf zullen ontwaken. Deze beeldspraak is niet bedoeld om ontkennen dat de doden in de tussentoestand in bewuste gemeenschap met God verkeren. Het verwijzen naar de dood met het beeld van de slaap hangt simpelweg samen met de lichamelijke toestand van hen die slapen. Het feit dat allen die gestorven zijn, bij de wederkomst van Christus zullen opstaan, maakt het des te beter toepasbaar. bedroefd … zoals ook de anderen, die geen hoop hebben.Bedroefd zijn is op zich niet verkeerd (vgl. Handelingen 8:2), maar het is verkeerd om wanhopig bedroefd te zijn, zoals de ongelovigen. Klaarblijkelijk begrepen de Thessalonicenzen niet dat overleden christenen uit de doden zouden opstaan en zodoende de zegeningen niet zouden mislopen die de wederkomst zou brengen. Uit grafschriften uit de 1eeeuw blijkt dat de meeste Grieken uit die tijd een zeer pessimistische visie op de dood hadden.

1 Thessalonicenzen 4 : 14  >  opgestaan is.De opstanding van Christus is de kern van Gods plan met de geschiedenis en is de basis voor de hoop op de toekomstige opstanding van het lichaam (1 Korinthe 15:42-57; Openbaring 21:4). zal ook God … terugbrengen.Hier wordt aangetoond dat Jezus Gods Middelaar van de zaligheid is. Die overleden christenen (hen die in Jezus ontslapen zijn) met Hem zal ‘terugbrengen’ d.w.z. de zielen van hen die tot op dat moment met Christus in de hemel zijn geweest. De richting van de verplaatsing (naar beneden of naar boven) staat ter discussie, hoewel de zinspeling op Zacharia 14:5 het beeld suggereert van Christus, Die uit de hemel naar beneden komt en de zielen van hen die al gestorven zijn, met Zich meebrengt. Paulus’ punt is dat alle christenen die gestorven zijn (‘ontslapen zijn’) bij Christus’ wederkomst als Hij naar de aarde afdaalt, bij Hem zullen zijn. Paulus doet vervolgens (in 1 Thessalonicenzen 4:16-17) wat uitgebreider uit de doeken hoe het mogelijk is dat doden met Christus verschijnen, namelijk omdat hun lichaam op dat moment wordt opgewekt en met hun ziel herenigd, terwijl ze ‘opgenomen worden naar een ontmoeting met de Heere in de lucht’ (1 Thessalonicenzen 4:17).

^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^

Opstanding     –   1 Thessalonicenzen 4 : 13     (Uit de Mannen Bijbel) 

Er is ongerustheid in de gemeente. Er overleden mensen voordat Christus terugkwam. Zullen die het grote feest van de wederkomst dan niet meemaken? Kennelijk lag een lichamelijke opstanding buiten het blikveld. Begrijpelijk bij mensen die nog niet zo lang christen en ook nog eens Griek van huis uit zijn. Voortleven naar de ziel was het probleem niet, wel een lichamelijke opstanding.

^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^^


[1]  Leviticus 19:28; Deuteronomium 14:1; 2 Samuël 12:20

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Vrijdag 04 januari 2019 – Psalmen 1:1-3

Welzalig de man [1]die niet wandelt in de raad van de goddelozen, die niet staat op de weg van de zondaars, die niet zit op de zetel van de spotters, [2]maar die zijn vreugde vindt in de wet van de HEERE en Zijn wet dag en nacht overdenkt. Want hij zal zijn als een [3]boom, geplant aan waterbeken, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, waarvan het blad niet afvalt; al wat hij doet, zal goed gelukken.

(BGT)  Gelukkig is iemand die niet luistert naar slechte mensen, die nee zegt tegen hun verkeerde plannen.Als slechte mensen spotten met God,doet hij niet mee.Maar hij is blij met de wet van de Heer.Daar is hij dag en nacht mee bezig.Het gaat altijd goed met hem.Hij lijkt op een boom aan het water.De boom geeft vruchten,ieder jaar opnieuw,en zijn bladeren blijven altijd groen.

Aantekening

Psalm 1 : 1  >  Welzalig.De werkelijke welzalige mens is gelukkig omdat God hem overlaadt met Zijn gunst. Jezus gebruikt het Griekse equivalent in Mattheüs 5:3-11; vgl. ook Jakobus 1:12. De Latijnse vertaling, beatus, is grondwoord voor het woord beatitudo(zaligheid). de man.Een bijzondere, vrome man (Hebreeuws ha’isj,‘de man’) staat als voorbeeld ter navolging voor anderen. Zulk onderwijs met gebruikmaking van een concreet voorbeeld is gebruikelijk in de oudtestamentische wijsheidsliteratuur. goddelozen … zondaars … spotters.Dit zijn mensen, zelfs binnen Israël, die weigeren te leven in overeenstemming met het verbond. De goddeloze mens weigert de morele weg te bewandelen met zijn levensstijl. Sommigen hebben in de opeenvolging van zondigheid in de termen ‘goddeloze-zondaar-spotter’ samen met een oplopende loyaliteit in de metaforen ‘wandelen-staan-zitten’ een cumulatie van zondigheid gezien. Het is echter waarschijnlijk dat de termen ‘goddeloze’ en ‘zondaar’ hier equivalent zijn, hoewel een spotter stellig meer tot kwaad geneigd is.*

Psalm 1 : 2  >  de wet van de Heere.‘De wet’ kan ook opgevat worden als ‘het onderwijs’ van de Heere (Hebreeuws torah, wat dikwijls de wet van Mozes betekent), in het bijzonder bij Zijn spreken in Zijn verbond. We moeten dus niet denken dat zo iemand ‘welzalig’ is vanwege zijn verdienste, aangezien het verbond gebaseerd is op Gods genade. overdenktbeschrijft een actieve overweging, misschien zelfs mompelend in zichzelf in het streven naar inzicht. Sommigen veronderstellen dat dag en nachtspreekt over professionele leermeesters die al hun tijd benutten met het overdenken van de wet. Dezelfde opdracht in Jozua 1:8 laat zien dat het de ideale manier is om iedere situatie tegemoet te treden, hoe alledaags die ook is, om de Heere te behagen door Zijn woord te kennen en in acht te nemen.

Psalm 1 : 3  >  Het eerste beeld is dat van een boomin een droge omgeving, die desondanks gedijt door een constante toevoer van water. Een boom draagt vrucht, niet voor zichzelf maar voor anderen. Als de gelovige dus gedijt (al wat hij doet, zal goed gelukken), is dat niet voor hemzelf en ook is de voorspoed geen noodzaak, maar hij slaagt door voordeel te brengen aan anderen. Zie Jeremia 17:8 voor eenzelfde beeld. 


[1]  Psalm 26:4; Spreuken 1:10, 15; 4:14, 15; 1 Korinthe 15:33; Efeze 5:11

[2]  Deuteronomium 6:6 enz.; 17:19; Jozua 1:8; Psalm 119:1 enz.

[3]  Jeremia 17:8

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Donderdag 03 januari 2019 – Filippenzen 3:20-21

[1]Ons burgerschap is echter in de hemelen, [2]waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Heere Jezus Christus, [3]Die ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het gelijkvormig wordt aan Zijn verheerlijkt lichaam, overeenkomstig de werking waardoor Hij ook alle dingen aan Zichzelf kan onderwerpen.

(BGT) Wij kiezen niet voor het aardse, maar voor het hemelse leven. Want wij verwachten uit de hemel onze redder, de Heer Jezus Christus. Hij heeft de macht gekregen over alles en iedereen. Hij zal onze zwakke lichamen veranderen, hij maakt ze zo schitterend als zijn eigen hemelse lichaam.

Aantekening

Filippenzen 3 : 20  >  Burgerschap.Zie aantekening bij Filippenzen 1:27. {De woorden ‘het Evangelie van Christuswaardig’ zijn een vertaling van het Griekse politeuesthe.Het kan ook vertaald worden met ‘gedraag je als burgers die [het Evangelie van Christus] waardig zijn’, wat past bij het woordenspel van Paulus hier en in Filippenzen 3:20 (‘ons burgerschap [Grieks politeuma] is in de hemelen’). Filippi was er trots op een Romeinse kolonie te zijn, die de eer en het privlege van her Romeinse staatsburgerschap bood. Paulus herinnert de gemeente eraan dat zij zich moeten richten naar Christus en niet naar de keizer als voorbeeld voor hun gedrag, omdat hun toewijding primair op God en Zijn Koninkrijk gericht moet zijn. Zij moeten elkaar steunen en met Paulus ‘strijden’ voor het Evangelie. De nadruk van Paulus op eensgezindheid zou kunnen wijzen op einige verdeeldheid in de gemeente van Filippi (vgl. Filippenzen 4:2-3). Mogelijk is die verdeeldheid de reden dat hij in het begin van zijn brief wijst op de ‘opzieners en diakenen’ (Filippenzen 1:1), want die behoren hun dienst werk zo te verrichten dat het de eenheid bevordert.}

Filippenzen 3 : 21  >  ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het gelijkvormig wordt aan Zijn verheerlijkt lichaam.Hierin weerklinkt Filippenzen 2:5-11. Zij die het voorbeeld van Christus’ dienend willen volgen, zullen zowel delen in Zijn rechtvaardiging als in Zijn verheerlijking. Volmaaktheid wordt pas bereikt bij de opstanding (vgl. Filippenzen 3:11-12; 1 Korinthe 15:12-28). alle dingen aan Zichzelf kan onderwerpenis Messiaanse taal, ontleend aan het Oude Testament (bv. Psalm 8:7; 110:1)

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ 

Hemels paspoort       – Filippenzen 3 : 17 – 21    –  (Uit de Mannen Bijbel)

Zeer waarschijnlijk schrijft Paulus zijn brief aan de Filippenzen vanuit gevangenschap. Zo’n situatie zet je vaak aan het denken. Dat Paulus een Jood uit Jeruzalem is, kan degenen die hem vasthouden weinig schelen. En dat hij een Romeins staatsburger is, blijkbaar evenmin. Alle hoop dreigt Paulus in de schoenen te zakken. Totdat hij door tralies van zijn cel naar de hemel kijkt en het weer beseft: ik ben burger van het Rijk van de hemel! Ingeschreven bij Gods ‘burgerlijke stand’ en daarom nooit en nergens vergeten. Uit die hemel verwacht ik ook Jezus, de koning van Gods Rijk, die als Redder en Rechter naar de aarde zal komen. Ieder die gelooft, mag als burger van Gods nieuwe Rijk delen in die verwachting van een geweldige toekomst. Eenmaal zal Hij alle ellende die wij nu nog moeten meemaken, veranderen in heerlijkheid. Ook ons vernederd lichaam, dat nu nog kwetsbaar en vergankelijk is, zal dan verheerlijkt worden, zoals het lichaam van Jezus na de opstanding ook verheerlijkt was.

Dit is een troostrijke en bemoedigende gedachte op moeilijke momenten. Het is ook een aansporing om te laten merken dat we een ‘dubbel paspoort’ hebben, door niet krampachtig vast te houden aan de aardse dingen.~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ 


[1]  Hebreeën 13:14

[2]  1 Korinthe 1:7; 1 Korinthe 1:10; Titus 2:13

[3]  1 Korinthe 15:51; Kolossenzen 3:4; 1 Johannes 3:2

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Woensdag 02 januari 2019 – Efeze 2:8-9

Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, [1]het is de gave van God; niet uit werken, [2]opdat niemand zou roemen.

(BGT) Wij zijn niet beter dan andere mensen. God heeft ons gered, maar niet omdat we zo goed leefden. We zijn gered omdat we dankzij Gods goedheid geloven in Jezus Christus. Dat is Gods geschenk aan ons.

Aantekening

Efeze 2 : 8  >  uit genadeverwijst naar Gods gunst aan hen die Zijn wet overtraden en tegen Hem zondigden. Genade kan in deze verzen echter ook worden opgevat als ‘kracht’. Gods genade biedt niet alleen verlossing, maar bekrachtigt die ook. zaligverwijst naar verlossing van Gods toorn bij het laatste oordeel (Romeinen 5:9); ‘uit genade bent u zalig geworden’ is een herhaling van Efeze 2:5 voor extra nadruk. De werkwoordvorm voor ‘bent u zalig geworden’ (Grieks senösmenoi, voltooide tijd) geeft aan dat de redding van de christen volledig vaststaat. door het geloof.Geloof is een vast vertrouwen op Jezus Christus en is de enige manier om gered te worden. het is de gave van God.Het Griekse woord hier vertaald met ‘het’ is een onzijdig woord, terwijl ‘genade’ en ‘geloof’ vrouwelijke woorden zijn in het Grieks. Daarom verwijst ‘het’ naar het hele proces van ‘redding uit genade door het geloof’ als ‘de gave van God’ en niet iets wat wij zelf kunnen bewerkstelligen. Dit gebruik van het onzijdige voornaamwoord om een complex idee in zijn geheel te omvatten komt in het Grieks vrij vaak voor (bv. Efeze 6:1); het gebruik hier maakt duidelijk dat niet alleen genade, maar ook geloof een gave van God is. Redding is dus in elk opzicht niet uit u.

Efeze 2 : 9  >  Redding is niet uit werken.Als dit wel zo was, zouden de mensen die gered zijn zelf de eer krijgen. 

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

Efeze 2 : 9  >  gevolg van uw daden: de redding komt helemaal alleen bij God vandaan. Het is niet het resultaat van daden van de mens, en ook niet een beloning voor verdiensten van mensen (zie voor de werken v. 10). Het is een geschenk dat God geeft aan wie in Jezus Christus gelooft.


[1]  Mattheüs 16:17; Efeze 1:19

[2]  Romeinen 3:27; 1 Korinthe 1:29