Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Maandag 21 januari 2019 – Efeze 6:10-12

Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht. [1]Bekleed u met de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel. Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, [2]tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.

(BGT) Ten slotte nog dit: Blijf op de Heer vertrouwen. Hij zal jullie steunen met zijn grote macht. Gebruik Gods wapens, en verdedig je daarmee tegen de slechte bedoelingen van de duivel. Want we vechten niet tegen mensen, maar tegen machten en krachten die over de wereld willen heersen. We vechten tegen de leiders van de duisternis, tegen de hoogste kwade machten.

Aantekening

Efeze 6 : 10  >  word gesterkt.Omdat christenen niet zelf stand kunnen houden tegen bovennatuurlijke krachten, moeten zij vertrouwen op de Heere en op de sterkte van Zijn macht(zie Efeze 1:19). Dit geeft Hij voornamelijk door gebed (Efeze 6:18).

Efeze 6 : 11  >  Het Griekse woord voor hele wapenuitrusting(panoplia) verwijst naar de volledige uitrusting van een compleet bewapende soldaat. Dit bestaat uit schilden en wapens zoals beschreven in vers 14, 16-17. De omschrijving van Paulus gebruikt vooral oudtestamentische toespelingen, maar de gebruikte termen overlappen goed met de Romeinse wapenuitrusting (vooral de namen voor het grote, deurvormige schild en het korte steekzwaard). Illustraties van zo’n wapenuitrusting staan op talloze militaire reliëfs (met name op sarcofagen) verspreid door heel het Romeinse Rijk. listige verleidingen.Paulus onthult hier de duivelse oorsprong van de listige plannen van hen die een valse leer onderwijzen (Efeze 4:14; zie ook 1 Johannes 2:18, 22: 4:3; 2 Johannes:7)

Efeze 6 : 12  >  Deze lijst van geestelijke overheden, machtenen wereldbeheersers(zie Efeze 3:10) geeft een ontnuchterende blik op de medestanders van de duivel, de geestelijke machten van het kwaaddie buitenmate krachtig zijn in het uitoefenen van hun heerschappij over de duisternis van dit tijdperk.De Schrift maakt echter duidelijk dat het leger van de vijand niet op kan tegen de Heere. ‘Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd’ (Kolossenzen 2:15; zie ook Efeze 1:19-21). 

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

Efeze 6:10  >  de kracht van zijn macht: zie 1:19, 20. De wapenrusting die in v. 14-17 wordt geschetst is een gedetailleerde beschrijving van Gods macht.

Efeze 6 : 11  >  de wapenrusting: in Jes. 59:17 bekleedt God zichzelf met deze wapens om zijn oordeel te voltrekken. Als we ons met deze wapens omgorden bekleden we ons met Christus zelf (Rom. 13:12, 14), en dat is nu net één van de kenmerken van de nieuwe mens (4:24). de listen: wat deze listen zijn is al eerder vermeld: de duivel zet de mensen ertoe aan om zich te verzetten tegen God (2:1-3). Dat doet hij met name door hun verstand te verduisteren (4:17, 18). En hij wil de eenheid in de gemeente verstoren door gebruik te maken van de menselijke neiging om te zondigen (4:25-32 en dan vooral v. 27). De duivel wordt ook Satan genoemd (bv. in 2 Kor. 2:11; Rom. 16:20), Beliar (2 Kor. 6:15), de verleider (1 Tes. 3:5. Zie ook: de heerser over de machten in de lucht (2:2).

Efeze 6 : 12  >  de machthebbers: zie 3:10; Kol. 1:16. In een context waarin het wemelde van goden en geesten, wijst Paulus erop dat ze niet onschadelijk zijn, maar ook niet almachtig. Ze horen bij de duivel en men moet ze met Gods wapens weerstaan (zie 1 Kor. 10:20). de duisternis: zie 5:7-14.


[1]  Kolossenzen 3:12 1 Thessalonicenzen 5:8

[2]  Efeze 2:2

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zondag 20 januari 2019 – 1 Korinthe 6:11

Sommigen van u zijn dat wel geweest, maar u bent schoongewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd, in de naam van de Heere Jezus en door de Geest van onze God.

(BGT) Sommigen van jullie hebben zulke dingen gedaan toen ze nog geen christen waren. Maar God heeft jullie zonden vergeven. Hij heeft jullie gered, en nu leven jullie zoals God het wil. Jullie horen nu bij de Heer Jezus Christus, en onze God heeft jullie zijn Geest gegeven.

Overdenking

Als we zo deze tekst lezen en overdenken dan komt bij mij naar boven over wie gaat het hier. Juist, over mij, ons. Wat is er gebeurt? Alweer, juist, wij zijn schoon gewassen en geheiligd en zelfs gerechtvaardigd. Waarvan? Dat weten we zelf het beste, en dat heb ik, en ik hoop wij allemaal beleden voor de Heer en Hem verteld. Ook al wist Hij het allemaal al, maar toch wil de Heer dat we het Hem vertellen. Zodat wij bewust zijn van onze zonden. Maar door wie zijn we dan schoongewassen, geheiligd en gerechtvaardigd? Weer juist, door de naam van de Heere Jezus en door de Geest van God. Laten wij dan ook Hem volgen, die Zijn leven voor ons heeft gegeven, en alles wat ons is aangedaan bij Hem brengen en het bij Hem laten, en in vertrouwen op Hem, de mensen die ons onrecht hebben aangedaan vergeven. Moeilijk! Voor mij wel, maar samen met Hem moet het ons lukken toch.

Zelfverloochening  1 Korinthe 6 : 1 – 11   (uit de Mannen Bijbel)

Paulus is verbaasd: de Korinthiërs weigeren om over ernstige zonden in hun eigen midden te oordelen (Hoofdstuk 5), terwijl ze hun betrekkelijk kleine onderlinge geschillen voor de heidense rechters brengen. Daarbij gaat het dan ook nog eens slechts over zaken die het eigenbelang aangaan.

Het is een aanfluiting wanneer je als christenen zo met elkaar overhoopligt dat je er een wereldlijke rechtbank bijhaalt. Des te meer geld dat wanneer het over onzinnige dingen gaat, die vooral je eigenbelang aangaan! Welk beeld geven we daarmee af naar de buitenwereld? Wanneer we belijden dat we van Christus zijn, staat ons eigenbelang juist op de tweede plek. Vandaar ook de aansporing in vers 7 om liever onrecht te lijden en zich te laten benadelen. Dat is niet iets wat ons gemakkelijk afgaat, maar het is wel een houding die past bij een volgeling van Hem Die voor ons alle onrecht geleden heeft. De weg achter Jezus aan is tenslotte een kruisweg, waarop we Zijn voetstappen drukken. Soms vraagt dat heel concreet om zelfverloochening je eigen ‘recht’ loslaten en de minste willen zijn.

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zaterdag 19 januari 2019 – Leviticus 23:22

[1]Wanneer u de oogst van uw land binnenhaalt, mag u de rand van uw akker bij het binnenhalen van uw oogst niet helemaal afmaaien, en wat van uw oogst is blijven liggen, mag u niet oprapen. U moet het laten liggen voor de arme en de vreemdeling. Ik ben de HEERE, uw God.

(BGT) Als jullie koren maaien, mogen jullie niet tot aan de rand van de akker maaien. En als er na de oogst nog koren blijft liggen, mogen jullie dat niet oprapen. Want alles wat blijft liggen, is voor de arme mensen en de vreemdelingen. Ik ben de Heer, jullie God.’’

Aantekening

Leviticus 23 : 22  >  De extra regel met betrekking tot de oogstis ook in overeenstemming met de vrijgevigheid die bij deze gelegenheid van het volk verwacht wordt. Hier in vers 22 beveelt God aan Israël om de minderbedeelden niet te vergeten in deze tijd van nationale viering van overvloed.

Overdenking

Als we dit vers lezen als stukje van de wetten voor de verschillende feestdagen, merken we dat de Heere spreekt via Mozes. Het voorschrift luidt, dat je de akker mag maaien en de oogst mag binnen halen, maar wij moet bij overvloed wel aan de armen en vreemdelingen denken. 


[1]  Leviticus 19:9; Deuteronomium 24:19

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Vrijdag 18 januari 2019 – Romeinen 8:16-17

[1]De Geest Zelf getuigt met onze geest dat wij kinderen van God zijn. En als wij kinderen zijn, dan zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus; [2]wanneer wij althans met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden.

(BGT)De Geest Zelf getuigt met onze geest dat wij kinderen van God zijn.En als wij kinderen zijn, dan zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus; wanneer wij althans met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden.

Aantekening

Romeinen 8 : 16  >  Het ‘getuigenis’ van de Geestverzekert de geestvan de christen ervan dat hij of zij een kind van God is.

Romeinen 8 : 17  >  Allen die Gods kinderenzijn, zijn ook erfgenamenvan Zijn beloften, maar bereidheid om Christus te volgen in Zijn lijden is ook een teken van een kind van God te zijn.

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

Romeinen 8 : 16  >  De Geest zelf verzekert onze geest: andere vertaling: ‘die Geest getuigt met onze geest’. De gelovige heeft als voorrecht dat de Geest in hem werkt en hem in alle nederigheid zekerheid geeft dat hij door de Vader als kind is aangenomen.

Romeinen 8 : 17  >   Samen met Christus zijn wij erfgenamen: deze erfenis wordt verbonden met de luister van Christus waaraan wij deel krijgen. Die erfenis houdt in dat wij deel krijgen aan het eeuwig koninkrijk dat komt en dat Jezus zal stichten op de nieuwe aarde bij de opstanding uit de doden (v. 23: zie Mat. 5:5). wij moeten delen in zijn lijden: v. 18-30.



[1]  2 Korinthe 1:22; 5:56; Efeze 1:13; 4:30

[2]  2 Timotheüs 2:11, 12

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Donderdag 17 januari 2019 – 1 Thessalonicenzen 5:4-6

[1]Maar u, broeders, bent niet in duisternis, zodat die dag u als een dief zou overvallen. U bent allen [2]kinderen van het licht en kinderen [3]van de dag. Wij zijn niet van de nacht en ook niet van de duisternis. [4]Laten wij dan niet, evenals de anderen, slapen, maar laten wij waakzaam [5]en nuchter zijn.

(BGT) Maar, vrienden, jullie zullen niet plotseling overvallen worden door de komst van de Heer. Want jullie geloven in hem. Jullie horen bij het licht, niet bij het donker. Wij horen niet bij de nacht en het donker, wij horen bij de dag. We moeten dus dingen doen die passen bij de dag. We moeten goed opletten en helder blijven denken.

Aantekening

1 Thessalonicenzen 5 : 4  >  Maar u.De christenen in Thessalonica maken geen deel uit van de groep mensen die zegt ‘vrede en veiligheid’ en over wie onverwacht verderf zal komen (1 Thessalonicenzen 5:3). in duisternis. Het rijk van zonde, kwaad, duisternis en vervreemding van God. u als een dief zou overvallen. Dedagvan de Heere zal niet ‘als een dief’ zijn, als een welkome verrassing voor de christenen in Thessalonica, zoals dat voor ongelovigen het geval zal zijn (zie 1 Thessalonicenzen 1:2).

1 Thessalonicenzen 5 : 5  >  U bent.Paulus baseert zijn zekerheid op de staat en bestemming van de Thessalonicenzen. kinderen van het licht.Deze uitdrukking wordt in de Joodse literatuur en in het Nieuwe Testament gebruikt (bv. Lukas 16:8; Johannes 12:36) voor hen die tot het koninkrijk van God en Zijn heil behoren (Koloscenzen 1:13).kinderen van de dag.Deze uitdrukking, die alleen bij Paulus voorkomt, lijkt de begrippen ‘licht’ en ‘dag’ met elkaar te verbinden. Omdat Jezus dus ‘het licht der wereld’ is (Johannes 8:12; 9:5), zijn christenen ‘kinderen van het licht’; maar christenen zijn ook personen die geroepen zijn om een godvruchtig leven te leiden, als mensen die ‘van de dag zijn’ (1 Thessalonicenzen 5:8) en bestemd zijn om de zaligheid te beërven op ‘de dag van de Heere’, als Christus (het licht der wereld) zal terugkeren met grote kracht, en heerlijkheid (vgl. Mattheüs 24:30; Markus 13:26; Lukas 21:27). Wij.Paulus gaat hier over op de eerste persoon meervoud om zijn bevestiging te versterken en wellicht de vermaning van 1 Thessalonicenzen 5:6-8 in te leiden en wat makkelijker aanvaardbaar te maken. nacht … duisternis. Het domein van het kwaad en vijandschap tegen God.

1 Thessalonicenzen 5 : 6  >  dan.Paulus geeft algemene aansporingen op basis van de geruststellingen van vers 5. slapen is leven zonder morele of geestelijke verantwoordelijkheid en/of leven zonder besef van de komende dag.


[1]  Efeze 5:8

[2]  Lukas 16:8; Efeze 5:8

[3]  Romeinen 13:12

[4]  Romeinen 13:11, 13; Efeze 5:14

[5]  1 Korinthe 15:34

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Woensdag 16 januari 2019 – Psalmen 16:11

U maakt mij het pad ten leven bekend; overvloed van blijdschap is bij Uw aangezicht, lieflijkheden zijn in Uw rechterhand, voor altijd.

(BGT) U leert mij hoe ik moet leven.Ik ben blij, omdat u bij me bent.Dat maakt me gelukkig,voor altijd.

Aantekening

Psalm 16 : 11  >  Pad ten leven.Dit is een meesterlijke vergelijking in de Bijbel: het verbond wijst een ‘pad’ waarlangs iemand loopt naar het leven in volkomenheid (Spreuken 5:6; 6:23; 10:17; 12:28; 15:24; Mattheüs 7:14). Dat maaktde Heere Zijn volgelingen bekend.Gods aangezichtgenieten, is de vrucht van het verbond (vgl. Exodus 33:14-15; Numeri 6:24-26). Het woord lieflijkhedenis verwant aan ‘lieflijke plaatsen’ (Psalm 16:6). Het lieflijke dat hij begon te smaken in dit leven, zal zich ontplooien tot volkomenheid in het toekomende leven.

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Dinsdag 15 januari 2019 – 2 Timotheüs 1:7-8A

[1]Want God heeft ons niet gegeven een geest van vreesachtigheid, maar van kracht en liefde en bezonnenheid. [2]Schaam u dan niet voor het getuigenis van onze Heere.

(BGT) God heeft ons zijn Geest gegeven. Niet om bange mensen van ons te maken, maar moedige mensen, vol liefde en geduld.Je moet je er niet voor schamen om over onze Heer te vertellen. 

Aantekening

2 Timotheüs 1 : 7 >  vreesachtigheid.Het Grieks (deilia) verwijst in buitenbijbelse bronnen naar iemand die de strijd ontvlucht, en heeft een sterk ongunstige betekenis die verwijst naar lafhartigheid. Stoutmoedigheid, niet lafhartigheid, is een teken van de Geest (zie Speuken 28:1, ‘zelf vertrouwen; Handelingen 4:31, ‘vrijmoedigheid’).

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

2 Timotheüs 1 : 7  >  God heeft ons … bezonnenheid: het vorige v. en andere teksten met vergelijkbare strekking (Rom. 8:15; 1 Kor. 2:12) geven aan dat hoogstwaarschijnlijk Gods Geest bedoeld wordt.

2 Timotheüs 1 : 8  >  omwille van hem: Paulus zit gevangen in Rome omdat hij het evangelie verkondigd heeft.


[1]  Romeinen 8:15

[2]  Romeinen 1:16

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Maandag 14 januari 2019 – Lucas 8:43-44

[1]En een vrouw die al twaalf jaar [2]bloedvloeiingen had en die al haar bezit aan dokters uitgegeven had, maar door niemand genezen had kunnen worden, kwam van achteren naar Hem toe en raakte de zoom van Zijn bovenkleed aan; en onmiddellijk hield het vloeien van haar bloed op.

(BGT) Tussen de mensen liep ook een vrouw die al twaalf jaar ziek was. Ze verloor steeds bloed. De vrouw had al haar geld uitgegeven aan dokters, maar niemand had haar beter kunnen maken. Het lukte de vrouw om vlak achter Jezus te komen en de rand van zijn jas aan te raken. Het bloeden stopte meteen.

Aantekening

Lukas 8 : 43  >  bloedvloeiingen.Zie aantekening bij Mattheüs 9:20. Haar nood is groot, gezien de lange duur (al twaalf jaar) en het uitzichtloze ervan (door niemandte genezen). Bovendien was ze daardoor ritueel onrein, en daarmee goeddeels verstoken van de maatschappelijke en godsdienstig contact (vgl. Leviticus 15:25).

Lukas 8 : 44  >  raakte de zoom van Zijn bovenkleed aan.Zie aantekening bij Markus 5:25-27. Als contrast met de jarenlange vloeiing en het falen van alle medische hulp komt Gods genezing onmiddellijk(vgl. Lukas 18:43).

Verwijzing naar aantekening

Mattheüs 9:20bloedvloeiingen.Haar toestand was erg omdat die al twaalf jaar duurde. Ze was hopeloos en ernstig verzwakt door haar bloedverlies. Bovendien zou zij door haar bloedingen ritueel onrein zijn, wat haar uitsloot van het normale sociale en godsdienstige leven.

Markus 5:25-27Jezus gaat op weg om de dochter van Jaïrus te genezen, maar gelijktijdig vont een ander voorval plaats: de genezing van een vrouw met bloedvloeiingen(vers 25-34; zie aantekening bij Mattheüs 9:20). Zo’n aandoening maakte een vrouw ritueel onrein (vgl. Leviticus 15:25-28). Dus zij mag bv. Niet in de vrouwenvoorhof van de tempel komen en zich niet tussen de mensen begeven zonder hen op haar onreinheid attent te maken. Door nu Jezus’ bovenkleedaan te raken, maakt zij Hem ritueel onrein (vgl. Leviticus 15:19-23). Maar Jezus staat boven reinheidswetten en maakt haar door Zijn kracht juist rein (vgl. Markus 1:41; 5:41). 


[1]  Mattheüs 9:20; Markus 5:25 

[2]  Leviticus 15:25

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zondag 13 januari 2019 – Jesaja 25:9

Op die dag zal men zeggen: Zie, Dit is onze God; wij hebben Hem verwacht, en Hij zal ons verlossen. Dit is de HEERE, wij hebben Hem verwacht, wij zullen ons verheugen en verblijden in Zijn heil.

(BGT) Als die dag komt, zullen de mensen zeggen: ‘De Heer is onze God! We wisten dat hij ons zou bevrijden. Hij is de Heer! We kunnen blij zijn en juichen, want de Heer heeft ons bevrijd.’

Aantekening

Jesaja 25 : 9  >  Zie.Zie Jesaja 24:1. Het vooruitziend geloof, dat geduldig een vernieuwde aarde en een nieuwe samenleving heeft verwacht,ziet dan de realisatie (vgl. de verwachting in Jesaja 40:9-11)! Dit is onze God.Met heel hun hart verbinden zij zich aan Hem (vgl. Exodus 29:45-46). wij hebben Hem verwacht.Verlossing is het wachten waard, zelfs de smaad van Jesaja 28:8.Zijn heil.De verlossing is van het begin tot het eind het heil van God alleen (vgl. Exodus 14:13; 15:2; Psalm 68:20-21; 98:2-3).

Tekst verwijzing Jesaja 24 : 1Zie, de HEERE maakt het land leeg en verwoest het;het oppervlak ervan keert Hij ondersteboven, Hij verspreidt zijn inwoners.

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zaterdag 12 januari 2019 – 1 Johannes 3:16-17

[1]Hieraan leerden wij de liefde kennen, dat Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven. Ook wij moeten voor de broeders het leven geven. [2]Wie dan de goederen van de wereld heeft, en zijn broeder gebrek ziet lijden, maar zijn hart voor hem toesluit, hoe kan de liefde van God in hem blijven?

(BGT) Hieraan leerden wij de liefde kennen, dat Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven. Ook wij moeten voor de broeders het leven geven.Wie dan de goederen van de wereld heeft, en zijn broeder gebrek ziet lijden, maar zijn hart voor hem toesluit, hoe kan de liefde van God in hem blijven?

Aantekening 

1 Johannes 3 : 16  >  Hieraan leerden wij de liefde kennen, dat Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven.Jezus’ weg naar het kruis is een voorbeeld van het onbaatzuchtige leven van zelfverloochening waartoe Zijn navolgers worden geroepen.

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

1 Johannes 3 : 16  >  voor ons: Johannes beklemtoont dat Jezus’ offer vrijwillig was (lett. ‘Hij heeft zijn leven voor ons afgelegd’). Kaïn vertegenwoordigt de haat, Jezus de liefde. Kaïn benam iemand z’n leven, Jezus heeft het zijne gegeven.

1 Johannes 3 : 17  >   in iemand blijven: het jezelf geven in het vorige vers komt concreet tot uiting in het dagelijks leven. Vgl. Jak. 2:15-16.


[1]  Johannes 15:13; Efeze 5:2

[2]  Deuteronomium 15:7; Lukas 3:11; Jakobus 2:15