Tekst van de dag Bevoegd gezag
Lezen: Mattheüs 21 : 23 – 32
Maandag 19 oktober 2020 Mattheüs 21 : 24 – 27
Jezus antwoordde en zei tegen hen: Ik zal u ook één ding vragen; als u Mij dat zegt, zal Ik u ook zeggen met welke bevoegdheid Ik deze dingen doe. De doop van Johannes, vanwaar was die, uit de hemel of uit de mensen? En zij overlegden met elkaar, en zeiden: Als wij zeggen: Uit de hemel, dan zal Hij tegen ons zeggen: Waarom hebt u hem dan niet geloofd? Maar als wij zeggen: Uit de mensen, dan zijn wij bevreesd voor de menigte, want zij houden allen Johannes voor een profeet. En zij antwoordden Jezus en zeiden: Wij weten het niet. Hij zei tegen hen: Dan zeg Ik u ook niet met wat voor bevoegdheid Ik dit doe.
(BGT) Jezus antwoordde hun: ‘Ik heb eerst een vraag voor jullie. Johannes de Doper doopte mensen. Deed hij dat uit zichzelf of in opdracht van God? Als jullie mij antwoord geven, dan zal ik jullie antwoord geven.’ De priesters en de leiders van het volk overlegden met elkaar. Ze zeiden: ‘Stel dat we zeggen: ‘Johannes doopte in opdracht van God.’ Dan zegt Jezus natuurlijk: ‘Waarom geloofden jullie hem dan niet?’ Maar stel dat we zeggen: ‘Johannes doopte uit zichzelf.’ Dan komen we in moeilijkheden. Want het hele volk gelooft dat Johannes een profeet van God is.’ Daarom antwoordden ze: ‘We weten het niet.’ Toen zei Jezus: ‘Dan zeg ik ook niet wie mij het recht gegeven heeft om deze dingen te doen.’
Aantekening
Mattheüs 21 : 25 – 27 > uit de hemel of uit de mensen? De oprechtheid van de leiders blijkt uit hun weigering om deze vraag te beantwoorden, maar Jezus strikt hen ook, want zij zijn de godsdienstige leiders en moeten nu hun onkunde bekennen. En als zij niet weten of Johannes van God was, hoe kunnen zij dan beoordelen of Jezus dat is.