Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Als je zoveel ellende ziet, waarom     kom je dan niet bij God?

Lezen: Haggaï 2 : 11 – 24  

Woensdag 16 december 2020         Haggaï 2 : 24[1]

(HSV) [24] Op die dag, spreekt de HEERE van de legermachten, zal Ik u, Zerubbabel, zoon van Sealthiël, Mijn dienaar nemen, spreekt de HEERE. Ik zal u maken tot een zegelring, want u geb Ik verkozen, spreekt de HEERE van de legermachten.

(BGT) [23] Maar jij, Zerubbabel, zoon van Sealtiël, jij bent mijn dienaar. Ik heb jou uitgekozen om koning te zijn. Jij zult namens mij regeren.’ Dat zegt de machtige Heer.’

Aantekening

Haggaï 2 : 21 – 24  >  Zerubbabel: De zegelring. De zesde en laatste boodschap van de Heere aan Haggaï vult het vorige Godswoord aan en komt op dezelfde dag (Haggaï 2:11, 19, 21). Overweging van het verleden en het heden (Haggaï 2:11-20) verschuift plotseling naar een toekomstig koninklijk visioen van een bevende schepping, omvergeworpen koninkrijken en legers die te gronde gaan. Ten slotte richt het visioen zich op de daden van de Godelijke Koning, Wiens hand, in de vorm van een zegelring, de belofte draagt van het herstelde huis van David in de persoon van Zerubbabel. Zeven keer in deze korte paragraaf is de Heere Degene die handelend optreed.

Haggaï 2 : 24  >  Een voorafschaduwing van het herstelde huis van David. Op die dag. Een algemene uitdrukking in de profeten. Hier plaatst het de daden van de Heere in een niet nader omschreven toekomst. ‘de dag van de Heere’ (Jesaja 2:11-20; zie aantekening bij [2]Amos 5:18-20; vgl. Joël 2; Zacharia 14; zie ook De dag van de Heere in de profeten). zal ik u … nemen. Om Gods daden te onderstrepen staat er tot drie keer toe: spreekt de Heere [van de legermachten]. Mijn dienaar.Een titel die gegeven wordt aan personen die uitverkoren zijn om de door God gegeven opdracht te vervullen. Hij is vooral van toepassing op David zelf, of op een ideale koning uit het nageslacht van David (2 Samuël 3:18; Psalm 89:4; Jesaja 49:5-6; Ezechiël 34:23-24). zegelring. Een ring die het bewijs leverde van koninklijk gezag en eigendomsrecht. Zoals een koning juridische documenten met zijn ring verzegelt, zo zal de Heere Zijn eigen waarmerk op de wereld zetten in de persoon van Zijn koninklijke vertegenwoordiger. Zerubbabel, afstammeling van iemand die ooit werd ‘afgedankt’ (‘wegwerpen’, Jeremia 22:24-27), is de ring die teruggeschoven wordt aan de hand van de goddelijke Koning. Gods belofte om Zijn volk en heel de wereld te zegenen in en door het huis van David blijft nog steeds van kracht (vgl. Mattheüs 1:1).

De dag van de HEERE.

De dag van de Heere
Jesaja 13:6, 9Gebruikmakend van een beeld van een strijd verwijst ‘de dag van de HEERE’ naar het oordeel over Babel en wordt verbolgenheid en toorn beloofd (zie Jesaja 2:12; 34:8).
Jeremia 46:10Gebruikmakend van een beeld van een verslindend zwaard vewijst ‘de dag van de HEERE, de HEERE van de legermachten’ naar het oordeel over Egypte en wordt de wraak van de HEERE  beloofd.
Ezechiël 13:5; 30:3Valse profeten hebben Israël niet voorbereid op ‘de dag van de HEERE’ (Ezechiël 13:5), die later wordt voor gesteld als een ‘dag van wolken’ en ‘de tijd van de heidenvolken’.
Joël 1:15; 2:1, 11, 31; 3:14Op diverse manieren gebruikt brengt ‘de dag van de HEERE’ een sprinkhanenplaag, oordeel over Israël en de heidenvolken, of de uiteindelijke rechtvaardiging van God en Zijn volk.
Amos 5:18 (2x), 20Gebruikmakend van diverse metaforen verwijst ‘de dag van de HEERE’ naar de duisternis van het oordeel – door de hand van de Assyriërs – over het noordelijk koninkrijk (Israël).
Obadja vers 15Gebruikmakend van het beeld van ‘voortdurend drinken’ (ver 16) verwijst ‘de dag van de HEERE’ naar het komende oordeel over Edom en de heidenvolken, maar heil voor Gods volk.
Zefanja 1:7, 14 (2x)Gebruikmakend van het beeld van een ‘offer’ verwijst ‘de dag van de HEERE’ naar het komende oordeel over Juda en de heidenvolken, of naar het toevlucht vinden in de HEERE voor allen die zichzelf verootmoedigen.
Maleachi 4:5De dag van de HEERE’ verwijst naar de komst van de HEERE Zelf, de ‘Engel van het verbond’ (Maleachi 3:1), Die recht brengt, de rerdienst reinigt, en hen die Hem toebehoren voor Zich opeist.

Zegelring                     Haggaï 2 : 24                         (Uit de mannen Bijbel)Zerubbabel wordt tot een zegelring gemaakt. Een zegelring geldt als een kostbaar persoonlijk bezit, waarop je zuinig bent. Het is in deze tekst een symbool van de koninklijke macht, bedoeld als een soort handtekening onder de staatstukken. Zerubbabel wordt daarbij gezien als de kon


[1]  Mattheüs 24:[6] U zult horen van oorlogen en geruchten van oorlogen; pas op, word niet verschrikt, want al die dingen moeten gebeuren, maar het is nog niet het einde.

     [7] Want het ene volk zal tegen het andere volk opstaan, en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; en er zullen hongersnoden zijn en besmettelijke ziekten en aardbevingen in verscheidene plaatsen.

[2]  Amos 5:[18] Wee hun die verlangend uitzien naar de dag van de HEERE! Wat zal voor u die dag van de HEERE zijn? Duisternis zal hij zijn en geen licht. [19] Het is zoals iemand die vlucht voor een leeuw, en een beer tegenkomt, of die, als hij thuiskomt en met zijn hand tegen de muur leunt, door een slang wordt gebeten. [20] Zal de dag van de HEERE niet duisternis zijn, en geen licht; donkerte – zonder lichtglans erover?  

Aantekening bij vers 18-20 > Voor zover bekend is dit in de profeten de eerste keer dat de uitdrukking de dag van de Heere gebruikt wordt. Ze komt ook voor in Jesaja 13:6; Jeremia 46:10; Ezechiël 13:5; 30:3; Joël 1:5; 2:1, 11, 31: 3:14; Obadja vers 15; Zefanja 1:7, 14 en Maleachi 4:5. Mogelijk was dit in de tijd van Amos een gangbare uitdrukking voor het moment voor het moment waarop God zou ingrijpen en Israël zou verhogen boven de andere volken (wellicht gebaseerd op Deuteronomium 32:35-37). Amos maakt, net als de profeten na hem, duidelijk wat het werkelijk inhoudt als de Heere Zijn volk bezoekt. Wanneer zij Hem ontrouw zijn, volgt onvermijdelijk het oordeel. In Amos wijst de uitdrukking dan ook vooruit naar het komende oordeel over het noordelijk rijk, dat ten prooi zal vallen aan de Assyriërs (Amos 5:27). In Zefanja heeft de uitdrukking betrekking op het komende oordeel over Juda, dat in handen zal vallen van de Babyloniërs. Andere profeten verwijzen hiermee naar Gods komende bestraffing van de andere volken om hun gruweldaden, zoals Babel (Jesaja 13:6, 9), Egypte (Jeremia 46:10), Edom (Obadja ver 15) en vele heidenvolken (Joël 3:14; Obadja vers 15). In sommige gevallen gebruiken de profeten deze uitdrukking voor iets wat verder in de toekomst ligt (Maleachi 4:5; waarschijnlijk in Joël 3:2). Dit alles geeft aan dat de uitdrukking ‘de dag’ niet uniek is, maar in meerdere contexten voor kan komen. Ook in het Nieuwe Testament wordt de uitdrukking gebruikt in het licht van de wederkomst van Christus (bv. 1 Korinthe 1:8; 2 Petrus 3:10).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *