TEKST VOOR VANDAAG
DEUTERONOMIUM 11 : 18-21
DAG 204
LEZEN: DEUTERONOMIUM 11 : 10 – 21
THEMA: De kracht van de herhaling
(HSV) [18] [1]Daarom moet u deze woorden van mij in uw hart en in uw ziel prenten. Bind ze als een teken op uw hand, en ze moeten als een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn. [19] En [2]leer ze aan uw kinderen door erover te spreken als u in uw huis zit en als u over de weg gaat, als u neerligt en als u opstaat; [20] en schrijf ze op de deurposten van uw huis en op uw poorten, [21] opdat uw dagen en de dagen van uw kinderen in het land waarvan de HEERE uw vaderen gezworen heeft het hun te geven, zo talrijk worden als de dagen dat de hemel boven de aarde staat.
(BGT) [18] Onthoud de woorden van de Heer goed, vergeet ze niet! Schrijf zijn regels op een band die je om je arm doet. En schrijf ze op een band die je om je voorhoofd draagt. [19] Zorg ervoor dat jullie kinderen die regels goed leren. Blijf ze herhalen, thuis en onderweg, als je naar bed gaat en als je weer opstaat. [20] Schrijf ze ook op de deurposten van je huis en op de poorten van de stad. [21] Volk van Israël, onthoud de regels van de Heer dus goed. Dan zullen jullie voor altijd wonen in het land dat hij aan jullie voorouders beloofd heeft. Net zo lang als de hemel boven de aarde blijft staan.
Aantekening
Deuteronomium 11 : 18 – 21 Over het onthouden van deze woorden en het doorgeven aan de volgende generatie, zie aantekening bij Deuteronomium 6:7-9. de dagen dat de hemel boven de aarde staat. D.w.z. voor eeuwig.
Aantekening bij Deuteronomium 6 : 7 – 9: De twee tegenstellingen (zit/ over de weg gaat, neerligt/opstaat) geven aan dat het om alle tijden, plaatsen en activiteiten gaat, wanneer, waar en wat dan ook. binden … schrijven. Veel Joden hebben deze geboden letterlijk vervuld met tefilin (vers 8) en mezoeza (vers 9) d.w.z. doosjes die op de arm en op het voorhoofd gebonden of aan de deurpost bevestigd worden, en waar vers 4-5 en andere schrift gedeelten in zitten. Zie ook Deuteronomium 11:18-20.
Voorhoofdsband Deuteronomium 11:18 (Uit de Mannen bijbel)
Joodse mannen dragen bij het bidden een zwart doosje op het voorhoofd, letterlijk een bajit, een huisje, er zitten teksten in uit Exodus 13, Deuteronomium 6:4-9 en 11:13-21; op perkament geschreven. Het doosje zit op het voorhoofd, dicht bij de plek waar – volgens hen – je de ziel zou kunnen lokaliseren.
[1] Deuteronomium 6:[6] Deze woorden, die ik u heden gebied, moeten in uw hart zijn.
Deuteronomium 6:[8] U moet ze als een teken op uw hand binden en ze moeten als een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn.
[2] Deuteronomium 4:[9] Alleen, wees op uw hoede en neem uzelf zeer in acht, dat u de dingen niet vergeet die uw ogen gezien hebben, en dat zij niet uit uw hart wijken alle dagen van uw leven. U moet ze uw kinderen en uw kleinkinderen bekendmaken:
Deuteronomium 6:[7] U moet ze uw kinderen inprenten en erover spreken, als u in uw huis zit en als u over de weg gaat, als u neerligt en als u opstaat.