Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 47 : 12 

DAG 181

LEZEN: EZECHIËL 47 : 1 – 12

THEMA: Diepgang

(HSV) [12] En langs de beek, langs de oever ervan, zullen aan deze kant en aan de andere kant allerlei vruchtbomen opkomen, waarvan het blad niet zal verwelken en waarvan de vrucht niet zal opraken. Elke maand zullen ze nieuwe vruchten voortbrengen, want het water ervoor stroomt uit het heiligdom. De vrucht ervan zal tot voedsel dienen en het blad ervan tot [1]genezing.

(BGT) [12] Aan allebei de kanten van de rivier zullen bomen groeien. De bladeren van die bomen verdorren niet. En de vruchten van die bomen raken nooit op. Elke maand krijgen de bomen nieuwe vruchten. Dat komt doordat het water van de rivier uit de tempel stroomt. De vruchten worden als voedsel gebruikt, en de bladeren als medicijn.’

Aantekening

Ezechiël 47 : 1 – 12  De beek uit de tempel. De rondgang gaat verder door Ezechiël terug te brengen naar de binnenste voorhof (de ingang van het huis, vers1, die van het heiligdom zelf). Daar begint een van de opvallendste scenario’s in heel het visioen. Op wonderbaarlijke wijze sijpelt er water uit de zuidelijke kant van de drempel van het heiligdom en baant zich een weg ten zuiden van het altaar (vers 1), vanuit de oostelijke ingang naar de buitenste voorhof, en dan vanuit de buitenpoort in de richting die naar het oosten gekeerd is (vers 2). Het druppelende water wordt tot een krachtige beek, zodat Ezechiël en zijn Gids waden door de stroom, terwijl de Gids onderweg opmeet (vers 3-5). Aan de oever van de beek zittend, verklaart de Gids de leven schenkende eigenschappen van de beek (vers 6-12). Dit aspect van het visioen hangt samen met Ezechiël 34:25-31 doordat het bevestigt dat vernieuwing niet alleen voor mensen bestemd, maar heel de natuurlijke wereld beïnvloedt. Hier echter brengt het water niet zozeer leven aan de ‘wereld’, maar aan dat deel ervan dat het minst bij machte is het leven in stand te houden. De invloed van deze beek is te vinden in Zacharia 14:8, maar strekt zich ook uit tot in het Nieuwe Testament, het meest uitgesproken in Openbaring 22:1-2 nabij de climax van het visioen van Johannes over de nieuwe hemel, de nieuwe aarde en de nieuwe stad.

Levend water               Ezechiël 47 : 1 – 12       (Uit de Vrouwen Bijbel)

Zonder water kunnen we niet leven. Als Ezechiël ziet dat water uit de tempel stroomt, betekent dit dat de tempel ‘levend water’ voortbrengt. Levend water is in de bijbel altijd allereerst stromend water, in tegenstelling tot stilstaand, doods water. Maar we lezen hierin ook altijd het werk van de Geest. De Geest geeft leven en doet vrucht groeien. Wat zal het heerlijk zijn om de Geest zo aanwezig te zien, als Ezechiël deze stroom water steeds groter ziet worden!


[1]  Openbaring 22:[2] In het midden van haar straat en aan de ene en de andere zijde van de rivier bevond zich de Boom des levens, die twaalf vruchten voortbrengt – van maand tot maand geeft Hij Zijn vrucht. En de bladeren van de boom zijn tot genezing van de heidenvolken.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 46 : 1  

DAG 180

LEZEN: EZECHIËL 46 : 1 – 18

THEMA: Sabbatsopening

(HSV) [1] Zo zegt de Heere HEERE: De poort van de binnenste voorhof die naar het oosten gekeerd is, moet op de zes werkdagen gesloten blijven, maar op de sabbatdag geopend worden. Ook op nieuwemaansdag moet hij geopend worden.

(BGT) [1] Luister naar wat ik, de Heer, zeg: De tempelpoort aan de oostkant van het binnenplein moet zes dagen per week dicht blijven. Maar op sabbat en op het Feest van Nieuwe Maan moet hij geopend worden.

Aantekening

Ezechiël 46 : 1 – 15  De instructies voor de frequentere viering van de wekelijkse sabbatdag en de maandelijkse nieuwemaansdag vindt men in vers 1-7, waarbij vers 7 in hoofdzaak herhaald wordt in vers 11. Voorschriften over de toegang tot en beweging over het tempelgebied staan in vers 8-10. De handelingen van de vorst bij de poort worden nader gespecificeerd in vers 12. Dit gedeelte wordt afgesloten met de voorschriften voor de dagelijkse offers in vers 13-15. In tegenstelling tot de jaarlijkse feesten gaat het in de instructies voor deze offers niet expliciet over zondebesef. Bedrijvigheid bij de poorten komt in deze instructies telkens terug, met name gericht op de vorst. Deze toegangswegen tot het tot het heilige en tot de Heilige zijn in Ezechiëls denken van grote betekenis voor het gemeenschapsleven in een blijvende omgang met God.

Ezechiël 46 : 1 – 3  De hele gemeenschap – vorstpriesters (vers 2) en bevolking (vers 3) – is betrokken bij de wekelijkse en de maandelijkse vieringen, maar de vorst speelt de hoofdrol. De poort van de binnenste voorhof die naar het oosten gekeerd is, staat opgesteld tussen het heilige der heiligen en de buitenste voorhof. De vorst neemt zijn plaats in de poort in, maar treedt de binnenste voorhof niet binnen. Die is uitsluitend voor de priesters. De poort blijft open (vers 2), zodat het volk in de buitenste voorhof enig zicht heeft op het binnenste heiligdom (vers 3).

Neerbuigen         Ezechiël 46 : 1 – 15                (Uit de Vrouwen Bijbel)

Heb jij weleens meegemaakt, een kerk vol mensen die knielen voor de Heere God? Wat is dat indrukwekkend om te zien en mee te maken. In deze verzen lezen we over de vorst en het volk die zich neerbuigen voor het aangezicht van de Heere op de bijzondere dagen. Misschien hebben wij iets verloren in de kerk van deze eerbied voor de Heere God. Zouden we niet meer moeten knielen in de kerk?

Samen                 Ezechiël 46 : 1 – 3                           (Uit de Vrouwen Bijbel)

In deze verzen worden zowel de vorst en de bevolking als de priesters betrokken bij de dienst aan God. De terugkerende vieringen zijn iets gezamenlijks. Hoewel iedereen een verschillende rol en status heeft, dienen ze dezelfde God. Wat zou het mooi zijn als de hele bevolking zich voor God zou neerbuigen! Hoe kun jij iemand uit jouw omgeving betrekken bij het vieren van je geloof? 

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 45 : 10 

DAG 179

LEZEN: EZECHIËL 45 : 10 – 25

THEMA: Geen gesjoemel

(HSV) [10] U moet een zuivere [1]weegschaal, een zuivere efa* en een zuivere bath* hebben.

(BGT) [10] Luister, Israëlieten. Als jullie zakendoen, moeten jullie altijd een zuivere weegschaal en zuivere maten en gewichten gebruiken.

Aantekening

Ezechiël 45 : 10 – 11  Bij Tell Beit Mirsim ontdekten archeologen een voorraadkruik met het Hebreeuwse woord ‘bath’ erin gegraveerd. In stratum III van Lachis (late 8e eeuw voor christus) had een opslagkruik de woorden ‘koninklijke bath’ op de hals staan. Een bath komt overeen met een inhoudsmaat tussen de 20 en 45 liter.

Eerlijkheid of zelfverrijking?   Ezechiël 45:9-10     (Uit de Vrouwen bijbel)

Bij Israëls herstel hoort een oprechte godsdienst. God dienen is niet winstgevend wat geld betreft. Genoeg is genoeg, zelfverrijking past hier niet bij. God wil gediend worden in alles, ook in eerlijk met je geld omgaan. Het is winst wanneer je God kunt danken voor genoeg. Wanneer Hij je Alles wordt, verlang je niet naar meer.

*Inhoudsmaat in Ezechiël:

45:10 Een efa is een korenmaat van vermoedelijk tussen de 20 en 45 liter; zie ook het vervolg. 45:10 Een bath is vermoedelijk tussen de 20 en 45 liter en wordt gebruikt voor vloeistoffen; zie ook het vervolg. 45:11 vaste – Letterlijk: één. 45:11 Een homer is een korenmaat van vermoedelijk tussen de 200 en 450 liter; zie ook het vervolg. 45:12 Een sikkel is 10 tot 12 gram. 45:14 Een kor is vermoedelijk tussen de 200 en 450 liter. 45:24 Een hin is vermoedelijk ongeveer 6 liter.


[1]  Leviticus 19:[35] U mag geen onrecht doen in de rechtspraak, met de lengtemaat, met het gewicht en met de inhoudsmaat.

     [36] U moet een zuivere weegschaal hebben, zuivere gewichten, een zuivere efa en een zuivere hin. Ik ben de HEERE, uw God, Die u uit het land Egypte geleid heeft.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EZECHIËL 45 : 1  

DAG 178

LEZEN: EZECHIËL 45 : 1 – 9

THEMA: Plaatsbepaling

(HSV) [1] Wanneer u het land als erfelijk bezit toewijst, moet u de HEERE een heilig deel van het land als hefoffer brengen: de lengte moet vijfentwintigduizend el zijn en de breedte tienduizend. Dat zal, heel het gebied rond, heilig zijn.

(BGT) [1] Luister, Israëlieten. Als jullie het land verdelen onder de stammen van Israël, moeten jullie een deel van het land apart houden en aan mij geven. Dat moet een gebied zijn van 12,5 kilometer lang en 10 kilometer breed. Het zal een heilig gebied zijn.

Aantekening

Ezechiël 45 : 1 – 8  Delen van het tempelgebied. Deze afbakening van heilige ruimte binnen de bredere context van het herstelde Israël loopt, kort samengevat, vooruit op Ezechiël 48:8-22. De twee verslagen beschrijven dezelfde opzet van het tempeldistrict, hoewel de latere tekst meer details geeft. Ezechiël beschrijft drie stroken van vijfentwintigduizend el (12,5 km), zoals te verwachten van oost naar west gericht, gezien de oost-westas van de tempel. De middelste (of de bovenste?) strook van tienduizend el van noord naar zuid (5 km) omvat het heiligdom (Ezechiël 45:2) en is het gebied waar de priesters verblijven (vers 3-4). De strook met dezelfde afmeting ten noorden daarvan is het thuis voor de Levieten (vers 5). De meest zuidelijke strook, half zo breed, is het gebied voor heel het huis van Israël (vers 6). Dit omvat ook de stad zelf. Aan weerskanten daarvan, aan de oost- en westzijde, liggen de gebieden van vijfduizend (el) breed (2,5 km) en vijfentwintigduizend (el) die toegewezen zijn aan de vorst (vers 7-8a), en die zijn bedoeld om te voorzien in de behoeften van het kroondomein (vers 8b; vgl. 1 Koningen 21). Het is moeilijk te zeggen waarom deze op dit punt worden ingevoerd. Het belangrijkste is misschien dat in dit visioen het ‘waar’ van de plaats steeds voorafgaat aan het ‘wat’ dat daar verondersteld wordt te gebeuren. Na de beschrijving van de tempel en de opsomming van de plichten van de priesters, specificeert het volgende ‘waar’ het omringende gebied waaruit de gaven en de offers zullen komen. De districten die zich vanaf de tempel uitstrekken, beschrijven dit gebied. 

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EFEZE 3 : 16 – 19  

DAG 177

LEZEN: EFEZE 3 : 14 – 21

THEMA: Een diepe dimensie 

(HSV) [16] opdat Hij u geeft, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, met kracht [1]gesterkt te worden door Zijn Geest in de innerlijke mens, [17] opdat Christus door het geloof in uw harten woont en u in de liefde [2]geworteld en gefundeerd bent, [18] opdat u ten volle zou kunnen begrijpen, met alle heiligen, wat de breedte en lengte en diepte en hoogte is, [19] en u de liefde van Christus zou kennen, die de kennis te boven gaat, opdat u vervuld zou worden tot heel de volheid van God.

(BGT) [16] Gods macht is groot. Daarom bid ik dat God jullie diep van binnen kracht wil geven door zijn Geest.  [17] Ik bid dat hij jullie geloof zo groot maakt dat Christus altijd in jullie aanwezig is. En ik bid dat God door de liefde van Christus de kerk sterk wil maken en wil laten groeien.  [18] Ik bid dat hij jullie en alle andere christenen wil leren hoe groot en diep die liefde is.  [19] Dan zullen jullie begrijpen dat die liefde groter is dan een mens zich kan voorstellen. Ja, ik bid dat God zelf volledig in jullie aanwezig wil zijn.

Aantekening

Efeze 3 : 16  Geest. De Heilige Geest schenkt gelovigen de persoonlijke aanwezigheid en kracht van God.

Efeze 3 : 17 – 18  Christus woont al in de christenen, maar Paulus bidt hier dat Hij met kracht in ons zal wonen. In vers 16 schrijft Paulus over de Geest Die in ons woont, en hier over Christus in ons. Dit wijst op de Goddelijkheid van de Geest en van de Zoon. in de liefde geworteld en gefundeerd. Liefde is het natuurlijke en noodzakelijke gevolg van een levend geloof dat de vrucht is van het werk van Christus in de christen. begrijpen. Als Christus in ons woont, leidt dit tot een groter begrip van God en Zijn werken (zie Psalm 119:100-104). de breedte en lengte en diepte en hoogte is een uiting van de onmetelijke dimensies van Gods rijkdom in Christus.

Efeze 3 : 19  die de kennis te boven gaat. Het is het sublieme voorrecht van de christen om te kennenwat de kennis te boven gaat. Het uiteindelijke doel is om vervuld te zijn met Gods volheid.

Geloven doe je niet alleen      Efeze 3:18-19       (Uit de Vrouwen Bijbel)

Misschien ben je de enige christen op je werk. Misschien is je man ongelovig. Wat kun je je dan eenzaam voelen. Kon ik het maar met een ander delen. En óf je dat kunt. De Heere roept ons op om juist samen met medegelovigen alles te ontdekken van de breedte en hoogte, lengte en diepte van Zijn liefde. Zoek daarom elkaar op en verrijk elkaar, tot zijn eer.


[1]  Efeze 6:[10] Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.

[2]  Kolossenzen 2:[7] geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, zoals u onderwezen bent; wees daarin overvloedig, met dankzegging.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EFEZE 3 : 1 – 2  

DAG 176

LEZEN: EFEZE 3 : 1 – 13

THEMA: Onthullend nieuws

(HSV) [1] Om deze reden ben ik, Paulus, [1]de gevangene van Christus Jezus, voor u, die heidenen bent, [2] als u tenminste gehoord hebt van de uitdeling[2] van de genade van God [3]die aan mij gegeven is ten behoeve van u,

(BGT) [1-2] Ik zit in de gevangenis omdat ik Jezus Christus dien. Ik ben gevangengenomen omdat ik de niet-Joden over Jezus vertel. Dat is de opdracht die God mij gegeven heeft. Dat weten jullie allemaal. God is goed voor mij,

Aantekening

Efeze 3 : 1  Om deze reden. Paulus onderbreekt hier zijn eigen gedachtegang en pakt deze in vers 14 weer op. Daar wordt de openingszin herhaald (vgl. de onderbreking in Efeze 2:1, 5). gevangene van Christus Jezus. Paulus heeft een aantal keer in dienst van Christus gevangengezeten (Efeze 4:1; Handelingen 16:23; 24:23; Kolossenzen 4:10; 2 Timotheüs 1:8; Filemon vers 1). voor u, die heidenen bent. Paulus was de apostel, leraar en prediker voor de heidenen (1 Timotheüs 2:7; 2 Tinotheüs 1:11), dus alles wat hem tijdens zijn dienst overkwam, leed hij voor hen (2 Korinthe 6:5; 11:23).

Efeze 3 : 2  als u tenminste gehoord hebt. Vgl. Efeze 4:21. Paulus kende de recente bekeerlingen in Efeze wellicht niet, vooral degenen in de dorpjes om Efeze heen, al had hij drie jaar in Efeze doorgebracht (Handelingen 20:31).


[1]  Handelingen 21:[33] Toen kwam de overste dichterbij, greep hem en gaf bevel hem met twee ketenen te boeien, en hij vroeg wie hij was en wat hij gedaan had.

   Efeze 4:[1] Zo roep ik, de gevangene in de Heere, u op tot een wandel die de roeping waarmee u geroepen bent, waardig is,

   Filippenzen 1:[7] Het is immers voor mij terecht dat ik dit van u allen denk, omdat ik u allen in mijn hart heb als deelgenoten van mijn genade, zowel in mijn gevangenschap als in de verdediging en bevestiging van het Evangelie.       

   [13] zodat in het hele gerechtsgebouw en aan alle overigen bekend is geworden dat ik een gevangene ben om Christus’ wil,      

   [14] en dat het merendeel van de broeders in de Heere door mijn gevangenschap vertrouwen heeft gekregen om het Woord nog overvloediger onbevreesd te durven spreken. 

   [16] De eersten verkondigen Christus wel uit eigenbelang, niet zuiver, met de bedoeling aan mijn gevangenschap verdrukking toe te voegen,

   Kolossenzen 4:[3] Bid meteen ook voor ons dat God voor ons de deur van het Woord opent, om van het geheimenis van Christus te spreken, om welke oorzaak ik ook gebonden ben,

   2 Timotheüs 1:[8] Schaam u dan niet voor het getuigenis van onze Heere, en ook niet voor mij, Zijn gevangene, maar lijd met mij verdrukking om het Evangelie, overeenkomstig de kracht van God.

   Filemon vers [1] Paulus, een gevangene van Christus Jezus, en Timotheüs, de broeder, aan Filemon, de geliefde en onze medearbeider,

[2] Romeinen 1:[5] Door Hem hebben wij genade en het apostelschap ontvangen tot geloofsgehoorzaamheid onder alle heidenen, ter wille van Zijn Naam,

[3]  Efeze 3:[8] Mij, de allerminste van alle heiligen, is deze genade gegeven, om onder de heidenen door het Evangelie de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te verkondigen,

   Handelingen 13:[2] En terwijl zij de Heere dienden en vastten, zei de Heilige Geest: Zonder voor Mij zowel Barnabas als Saulus af voor het werk waartoe Ik hen geroepen heb.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EFEZE 2 : 18  

DAG 175

LEZEN: EFEZE 2 : 11 – 22

THEMA: Een nieuw paspoort

(HSV) [18] [1]Want door Hem hebben wij beiden door één Geest de toegang tot de Vader.

(BGT) [18] Dankzij hem hebben wij allemaal de heilige Geest gekregen. En via de heilige Geest kunnen we nu allemaal bij God, de Vader, komen.

Aantekening

Efeze 2 : 18  toegang. Dicht tot God naderen en voor eeuwig van Hem genieten in een nieuwe schepping is het grootste goed voor de mens en is het ultieme gevolg van het verlossingswerk van Christus. één Geest. Zie aantekening bij Efeze 4:4.

Aantekening bij Efeze 4 : 4  Geest. Net zoals een menselijk lichaam leven krijgt door één geest, zo krijgt het lichaam van Christus, de gemeente, eeuwig leven door één Heilige Geest Die christenen tot het eeuwige leven leidt. één hoop.Christenen hopen niet op verschillende dingen, maar zijn samen geroepen tot eeuwig leven en om voor eeuwig van God te genieten in opgestane glorie. Zij zijn ook geroepen om die eenheid aan deze kant van de eeuwigheid te laten zien. Over de gemeente als lichaam, zie Romeinen 12:4-8; 1 Korinthe 12:12-31.


[1]  Johannes 10:[9] Ik ben de Deur; als iemand door Mij naar binnen gaat, zal hij behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden.

   Johannes 14:[6] Jezus zei tegen hem: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij.

   Romeinen 5:[2] Door Hem hebben wij ook de toegang verkregen door het geloof tot deze genade waarin wij staan, en wij roemen in de hoop op de heerlijkheid van God.

   Efeze 3:[12] In Hem hebben wij de vrijmoedigheid en de toegang met vertrouwen, door het geloof in Hem.

   Hebreeën 10:[19] Omdat wij nu, broeders, vrijmoedigheid hebben om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus,

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

EFEZE 2 : 4 – 7  

DAG 174

LEZEN: EFEZE 2 : 1 – 10

THEMA: Opgestaan

(HSV) [4] Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, [5] ook toen wij dood waren door de overtredingen, [1]met Christus levend gemaakt – [2]uit genade bent u zalig geworden – [6] en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus, [7] opdat Hij in de komende eeuwen de allesovertreffende rijkdom van Zijn genade zou bewijzen, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus.

(BGT) [4] Maar Gods goedheid is groot! Hij is vol liefde voor de mensen, hij houdt van ons.  [5] Daarom heeft hij ons samen met Christus levend gemaakt. Vroeger waren we eigenlijk dood, want we deden slechte dingen. Maar dankzij Gods goedheid zijn we gered. [6-7] God heeft Christus naar de wereld gestuurd. Hij heeft hem laten opstaan uit de dood. En wij zijn samen met Christus opgestaan, omdat we bij hem horen. Eigenlijk zijn we al bij hem in de hemel. Zo heeft God voor altijd en eeuwig laten zien hoe groot zijn goedheid is, en hoeveel hij van ons houdt.

Aantekening

Efeze 2 : 4  Maar God. Geen hopeloos lot is grimmiger dan dat van de mensheid die verloren achter de ‘aanvoerder van de macht in de lucht’ (vers 2) aan loopt, hun verwoesting onder Goddelijke toorn tegemoet. En net wanneer alles verloren lijkt, komt Paulus met de beste korte zinsnede uit de geschiedenis van het menselijk spreken: ‘Maar God!’ Die rijk is in barmhartigheid. Gods barmhartigheid voor Zijn hulpeloze vijanden komt vanuit Zijn eigen liefhebbende hart, en niet door iets waarmee zij het zelf verdienden.

Efeze 2 : 5  toen wij dood waren. Paulus hervat zijn oorspronkelijke gedachte die begon met ‘u die dood was’ in vers 1, levend gemaakt. God schonk ons de wedergeboorte – nieuw geestelijk leven binnenin. Dit is, samen met de twee werkwoorden in vers 6 (‘opgewekt’ en ‘gezet’), het hoofdwerkwoord in deze lange zin (vers 1-10). Aangezien christenen dood waren, moesten zij eerst levend worden gemaakt voor zij konden geloven. God deed dit met Christus. Daarom is verlossing uit genade alleen (zie aantekening bij vers 8 en vers 9-10).

Efeze 2 : 6 – 7  met Hem opgewekt. Vanwege Christus’ opstanding ontvangen zij die in Hem zullen geloven, nieuw geestelijk leven in deze tijd (wedergeboorte). Zij zullen ook vernieuwde fysieke lichamen krijgen bij christus’ wederkomst (toekomstige opstanding). met Hem in de hemelse gewesten gezet. God staat zelfs nu al toe dat Zijn volk tot op zekere hoogte deelt in de autoriteit van Christus, Die gezeten is aan de rechterhand van God (vgl. Efeze 1:20-22; 6:10-18; Jakobus 4:7; 1 Johannes 4:4). Deze waarheid was bijzonder belangrijk in Efeze, gezien al de occulte praktijken daar (zie aantekening bij Efeze 1:18-19). Efeze 2:7 beantwoordt de vraag waarom God zo veel goedertierenheid en liefde uitgoot over Zijn volk: zodat zij zich tot in alle eeuwigheid zullen verwonderen over de ongelooflijke goedertierenheid en liefde van God. Er is een eeuwigheid nodig om Gods liefde te doorgronden. Zij die gered zijn, zullen de diepte ervan nooit peilen.

Aantekening bij Efeze 2:8 uit genade verwijst naar Gos gunst aan hen die Zijn wet overtraden en tegen Hem zondigden. Genade kan in deze verzen echter ook worden opgevat als ‘kracht’. Gods genade biedt niet alleen verlossing, maar bekrachtigt die ook. zalig verwijst naar verlossing van Gods toorn bij het laatste oordeel (Romeinen 5:9); ‘uit genade bent u zalig geworden’ is een herhaling van Efeze 2:5 voor extra nadruk. De werkwoordsvorm voor ‘bent u zalig geworden’ (Grieks sesösmenoi, voltooide tijd) geeft aan dat de redding van de christen volledig vaststaat. door het geloof. Geloof is een vast vertrouwen op Jezus Christus en is de enige manier om gered te worden. het is de gave van God. Het Griekse woord hier vertaald met ‘het’ is een onzijdig woord, terwijl ‘genade’ en ‘geloof’ vrouwelijke woorden zijn in het Grieks. Daarom verwijst ‘het’ naar het hele proces van ‘redding uit genade door het geloof’ als ‘de gave van God’ en niet iets wat wij zelf kunnen bewerkstelligen. Dit gebruik van het onzijdige voornaamwoord om een complex idee in zijn geheel te omvatten komt in het Grieks vrij vaak voor (bv. Efeze 6:1); het gebruik hier maakt duidelijk dat niet alleen genade, maar ook geloof een gave van God is. Redding is dus in elk opzicht niet uit u.

Aantekening bij Efeze 2:9-10  Redding is niet uit werken. Als dit wel zo was, zouden de mensen die gered zijn zelf de eer krijgen. geschapen … om goede werken te doen. Redding is gebaseerd op werken, maar de goede werken die christenen doen zijn het resultaat en het gevolg van Gods nieuwe scheppingswerk.

Aantekening bij Efeze 1:18-19  Paulus bidt dat gelovigen de zegeningen zullen begrijpen die hun deel zijn in Christus: (1) hun toekomstige hoop; (2) Gods erfenis in de heiligen; en (3) hun kracht in Christus. De ‘erfenis’ is hier Zijn(Gods) erfenis – niet van de christenen. Dit geeft weer hoe kostbaar Zijn volk is voor God. Zij zijn het zogezegd waar Hij naar uitkijkt om eeuwig van te genieten. Paulus stapelt hier ‘krachtermen’ op om de alles overtreffende grootheid uit te drukken van Gods kracht, werking en sterkte jegens gelovigen. Macht over bovennatuurlijke krachten door magie en occultisme kreeg veel aandacht in het oude Efeze (Handelingen 19:19). De macht van de levende God in Christus overtroeft echter alle rivaliserende autoriteiten (Handelingen 19:20).

Wat een cadeaus!         Efeze 2 : 4 – 9               (Uit de Vrouwen Bijbel)

Het kan je soms overrompelen. Je bent jarig, je neemt na jaren afscheid op je werk, je viert een jubileum, en je wordt overstelpt met cadeaus. Waar heb je het aan verdiend? In de aangegeven verzen overlaad God ons met cadeaus die eeuwigheidwaarde hebben. We hebben het nergens aan verdiend. Hij geeft ze ons uit liefde en Zijn Zoon betaalde er voor! Herken je deze geschenken?


[1]  Romeinen 6:[8] Als wij nu met Christus gestorven zijn, geloven wij dat wij ook met Hem zullen leven.

   Romeinen 8:[11] En als de Geest van Hem Die Jezus uit de doden opgewekt heeft, in u woont, zal Hij Die Christus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door Zijn Geest, Die in u woont.

   Kolossenzen 3:[1] Als u nu met Christus opgewekt bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar Christus is, Die aan de rechterhand van God zit.

   Kolossenzen 3:[3] want u bent gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God.

[2]  Handelingen 15:[11] Maar wij geloven door de genade van de Heere Jezus Christus op dezelfde wijze zalig te worden als ook zij.

   Titus 3:[5] maakte Hij ons zalig, niet op grond van de werken van rechtvaardigheid die wij gedaan hadden, maar vanwege Zijn barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de Heilige Geest.

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

MARKUS 5 : 25-28 & 41  

DAG 173

LEZEN: MARKUS 5 : 21 – 43

THEMA: Aangeraakt

(HSV)  [25] En een zekere vrouw, die al twaalf jaar bloedvloeiingen had,  [26] en veel geleden had door toedoen van veel dokters, en alles wat zij bezat, daaraan uitgegeven had en geen baat gevonden had, maar met wie het veeleer erger geworden was, [27] deze had van Jezus gehoord en kwam van achteren de menigte in en raakte Zijn bovenkleed aan, [28] want zij zei: Als ik maar Zijn kleren kan aanraken, zal ik gezond worden.

 [41] En Hij pakte de hand van het kind en zei tegen haar: Talitha, koemi! Dat is vertaald: Meisje (Ik zeg je), sta op.

(BGT) [25] Tussen de mensen liep ook een vrouw die al twaalf jaar ziek was. Ze verloor steeds bloed.  [26] Allerlei dokters hadden haar behandeld, maar de pijn was alleen maar erger geworden. Ze had al haar geld aan die dokters uitgegeven. Maar het was niet beter geworden, alleen maar slechter. [27] Die vrouw had over Jezus gehoord. Ze ging tussen de mensen door totdat ze vlak achter Jezus was, en ze raakte zijn jas aan.  [28] Want ze dacht: Om beter te worden, hoef ik alleen maar zijn kleren aan te raken.

[41] Jezus pakte haar hand vast en zei: ‘Talita koem.’ Dat betekent: ‘Meisje, sta op!’

Aantekening

Markus 5 : 25 – 27  Jezus gaat op weg om de dochter van Jaïrus te genezen, maar gelijktijdig vindt een ander voorval plaats: de genezing van een vrouw met bloed vloeiingen (vers 25-34 zie aantekening bij Mattheüs 9:20). Zo’n aandoening maakte een vrouw ritueel onrein (vgl. Leviticus 15:25-28). Dus zij mag bv. niet in de vrouwenvoorhof van de tempel komen en zich niet tussen mensen begeven zonder hen op haar onreinheid attent te maken. Door nu Jezus’ bovenkleed aan te raken, maakte zij Hem onrein (vgl. Leviticus 15:19-23). Maar Jezus staat boven reinheidswetten en maakt haar door Zijn kracht juist rein (vgl. Markus 1:41; 5:41).

Markus 5 : 41  Een dode aanraken maakte iemand ritueel onrein (Leviticus 22:4; Numeri 19:11). Maar weer (vgl. Markus 5:25-27) overwint Jezus onreinheid, want het meisje keert terug tot het leven (vgl. 2 Koningen 4:17-37; Handelingen 9:39-41). Talitha koemi! Af en toe geeft Markus woorden van Jezus in het Aramees weer. Dat versterkt het ooggetuigengehalte van dit evangelie.

Aantekening bij Mattheüs 9 : 20  bloedvloeiingen. Haar toestand was zo erg omdat die al twaalf jaar duurde. Ze was hopeloos en ernstig verzwakt door haar bloedverlies. Bovendien zou zij door haar bloedingen ritueel onrein zijn, wat haar uitsloot van het normale sociale en godsdienstige leven.

Talitha koemi!              Markus 5 : 41               (Uit de Mannen Bijbel)

Voorafgaand aan het Romeinse Rijk maakten de Perzen de dienst uit in het Midden-Oosten. Hun taal, Aramees, was een soort algemene omgangstaal, die in de eerste eeuw van onze jaartelling overal in Israël werd gesproken. Jezus had deze taal als moedertaal. Als Jezus op emotievolle momenten spreekt, gebruikt Hij het Aramees, zoals hier, of op het moment aan het kruis hangt en de woorden spreekt: ‘Eli, Eli, lama sabachtani’ (Mattheüs 27:46).

Geloof behoudt!           Markus 5 : 25-34          (Uit de Vrouwen Bijbel)

Het is prachtig om te lezen hoe deze nederige vrouw door Jezus aangeraakt wordt. En dat blijkt een aanraking ten leven te zijn. Ze wilde helemaal niet in het middelpunt van de belangstelling staan. Maar Jezus haalt haar uit de anonimiteit. Hij raakt haar aan, wat volgens de Joodse wetten niet eens mocht bij een bloedvloeiende vrouw. Maar zij is een voorbeeld voor ons allemaal. ‘Dochter uw geloof heeft u behouden.’

Tekst voor Vandaag

TEKST VOOR VANDAAG

MARKUS 5 : 20 

DAG 172

LEZEN: MARKUS 5 : 1 – 20

THEMA: Geestkracht

(HSV) [20] Toen ging hij weg en begon in het gebied van Dekapolis alles te verkondigen wat Jezus voor hem gedaan had, en ze verwonderden zich allen.

(BGT) [20] De man ging naar het gebied dat Dekapolis heet. Daar begon hij te vertellen wat Jezus voor hem gedaan had. En iedereen die het hoorde, was verbaasd.

Aantekening

Markus 5 : 18 – 20  stond hem … niet toe. Jezus stond de dankbare man (vers 15) niet toe met Hem mee te gaan. Het kan zijn dat deze graag tot Jezus’ nauwere discipelkring wilde behoren (bij Hem mocht blijven klinkt als ‘bij Hem te zijn’ in Markus 3:14). Jezus wilde dat hij in Dekapolis een getuige zou zijn van Gods macht. Hier geeft Jezus een genezene welbewust opdracht iedereen te vertellen wat hem is overkomen. Dit valt op vanwege Zijn bevel van geheimhouding elders (zie Markus 1:44; 5:43; 9:9). In Dekapolis hoeft Jezus niet, zoals in Galilea, te vrezen dat de Joden en de heidenen Hem door zo’n wonder als een politieke of militaire messias gaan zien. Let erop dat de daad van de Heer(Markus 5:19) in vers 20 wordt omschreven als een daad van Jezus. Dit geeft aan dat Jezus van dezelfde natuur is als God zelf.