Tekst van de dag Bloedserieus
Lezen: Exodus 29 : 15 – 30
Vrijdag 21 augustus 2020 Exodus 29 : 20 – 21
U moet de ram slachten, wat van zijn bloed nemen en dat strijken op de rechteroorlel van Aäron en op de rechteroorlel van zijn zonen, op de duim van hun rechterhand en op de grote teen van hun rechtervoet. Daarna moet u het overige bloed rondom op het altaar sprenkelen. Dan moet u wat van het bloed nemen dat op het altaar is, en van de zalfolie, en dat sprenkelen op Aäron, op zijn kleding, op zijn zonen en op de kleding van zijn zonen met hem. Dan zal hij geheiligd zijn, hij, zijn kleding, zijn zonen en de kleding van zijn zonen met hem.
(BGT) Daarna moet je de ram slachten. Smeer met je vinger wat bloed aan het rechteroor van Aäron, en aan het rechteroor van zijn zonen. Smeer ook wat bloed aan hun rechterduim en aan de grote teen van hun rechtervoet. De rest van het bloed moet je langs de zijkanten van het altaar gieten. Neem wat bloed van het altaar en wat olijfolie, en druppel dat op Aäron en op zijn kleren. Doe dat ook bij zijn zonen. Dan horen Aäron en zijn zonen bij God, en hun kleren ook.
Aantekening
Exodus 29 : 20 > Omdat Aäron en zijn zonen dan bekleed zijn met hun priestergewaden, wordt er bloed aangebracht aan hun oorlel, duim en grote teen, onbedekte lichaamsdelen als aanduiding van het geheel. Dat het telkens aan hun rechter zijde gebeurt, zal ermee samenhangen dat de rechterhand geld als de ereplaats (zie Genesis 48:17-19). Evenals in Exodus 24:6-8 dient het strijken van bloed aan de priesters en aan het altaar om hen met God te verbinden; tevens kan men het zien als reiniging van zonde.