TEKST VOOR VANDAAG
MARKUS 7 : 15
DAG 213
LEZEN: MARKUS 7 : 14 – 23
THEMA: Onreinheid komt van binnenuit
(HSV) [15] [1]Er is niets dat van buitenaf de mens binnengaat, dat hem kan verontreinigen; maar de dingen die van hem uitgaan, die zijn het die de mens verontreinigen.
(BGT) [15-16] Een mens wordt niet onrein van de dingen die bij hem naar binnen gaan. Nee, een mens wordt juist onrein van de dingen die uit hem naar buiten komen.’
Aantekening
Markus 7 : 15 niets … kan verontreinigen. Het verontreinigde mensenhart is een groter probleem dan men zich kan voorstellen (zie Jesaja 29:13-16; Jeremia 17:17:9-10). Het gaat veel dieper dan puur rituele onreinheid (zie Markus 7:19b). Bij verontreiniging ligt de kern van het probleem in wat er in het hart leeft (dingen die van hem uitgaan), niet wat van buitenaf de mens binnengaat. In heel de schrift betekent het hart het centrum van onze persoon met inbegrip van ons denken, onze emoties en onze wil.
Gods geboden of menselijke geboden? Markus 7:1-23 (Uit de Vrouwen Bijbel)
De Farizeeën en de Schriftgeleerden menen dat zij Jezus kunnen aanspreken op het overtreden van een gebod. Zijn discipelen eten rein voedsel met ongewassen handen. Dat doet een rechtzinnige Jood niet. Maar Jezus heeft hen door. Zij stellen een menselijk gebod boven het gebod, namelijk God lief te hebben boven alles. Als wij onze naasten wijzen op iets wat ze fout doen, spreken we dan vanuit Gods geboden of zijn we ook veel te veel gericht op menselijke geboden?
[1] Handelingen 10:[15] En er kwam opnieuw, voor de tweede keer, een stem tot hem: Wat God gereinigd heeft, mag u niet voor onheilig houden!
Romeinen 14:[17] Want het Koninkrijk van God bestaat niet uit eten en drinken, maar uit gerechtigheid en vrede en blijdschap in de Heilige Geest.
Romeinen 14:[20] Breek niet om wat u eet het werk van God af. Alle dingen zijn wel rein, maar het is zondig voor hem die door wat hij eet aanstoot geeft.
Titus 1:[15] Alle dingen zijn wel rein voor hen die rein zijn, maar voor hen die bezoedeld en ongelovig zijn, is niets rein, maar hun verstand en ook hun geweten zijn bezoedeld.