TEKST VOOR VANDAAG
EZECHIËL 39 : 25 – 29
DAG 128
LEZEN: EZECHIËL 39 : 17 – 29
THEMA: Ommekeer
(HSV) [25] Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Ik zal nu een omkeer brengen in de gevangenschap van Jakob, Ik zal Mij ontfermen over heel het huis van Israël en Ik zal het opnemen voor Mijn heilige Naam. [26] Zij zullen hun schande moeten dragen, en heel hun trouwbreuk, die zij tegenover Mij gepleegd hebben toen zij onbezorgd in hun land woonden en er niemand was die hun schrik aanjoeg. [27] Wanneer Ik hen uit de volken terugbreng en hen bijeenbreng uit de landen van hun vijanden, zal Ik door hen voor de ogen van veel heidenvolken geheiligd worden. [28] Dan zullen zij weten dat Ik, de HEERE, hun God ben, omdat Ik hen onder de heidenvolken in ballingschap voerde, maar hen ook weer verzamelde in hun land en niemand van hen daarginds nog liet achterblijven. [29] Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen, wanneer Ik Mijn [1]Geest over het huis van Israël heb uitgestort, spreekt de Heere HEERE.
(BGT) [25] Maar vanaf nu zal ik ervoor zorgen dat het weer goed gaat met Israël. Ik zal medelijden krijgen met mijn volk, en hen helpen. Zo zal ik aan iedereen laten zien dat ik een heilige God ben. [26] De Israëlieten mogen weer terugkeren naar hun eigen land. Daar zullen ze in vrede kunnen leven. Maar ze zullen zich wel blijven schamen voor hun ontrouw. [27] Ik zal de Israëlieten weghalen bij de volken waarbij ze terechtgekomen zijn. Ik zal hen bevrijden uit de landen van hun vijanden, en hen weer bij elkaar brengen. Zo zal ik aan de volken laten zien dat ik een heilige God ben. [28] Ik had de Israëlieten zelf weggestuurd naar die andere volken. Maar ik zal hen ook weer terugbrengen naar hun eigen land. Niemand van hen zal achterblijven. Dan zullen ze begrijpen dat ik de Heer ben, hun God. [29] Ik zal mijn geest aan hen geven, en ik zal nooit meer bij hen weggaan. Dat heb ik, de Heer, besloten.’
Aantekening
Ezechiël 39 : 25 – 29 Het laatste element van de Godsspraak schenkt nu meer aandacht aan Israël dan aan Gog. In deze korte verzen weerklinken vele herstelpassages uit hoofdstuk 34-37. Tevens bevatten zij de thema’s van vernieuwing voor heel het huis van Israël (Ezechiël 39:25), het niet langer plegen van trouwbreuk (vers 26), en het bijeenbrengen en de terugkeer van hen die eens verstrooid waren (vers 27-28).
Ezechiël 39 : 29 Gods belofte (Ik zal Mijn gezicht niet meer voor hen verbergen) verzekert ervan dat de verlatenheid, besproken in vers 23-24, verleden tijd is (vgl. Jesaja 54:8). Zoals in Ezechiël 37:1-7 valt deze uiteindelijke vernieuwing samen met de uitstorting van Mijn Geest.
Verborgen aangezicht Ezechiël 39:23-29 (Uit de Vrouwen Bijbel)
Is God er nog wel? Er kunnen momenten in je leven zijn waarbij deze vraag maar door je hoofd blijft spelen. De Heere lijkt afwezig op de momenten waarop jij Hem juist hard nodig hebt. Bij het volk Israël verborg God Zijn gelaat vanwege hun ontrouw en ongerechtigheid. Ze moesten zelfs in ballingschap. Maar niet voor eeuwig! Toen Hij hen weer terugbracht en bijeenbracht, werd Zijn gelaat weer zichtbaar. God belooft zelfs Zijn gelaat niet meer te verbergen (vers 29).
[1] Joël 2:[28] Daarna zal het geschieden dat Ik Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees: uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw ouderen zullen dromen dromen, uw jongemannen zullen visioenen zien.
Handelingen 2:[17] En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw jongemannen zullen visioenen zien en uw ouderen zullen dromen dromen.