TEKST VOOR VANDAAG
JESAJA 7 : 14
DAG 351
LEZEN: JESAJA 7 : 10 – 17
THEMA: Ongevraagd teken
(HSV) [14] Daarom zal de Heere Zelf u een teken geven: [1]Zie, de maagd zal zwanger worden. Zij zal een Zoon baren en Hem de naam Immanuel geven.
(NBV21) [14] Daarom zal de Heer zelf u een teken geven: de jonge vrouw is zwanger, zij zal spoedig een zoon baren en hem Immanuel noemen.
(BGT) [14] De Heer zelf zal u een teken geven. Een jonge vrouw zal zwanger worden en ze zal een zoon krijgen. Ze zal haar kind Immanuel noemen.
Aantekening
Jesaja 7 : 14 de Heere Zelf. Omdat de aardse koning niet op het aanbod (zie vers 12) ingaat, neemt de hemelse Koning weer het initiatief (vgl. vers 17). Net als Achaz zal ook zijn zoon en opvolger Hizkia twee tekenen krijgen (zie Jesaja 37:30; 38:7). Er wordt wel gezegd dat het Hebreeuwse woord ‘alma, dat vertaald is als maagd, gewoonlijk ‘jonge vrouw’ betekent, maar in feite betekent het specifiek ‘meisje’: een ongetrouwde en seksueel reine jonge vrouw, die zodanig maagdelijkheid als kenmerk heeft (zie Genesis 24:16, 43; Exodus 2:8). Dus de vertalers van de LXX, die in deze tekst 200 jaar voor de geboorte van Jezus ‘alma met parthenos (een specifieke uitdrukking voor ‘maagd’) hebben vertaald, hebben de bedoeling van het Hebreeuwse woord goed opgevat. Als Mattheüs deze profetie dan ook op de maagdelijke geboorte van Jezus betrekt (zie Mattheüs 1:23), is dit in overeenstemming met het correcte begrip van parthenos in de LXX en bij andere Griekse schrijvers. Jesaja profeteert verder dat ‘de maagd’ degene is die Hem de naam Immanuël zal geven. In het Oude Testament is het vaak de moeder die haar kind een naam geeft (bv. de namen van de aardsvaders in Genesis 29:31-30:24; zie echter Genesis 35:18; ook Richteren 13:24; 1 Samuël 1:20), al kunnen ook andere vrouwen (vgl. Ruth 4:17) of zelfs de vader (Genesis 16:15; Richteren 8:31) daarbij een rol spelen. De betekenis van de naam Immanuël (‘God met ons’) is de boodschap van het teken. Die is zo belangrijk, dat Mattheüs de naam voor zijn lezers vertaalt (Mattheüs 1:23). Immanuël wordt in Jesaja 8:8 zelf aangesproken (‘uw land innemen, immanuël!’); in 8:10 is de naam een volzin (‘Want God is met ons’). Dat God ‘met’ iemand of ‘met’ een volk is, wil zeggen dat hij hen leidt en help om hun roeping te volvoeren (genesis 21:22; Exodus 3:12; Deuteronomium2:7; Jozua 1:5; Psalm 46:8, 12; Jesaja 41:10). Dit was dus een duidelijke boodschap voor de angstige Achaz of voor het falende huis van David. Christelijke exegese volgt Mattheüs in het toepassen van dit vers op de geboorte van Jezus. Nu heeft het teken volgens Jesaja’s profetie ook betekenis voor Jesaja’s eigen tijd. Daarom rijzen in dit verband enkele vragen: Tot wiens gezin behoorde die maagd, en was zij nu getrouwd of niet? Wat is de precieze betekenis van de naam van het Kind? Heeft het Kind echt Immanuël geheten, of is dit eigenlijk een titel? En de hoofdvraag is wel: Is de profetie van het teken vervuld in Jesaja’s tijd, of heeft die (ook toen al) uitsluitend betrekking gehad op een volledige vervulling in de toekomst? Deze vraag is door christenen beantwoord op één van de twee volgende manieren. Sommigen geloven dat het teken maar één vervulling kent: d.w.z. het teken wijst uitsluitend en alleen op de geboorte van Jezus als de Messias. Zij accentueren het begrip ‘maagd’ als de enige betekenis van ‘alma, waarmee een vervulling van de profetie vóór de geboorte van Jezus wordt uitgesloten. Zij zien in ‘Immanuel’ hier en in Jesaja 8:8 eerder een titel dan een eigennaam. In deze visie toont het onderscheid tussen ‘Zoon’ (Hebreeuws ben, Jesaja 7:14) en ‘jongen’ (Hebreeuws na’ar, Jesaja 7:16) aan dat er verschil is tussen enerzijds het Kind van de wonderbare geboorte en anderzijds een jongen die niet in verband staat met Gods belofte. Deze visie heeft als gevolg dat een verwijzing naar Jesaja’s tijd (vers 16-17) losstaat van de belofte van de wonderbaarlijk geboren Zoon in de toekomst (vers 14). Volgens deze interpretatie heeft de voorzegging van de maagdelijke geboorte in vers 14 dan ook uitsluitend betrekking op een feit in de toekomst, en vormt Mattheüs’ toepassing van deze profetie op Jezus (Mattheüs 1:20-23) het geïnspireerde Goddelijke getuigenis dat dit feit de unieke vervulling van Jesaja’s profetie is. Bij deze interpretatie is het teken gegeven aan ‘het huis van David’, waarmee God Zijn belofte bevestigt om Davids koningshuis in stand te houden (overeenkomstig de beloften in 2 Samuël 7:12-16) teneinde Israëls opdracht tot zijn glorierijke vervulling te leiden (Jesaja 9:5-6; 11:1-10). Om dit te volvoeren zou God alle middelen gebruiken, zelfs een wonder. En deze belofte vormt dan Gods afwijzende reactie op Achaz’ ongelovig hopen op aardse hulp. Exegeten volgens wie dit teken meer direct voor Achaz en zijn tijd is bedoeld, zeggen gewoonlijk dat Jesaja’s profetie een dubbele vervulling heeft gekregen: eenmaal onmiddellijk in Jesaja’s tijd en eenmaal op langere termijn bij de geboorte van de Messias. Volgens hen ligt het voor de hand dat de naam ‘Imanuël’ een dubbele betekenis heeft, omdat in hetzelfde verband twee andere ‘zonen’ ook een symbolische tol vervullen (vgl. Jesaja 7:3; 8:3-4). Zij voeren ook aan dat Jesaja zelf het teken van Jesaja 7:16-17 rechtstreeks op Achaz’ eigen tijd betrekt. Deze opvatting van de tekst doet geen afbreuk aan Mattheüs’ bevestiging van de bovennatuurlijke ontvangenis en maagdelijke geboorte van Jezus (vgl. ook Lukas 1:34-35). Maar ook als de profetie een onmiddelijke vervulling in de tijd van Achaz inhoudt, kan die niet volledig zijn vervuld door de geboorte van iemand zoals Maher Sjabal Chas Baz (Jesaja 8:1, 3) of, zoals wel wordt gedacht, door de geboorte van Hizkia, aangezien Jesaja 9:5 de geboorte voorzegt van een zoon met de Naam ‘Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst’. En zo’n Naam past alleen maar bij de Messias uit het huis van David. Dus volgens deze interpretatie voorzegt de profetie van Jesaja 7:14 de geboorte van Immauël, en is die ten dele vervuld in Jesaja’s tijd, maar geheel en definitief in Jezus Christus. Gelovige exegeten zijn aan beide zijden van de tafel te vinden. Daarom moet men niet de waarheden vergeten die allen onderschrijven: de profeet spreekt namens God met gezag, Achaz en zijn huis liggen onder het oordeel; het profetisch teken raakt onmiddellijk het falen in die tijd van Achaz; de vervulling van de profetie vindt plaats door rechtstreeks Goddelijk ingrijpen in de menselijke geschiedenis; en het teken wordt uiteindelijk vervuld in de maagdelijke geboorte van de Messias Jezus. Die letterlijk ‘God met ons’ is.
Jesaja 7 : 10 – 17 Uitgangspunt van hoofdstuk 7 is dat Achaz en de Heer (sprekend via Jesaja) een fundamenteel verschillende kijk hebben op de dreiging van de coalitie Syrië/Efraïm. Al is Achaz erfgenaam van Davids troon, zijn geloof (vers 9) richt zich op de koning van Assyrië. Hij geeft hem tempelgoud met het verzoek Syrië aan te vallen (2 Koningen 16:1-9). Zo verwacht hij zijn redding van menselijke krachten en niet van God. Jesaja roept Achaz en heel Jeruzalem nog op te vertrouwen op een heel wat betrouwbaarder bondgenoot: ‘de Heere Zelf’ (Jesaja 7:14). God nodigt Achaz zelfs uit een geloofsversterkend teken te vragen (vers 110, maar schijnheilig wijst Achaz dat aanbod van de hand (vers 12; vgl. Deuteronomium 6:16). Jesaja verwijt het ‘huis van David’ God te vermoeien, maar biedt hun (‘u’ meervoud) ook een teken aan van de Heere Zelf (Jesaja 7:14). Dat teken is vermaarde aankondiging van de geboorte van een Zoon uit een maagd, naam Imanuël zal zijn. Het leven van dit Kind moet het teken zijn dat de waarheid bevestigt van het profetisch woord dat de Heere … over u (enkelvoud): Achaz), over uw volk en over het huis van uw vader (het ‘huis van David’, vgl. vers 13) zal doen komen. Een christelijke interpretatie van deze tekst moet recht doen aan de bedoeling van Jesaja’s uitspraak (1) zoals die in eerste instantie aan Achaz is gericht, (2) maar ook zoals die door Mattheüs wordt toegepast op de geboorte van de Messias Jezus (Mattheüs 1:21-23).
God regeert Jesaja 7:3-14 (Uit de Mannen Bijbel)
Niemand lijkt het stuur in handen te hebben. Grote leiders doen wat ze willen. Zonder ontzag voor hun onderdanen. Miljoenen vluchtelingen brengen ze op de been. Een angstige wereld om in te leven. Zeker als je denkt aan kinderen, misschien wel je eigen kinderen. In wat voor een wereld moeten zij opgroeien? Jesaja weet zeker: God staat aan het roer. Dat moet de koning van Juda horen. En wel in een heel moeilijke situatie. Israël en Syrië dreigen Juda onder de voet te lopen. De koning raakt in Paniek. Wat moet hij doen? Hulp bij een grote bondgenoot zoeken? Dat lijkt het verstandigste! Toch niet, zegt de Heere. Syrië en Israël zijn alleen maar brandhout. Meer niet. Al snel is er niets van over. Grote bondgenoot Assyrië is straks de verdrukker. Wat kun je je vergissen in mensen! Alleen God Zelf helpt vooruit. Hij doet dat door een bijzonder Kind: Immanuel. ‘God met ons’, betekent die naam. Geboren uit de maagd. Wij kennen dit Kind echt. Het heet Jezus. Hij heeft gezegd dat alle macht Hem gegeven is. Hij regeert over de volken en heersers. Zijn komst bewijst dat God het voor het zeggen heeft. Gelukkig.
Immanuel Jesaja 7:14 (Uit de Vrouwen Bijbel)
‘God met ons’ – op elke munt van twee euro vind je deze Bijbeltekst. De woorden zijn een profetie voor koning Achaz, de koning die geen teken wil ontvangen. De maagd zal zwanger worden en haar Zoon zal Immanuel heten. Pas na eeuwen zal deze profetie werkelijkheid worden, als Jezus wordt geboren uit de maagd Maria. Hij is Immanuel: God met ons.
De verwijs Bijbel verwijs bij Jesaja 7:14 naar: Lukas 1:[30] En de engel zei tegen haar: Wees niet bevreesd, Maria, want u hebt genade gevonden bij God. [31] En zie, u zult zwanger worden en een Zoon baren en u zult Hem de Naam Jezus geven. [32] Hij zal groot zijn en de Zoon van de Allerhoogste genoemd worden, en God, de Heere, zal Hem de troon van Zijn vader David geven, [33] en Hij zal over het huis van Jakob Koning zijn tot in eeuwigheid en aan Zijn Koninkrijk zal geen einde komen. [34] Maria zei tegen de engel: Hoe zal dat mogelijk zijn, aangezien ik geen gemeenschap heb met een man? [35] En de engel antwoordde en zei tegen haar: De Heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen. Daarom ook zal het Heilige Dat uit u geboren zal worden, Gods Zoon genoemd worden.
[1] Mattheüs 1:[23] Zie, de maagd zal zwanger worden en een Zoon baren, en u zult Hem de Naam Immanuel geven; vertaald betekent dat: God met ons.
Lukas 1:[31] En zie, u zult zwanger worden en een Zoon baren en u zult Hem de Naam Jezus geven.