Dagelijks Woord
Donderdag 19 september 2019 – Spreuken 3:27-30
Onthoud het goede niet aan wie er recht op hebben als het binnen je macht ligt dat te doen. Zeg niet tegen je naaste: Ga heen en kom nog eens terug en morgen zal ik het geven, terwijl het bij jou is. Smeed geen kwaad tegen je naaste, terwijl hij onbezorgd bij jou woont. Klaag een mens niet zonder reden aan als hij jou geen kwaad heeft gedaan.
(BGT) Als je iemand ergens mee kunt helpen, doe dat dan ook. En geef hem waar hij recht op heeft. Zeg niet: ‘Ga weg, kom morgen maar terug.’ Als iemand jou vertrouwt, moet je hem niet slecht behandelen.Maak geen ruzie met iemand die jou geen kwaad gedaan heeft.
Aantekening
Spreuken 3 : 21 – 35 > Vierde vaderlijke vermaning: Wandel onbezorgd in wijsheid.Deze vermaning is een aanmoediging voor hem die ‘wijsheid vindt’ (Spreuken 3:13-20) om haar te bewaren en in haar wegen te wandelen, wetend dat de Heere het pad van de rechtvaardigen onderhoudt en beveiligt (Spreuken 3:21-26). Midden in dit gedeelte staat een aantal geboden (Spreuken 3:27-31) die handelingen verbieden die ingaan tegen Leviticus 19:9-18 (d.w.z. ‘U moet uw naaste liefhebben als uzelf’), omdat zulk gedrag anderen behandelt op een manier die een gruwelis voor de Heere(Spreuken 3:32). De vermaning sluit af met de herinnering dat zij die in wijsheid wandelen eerzullen ontvangen(vgl. Spreuken 3:16), omdat de Heere hem die in ootmoed wandelt, zal zegenen(Spreuken 3:33-35).