| Bijbel open in 2023 |
Dag: 210
Lezen: Spreuken 30:1-9
Thema: Gods woord is genoeg
Tekst voor vandaag: Spreuken 30:6
HSV: [6] [1]Voeg niets toe aan Zijn woorden, anders zal Hij u straffen, omdat u een leugenaar zou blijken te zijn.
NBV21: [6] Voeg niets aan zijn woorden toe, anders straft Hij je en blijk je een leugenaar.
BGT: [6] Niemand mag uw woorden veranderen. Anders straft u hem, omdat hij liegt.
Aantekening bij:
Spreuken 30:2-6 Voorzeker, ik ben onverstandiger dan iemand anders. Wijsheidsteksten beginnen vaak met een soort aankondiging waarin de leraar verklaart dat hij wijs is en dat men daarom acht moet slaan op zijn woorden. Hier doet Agur precies het tegenovergestelde: hij belijdt dat hij geen wijsheid geleerd heeft (vers 2-3). Agur stelt dan een aantal retorische vragen, bedoeld om de beperktheid van het menselijk begrip en van zijn prestaties te kennen te geven (vers 4). Evenals de vragen van God in Job 38-39 wijzen deze vragen naar dingen die alleen God kan doen. Stille eerbied is de enig juiste menselijke reactie.
Spreuken 30:5-6 Ieder woord van God is gelouterd (vgl. 2 Samuël 22:31; Psalm 12:7; 18:31; 119:40). De betekenis is dat Gods woorden een betrouwbaar fundament zijn voor iemands leven. De nadruk die deze spreuk legt op elk ‘woord’ (Hebreeuws ‘imrah), onderstreept de waarachtigheid en betrouwbaarheid van de bijbel. Dat betreft alleen zijn algemene boodschap maar ook ieder detail. Dit vers ondersteunt de leer van ‘volledige’ (ten volle, complete) inspiratie van de schrift, die zich zelfs tot ‘ieder woord’ uitstrekt. Zo waarschuwt spreuken 30:6 om niets aan Gods woorden toe te voegen. Het geheel van vers 2-6 leert zodoende dat menselijke wijsheid beperkt is , dat de wijste mensen hun onwetendheid erkennen, dat waarheid ligt in het Woord van God, en dat niemand moet denken dat hij in staat is de wijsheid die God heeft gegeven, te vermeerderen.
Bij vers 6 verwijst de verwijs Bijbel naar:
Galaten 1:[6] Ik verwonder mij erover dat u zich zo snel afwendt van Hem Die u in de genade van Christus geroepen heeft, naar een ander evangelie,
[7] terwijl er geen ander is; al zijn er ook sommigen die u in verwarring brengen en het Evangelie van Christus willen verdraaien.
[8] Maar zelfs als wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie zouden verkondigen, anders dan wat wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt.
[1] Deuteronomium 4:[2] U mag aan het woord dat ik u gebied, niets toevoegen en er ook niets van afdoen, opdat u de geboden van de HEERE, uw God, die ik u gebied, in acht neemt.
Deuteronomium 12:[32] Dit alles wat ik u gebied, moet u nauwlettend in acht nemen. U mag er niets aan toevoegen en er ook niets van afdoen.
Openbaringen 22:[18] Want ik getuig aan ieder die de woorden van de profetie van dit boek hoort: Als iemand iets aan deze dingen toevoegt, zal God hem de plagen toevoegen die in dit boek geschreven zijn.