TEKST VOOR VANDAAG
PSALM 102 : 26 – 29
DAG 265
LEZEN: PSALM 102 : 13 – 29
THEMA: Vertrouwen
(HSV) [26] U hebt voorheen de aarde gegrondvest, de hemel is het werk van Uw handen. [27] Die zullen vergaan, maar Ú zult standhouden; zij alle zullen verslijten als een kleed. [1]U zult ze verwisselen als een gewaad en zij zullen verdwijnen. [28] Maar U blijft Dezelfde, aan Uw jaren zal geen einde komen. [29] De kinderen van Uw dienaren zullen veilig wonen, hun nageslacht zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.
(BGT) [26] Lang geleden hebt u de aarde vastgezet, en u hebt ook de hemel gemaakt. [27] De hemel en de aarde zullen verdwijnen, maar u blijft altijd bestaan. De hemel en de aarde zullen vergaan, zoals oude kleren verslijten. Niets blijft er van ze over. [28] Maar u blijft altijd wie u bent, u leeft voor altijd. [29] Onze kinderen zullen in vrede leven, en ook voor hun kinderen zult u zorgen.
Aantekening
Psalm 102 : 26 – 28 Hebreeën 1:10-12 haalt deze verzen uit de LXX aan, die het Hebreeuws nauw volgt. Omdat boek Hebreeën de woorden van Jezus toepast, denken sommige exegeten dat deze passage ‘Messiaans’ is. Maar we kunnen de tekst beter beschouwen als niet expliciet Messiaans. Beter gezegd: nieuwtestamentische auteurs noemen Jezus ‘Heere’ (Grieks kurios, de LXX-vertaling van de Heere) en passen op Hem diverse oudtestamentische teksten over God toe (bv. Filippenzen 2:10-11, gebruikmakend van Jesaja 45:23; 1 Petrus 2:3, gebruikmakend van Psalm 34:9; 1 Petrus 3:15, gebruikmakend van Jesaja 8:13). Christus’ deelname aan de schepping ondersteunt dit patroon (bv. Johannes 1:1; Kolossenzen 1:16; Hebreeën 1:2). (Zie aantekening bij Psalm 97:7.) De auteur van Hebreeën gebruikt de uitdrukking Dezelfde opnieuw voor Jezus (Hebreeën 13:8).
Psalm 102 : 29 kinderen … nageslacht. Vgl. aantekening bij Psalm 100:5; 103:17-18. De Heere, Die eeuwig blijft, kan verzekeren dat de nakomelingen van Zijn dienaren veilig zullen wonen, d.w.z. Gods liefde en Sions toekomst zullen genieten.
Aantekening bij Psalm 97:7 Buig u voor Hem neer, alle goden. De LXX heeft hier ‘engelen’ in plaats van ‘goden’ en dat zou de tekst kunnen zijn die gedicteerd is in Hebreeën 1:6. De auteur van Hebreeën wil, net als andere nieuwtestamentische schrijvers, oudtestamentische teksten over de Heere toepassen op Jezus (vgl. Hebreeën 1:10-12 met gebruikmaking van Psalm 102:26-28). Deze auteurs zeggen niet dat de oudtestamentische teksten rechtstreeks Messiaans waren, maar erkenden stellig dat als Jezus in feite de God van Israël was Die vlees was geworden (vgl. Johannes 1:14), deze teksten slaan op Hem.
Aantekening bij Psalm 100:5 goed. Vol van weldadigheid (vgl. Psalm 23:6; 25:7-8). Goedertierenheid … trouw. Deze termen roepen Exodus 34:6 in herinnering. De bron van vreugde voor Gods volk is Zijn blijvende karakter van genadige liefde, het houden van Zijn beloften. van generatie op generatie. Exodus 34:7 zegt dat God Zijn goedertierenheid blijft bewijzen ‘aan duizenden’, wat met het oog op Deuteronomium 7:9 waarschijnlijk betekent ‘voor duizenden generaties’. De gelovigen denken er graag aan dat het volk van God voor altijd wordt bewaard, en zij verheugen zich over het vooruitzicht van hun eigen nakomelingen, die leden van dat volk mogen zijn (vgl. Genesis 17:7; Psalm 103:17-18). Dit is eveneens maatgevend voor Gods blijvende liefde.
Aantekening bij Psalm 103:17-18 Maar de goedertierenheid van de Heere is van eeuwigheid en tot eeuwigheid. Vgl. Psalm 25:6; 100:5. wie Hem vrezen (Psalm 103:11, 13) zijn de dezelfden als wie Zijn verbond in acht nemen en aan Zijn bevelen denken om ze te doen. Dat zijn de gelovigen die de beloften geloven en de geboden gehoorzamen (Exodus 19:5, Deuteronomium 7:9; vgl. Johannes 14:15, 21; 15:10; Openbaring 1:3; 3:8). Het verbond van de besnijdenis dat de nakomelingen van Abraham ‘in acht’ moesten ‘nemen’, droeg de belofte in zich dat de Heere God zou zijn, zowel voor het nageslacht als voor hun ouders. Deze psalm gaat echter nog verder: de gelovigen verwachten dat God Zijn reddende liefde geeft aan de kinderen van hun kinderen. Dit is het voornaamste voorrecht dat God Zijn gelovigen verleent: hoewel hun leven kort is en bijna onbelangrijk lijkt te zijn, mogen zij toch bijdragen aan het toekomstige welzijn van het volk van God door hun vrome en biddende ouders en grootouders. Vgl. ook Psalm 100:5; 102:29; in Exodus 34:7a bewijst God goedertierenheid aan duizenden (d.w.z. duizenden generaties; vgl. Deuteronomium 7:9) vanwege de gelovigen (Exodus 20:6).
Altijd Dezelfde Psalm 102:13, 28-29 (Uit de Vrouwen Bijbel)
Wat kan je troosten als je totaal aan je eind gekomen bent, zoals deze psalmdichter? Hij schildert zijn eigen situatie in aangrijpende beelden. Zijn enige houvast vindt hij in zijn vertrouwen dat God Dezelfde zal blijven. Zijn onverwoestbare trouw die niet vergaat is groter dan ons vergankelijk leven. Is dit voor jou troostrijk? Bid voor een concrete situatie of persoon.
De verwijs Bijbel verwijst bij Psalm 102:27 naar: Mattheüs 24:[35] De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen zeker niet voorbijgaan.
[1] Hebreeën 1:[12] en als een mantel zult U ze oprollen en ze zullen verwisseld worden; maar U bent Dezelfde en Uw jaren zullen niet ophouden.