HSV: [12] Toen begrepen zij dat Hij niet gezegd had dat zij op hun hoede moesten zijn voor het zuurdeeg van het brood, maar voor het onderricht van de Farizeeën en de Sadduceeën.
NBV21: [12] Toen begrepen ze dat Hij niet bedoelde dat ze op hun hoede moesten zijn voor de zuurdesem in brood, maar voor het onderricht van de farizeeën en de sadduceeën.
BGT: [12] Toen begrepen de leerlingen het. Dat gevaarlijke voedsel was geen eten. Maar het waren de gevaarlijke ideeën van de farizeeën en de sadduceeën.
Aantekening bij:
Mattheüs 16:6-12 Anders dan in Mattheüs 13:33 is het zuurdeeg hier negatief bedoeld om duidelijk te maken hoe het kwaad van het verderf binnen kan dringen en het goede kan verwoesten. Vgl. Exodus 12:8, 15-20. geen broden meenemen. De discipelen zijn zo druk met hun dagelijkse behoeften dat hun de figuurlijke betekenis van het zuurdeeg, bedoeld als geestelijke les, ontgaat. Nadat Jezus hen vermaand heeft, begrepen zij het eindelijk.