Woord voor vandaag

Woord voor vandaag

Dag: 017

Lezen: Johannes 2:13-25

Thema: Hartstocht

Tekst voor vandaag: Johannes 2:14

 

HSV: [14] [1]En Hij trof in de tempel mensen aan die runderen, schapen en duiven verkochten, en de geldwisselaars die daar zaten.

 

NBV21: [14] Daar trof Hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten.

 

BGT:  [14] In de tempel zag hij handelaars die geld wisselden en mensen die koeien, schapen en duiven verkochten.

 

Aantekening bij de dagtekst: Johannes 2:14

Tempel (Grieks ‘ieron) betekent hier het tempelcomplex als geheel, inclusief de voorhof voor de heidenen, te onderscheiden van het eigenlijke tempelgebouw (Grieks naos), waar niet-Joden niet mochten komen. Door de verkoop van runderen, schapen, en duiven verleenden handelaars, evenals geldwisselaars, dienst aan reizigers van ver, waardoor mensen ter plaatse offerdieren konden kopen in plaats van die van huis te moeten meenemen. Maar door hun bedrijf in het tempelcomplex uit te voeren, verstoorden ze de aanbidding van niet-Joodse Godvereerders (zie aantekening bij Johannes 12:20), waarmee ze het doel van de tempel in de weg stonden.

 

Aantekening bij Johannes 12:20

Grieken betekent heidenen, niet per se mensen uit Griekenland (zie aantekening bij Johannes 7:35). Deze mensen zijn ‘godvrezenden’ (vgl. aantekening bij Handelingen 10:2), niet-Joden die voor het feest naar Jeruzalem zijn gekomen.

 

Aantekening bij Johannes 7:35

De mensen begrijpen Jezus’ opmerking in vers 34 niet (zie ook 3:4; 4:15; 6:52). de verstrooiing(Grieks diaspora) was de vaste uitdrukking voor heel het Joodse volk voor zover het verspreid buiten het land Israël woonde, in en buiten het Romeinse Rijk. 

 

Aantekening bij Handelingen 10:2

Een vroom man die … God vreesde. Cornelius was een ‘godvrezende’ (vgl. vers 22; Handelingen 13:16, 26), een heiden die de God van Israël aanbad en ook naar de synagoge ging, maar nog niet het Joodse bekeringsritueel had ondergaan (m.n. de besnijdenis). Hij hield zich aan twee van de belangrijkste aspecten van de Joodse godsvrucht: het gebed en de liefdegaven aan de armen.


[1]  Mattheüs 21:[14] In de tempel zag hij handelaars die geld wisselden en mensen die koeien, schapen en duiven verkochten.

   Markus 11:[15] En zij kwamen in Jeruzalem; en toen Jezus de tempel binnengegaan was, begon Hij hen die in de tempel verkochten en kochten, naar buiten te drijven; en de tafels van de wisselaars en de stoelen van hen die de duiven verkochten, keerde Hij om,

   Lukas 19:[45] En toen Hij de tempel was binnengegaan, begon Hij hen die daarin verkochten en kochten, eruit te drijven.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *