Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Wees geen meeloper

Dinsdag 21 – Januari – 2020        Spreuken 1 : 15 – 16

Lezen : Spreuken 1 : 1 – 19

Mijn zoon, ga niet met hen op weg, weerhoud je voet van hun pad, want hun [1]voeten snellen naar het kwaad en zij haasten zich om bloed te vergieten.

(BGT) Luister niet naar die slechte mensen, doe niet mee met hun plannen! Want ze willen alleen maar kwaad doen. Ze hebben er plezier in om mensen te doden.

Aantekening

Spreuken 1 : 8 – 15  >  Eerste vaderlijke vermaning: Doe niet mee met hen die uit zijn op winstbejag. Zoals de meeste van de vaderlijke toespraken begint de vermaning met een persoonlijk woord en een aanmoediging om de lessen te koesteren als een kostbaar en heilzaam bezit (Spreuken 1:8-9). Deze eerste vermaning is een waarschuwing tegen hen die uit zijn op winstbejag en daarbij hulp zoeken. De vermaning bestaat uit twee delen: de eventuele verzoeken van hen die ‘een onschuldige’ willen ‘belagen’ en jou daarbij willen betrekken (Spreuken 1:11-14), omsloten door waarschuwingen om hun verzoeken af te wijzen (Spreuken 1:10, 15) en de redenen daarvoor (Spreuken 1:15-19). Het doel van de waarschuwing is in te laten zien dat dergelijke mensen kameraadschap en directe winst bieden, maar dat ze in feite leiden naar een pad dat eindigt in het verderf. 


[1]  Jesaja 59:7; Romeinen 3:15

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Nieuw lied

Maandag 20 – Januari – 2020           Psalm 96 : 1 – 2

Lezen : Psalm 96

Zing voor de HEERE een nieuw lied, zing voor de HEERE, heel de aarde. Zing voor de HEERE, loof Zijn Naam, breng de boodschap van Zijn heil van dag tot dag.

(BGT) Zing een nieuw lied voor de Heer! Heel de aarde moet voor hem zingen. Zing voor de Heer en dank hem. Vertel aan alle volken, elke dag

Aantekening

Psalm 96  >  Dit is een lied dat bezingt hoe Gods koningschap over heel de schepping* betekent dat alle soorten mensen Hem moeten loven en vereren. De psalm heeft drie delen, die ieder beginnen met een bevel (‘zing’, Psalm 96:1; ‘geef’, Psalm 96:7; ‘zeg’, Psalm 96:10). Elk deel noemt de heidenvolken (‘heel de aarde’, ‘heidenvolken’, ‘volken’, in vers 1-6: ‘geslachten van de volken’, ‘heel de aarde’ in vers 7-9; ‘de heidenvolken’, ‘de volken’, ‘de wereld’ in vers 10-13). God riep Israël om tot zegen te zijn voor heel de mensheid door hun de ware god te leren kennen naar Wie iedereen verlangt. Deze psalm houdt Israël deze opdracht en hun rol daarin voor ogen. Vers 7-9 roept zelfs de heidenvolken op met Israël mee te doen met zijn eredienst in de voorhoven van God. De psalm ziet uit naar een tijd dat de Heere zal komen en over alle volken zal rechtspreken in gerechtigheid, zonder nader aan te geven hoe dat zal gebeuren. De betekenis van het woord ‘rechtspreken’ blijft waarschijnlijk niet beperkt tot het scheiding brengen tussen rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Een bredere betekenis in de zin van ‘recht doen, rechtvaardig heersen’ sluit beter aan bij deze context (vgl. Jesaja 2:4; 11:3-4). De psalm is dus meer gericht op een tijd waarin de heidenvolken de ware God erkennen en de voordelen die dit zal opleveren voor heel de aarde, dan op het eindgericht. Christenen zingen dit lied in de wetenschap dat God dit langverwachte tijdperk heeft ingeleid met de opstanding van Christus*. Deze psalm verschijnt in 1 Kronieken 16:23-33, en dat het volk een bewerking (of misschien een vroegere versie) ervan zong toen David de ark naar Jeruzalem overbracht.  

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Naamsverandering

Zondag 19 – Januari – 2020             Jesaja 62 : 2

Lezen : Jesaja 62 : 1 – 12

De heidenvolken zullen uw gerechtigheid zien en alle koningen uw luister; u zult met een nieuwe naam genoemd worden, die de mond van de HEERE bepalen zal.

(BGT) Jeruzalem, alle volken zullen zien dat je bevrijd bent. Alle koningen zullen zien hoe prachtig je bent. Ikzelf zal jou een nieuwe naam geven. En alle volken zullen jou bij die naam noemen.

Aantekening

Jesaja 62 : 2  >  u en uw is vrouwelijk enkelvoud, bedoeld is Sion. een nieuwe naam … die de mond van de Heere bepalen zal. Hij alleen bepaalt de bestemming van Zijn volk, zoals weergegeven in Jesaja 62:4 en 12 (vgl. Jesaja 1:26; 56:5; 60:14, 18).

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Jubeljaar

Zaterdag – 18 – Januari – 2020      Jesaja 61 : 1 – 2 

De [1]Geest van de Heere HEERE is op Mij, omdat de HEERE Mij gezalfd heeft om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen. Hij heeft Mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van hart, om voor de gevangenen vrijlating uit te roepen en voor wie gebonden zaten, opening van de gevangenis   om uit te roepen het jaar van het welbehagen van de HEERE en de dag van de wraak van onze God; om alle treurenden te troosten;

(BGT) Gods dienaar zegt: ‘God, de Heer, heeft mij uitgekozen. Hij heeft mij zijn geest gegeven. Hij heeft mij gestuurd om aan arme mensen het goede nieuws te brengen. En om aan mensen die lijden, weer hoop te geven. Hij heeft me gestuurd om tegen gevangenen te zeggen: ‘Jullie zijn vrij!’Hij heeft me gestuurd om aan de mensen te vertellen: ‘Er komt een jaar waarin de Heer jullie vergeeft. Er komt een tijd dat God jullie vijanden zal straffen.’ De Heer heeft me gestuurd om mensen die verdriet hebben, te troosten.

Aantekening

Jesaja 61 : 1 – 3  >  De Geest van de Heere Heere is op Mij. Dit grijpt terug op Jesaja 48:16. Hier spreekt dus de Messiaanse Knecht, Die met Zij prediking door de Geest een nieuw volk tot leven wekt (vgl. Jesaja 11:2; 59:21). Jesaja noemt van de zalving van de Messias een zevenvoudig doel. zachtmoedigen. Zie Jesaja 11:4; 29:19; Mattheüs 5:3. vrijlating uit te roepen. Zie Leviticus 25:10. opening van de gevangenis. Terugkeer uit de Babylonische ballingschap, maar meer dan dat: geestelijke vrijheid van de zonde en satan. het jaar van het welbehagen van de Heere. Een nieuw tijdperk van zegen (vgl. Jesaja 34:8; 63:4; 2 Korinthe 6:2). Toen Jezus deze tekst in Nazareth aanhaalde (Lukas 4:18-19), noemde Hij niet en de dag van de wraak van onze God, want Zijn wraak komt pas bij Christus’ tweede komst (vgl. Jesaja 5:25-29; 63:1-6; Handelingen 17:31; Openbaring 6:15-17). eiken van de gerechtigheid. Machtig, vruchtbaar, duurzaam, sterk (vgl. Psalm 1:3).   


[1]  Lukas 4:17, 18, 19, 20

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Eeuwig licht

Vrijdag 17 – Januari – 2020              Jesaja 60 : 19-20

De zon zal voor u niet meer zijn tot een licht overdag en als een schijnsel zal u de maan niet verlichten, maar de HEERE zal voor u zijn tot een eeuwig licht en uw God tot uw sieraad. Uw zon zal niet meer ondergaan en uw maan zal zijn licht niet intrekken, want de HEERE zal voor u tot een eeuwig licht zijn en aan de dagen van uw rouw zal een einde komen.

(BGT) Jeruzalem, de Heer zal je voor altijd licht geven. Overdag heb je de zon niet meer nodig, ’s nachts ben je niet meer afhankelijk van het licht van de maan. Het licht van de zon verdwijnt als de zon ondergaat. En het licht van de maan verdwijnt als de maan kleiner wordt. Maar het licht van de Heer zal nooit verdwijnen! Hij zal je altijd licht geven, het zal nooit meer donker zijn. De dagen dat je verdriet had en rouwde, zijn voorgoed voorbij.

Overdenking

Boven dit hoofdstuk staat in de Herziene Statenvertaling: De heerlijkheid van Sion. Vers 1 begint met ‘Sta op, wordt verlicht’, dit geldt hier voor Sion, de heerlijke toekomst van Gods volk vraagt nu om een blijde toekomstverwachting. In Johannes 8:12 zegt Jezus dat Hij het licht van de wereld is en wie Hem volgt zal beslist niet in de duisternis wandelen. Jesaja geeft dus hier al een blik op de toekomst. Want Jezus is God, dus als we Jezus gaan volgen hebben we altijd dat licht, wat Jesaja voorspeldt. Wat een grote belofte is dat en een heerlijk vooruitzicht. Er zal een einde komen aan onze rouw en verdriet. En wat doen wij met dit licht? Is het niet zo, dat waar je mee omgaat, daar wordt mee besmet. Dus als wij met Jezus omgaan dan gaan wij ook licht uitstralen! Dus moeten wij ons bewust worden dat ook wij opvallen en dus moeten we letten op onze verantwoordelijkheid die we hebben als christen. Wij kunnen deze verantwoordelijkheid alleen aan als bij het Licht blijven en de hulp van Jezus verwachten en luisteren naar de stem van de Heilige Geest, die in ons woont. Dank God voor deze grote genade.  

Dagelijks Woord

Tekst van de dag      Stralen van Geluk

Donderdag 16 – Januari – 2020          Jesaja 60 : 5

Dan zult u het zien en stralen, uw hart zal diep ontzag hebben en zich verruimen, want de menigte van de zee zal zich naar u toekeren, het vermogen van de heidenvolken zal naar u toe komen.

(BGT) Jeruzalem, kijk! Je ogen zullen stralen van blijdschap, en je hart zal bonzen van vreugde.

Aantekening

Jesaja 60 : 5  >  het vermogen van de heidenvolken zal naar u toe komen. Vgl. aantekening bij Jesaja 18:7; 60:6-7; 60:8-9.

Aantekening bij: Jesaja 18 : 7 > In die tijd, d.w.z. als God de geschiedenis voltooit met de overwinning van Zijn Koninkrijk. Sommigen houden dat op het duizendjarige rijk (zie Openbaring 20:1-6), anderen houden het op de vestiging van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde (zie Openbaring 21:1). geschenken. Heidenvolken zullen God vereren met geschenken (vgl. Jesaja 2:2). Het twee keer noemen van de Here van de legermachten duid erop dat Gods genadeplan met de heidenvolken alleen door Zijn kracht doorgang zal vinden (vgl. Psalm 68:29-36; Jesaja 2:2-4; 11:10; Handelingen 11:18; Openbaring 7:9-10).

Aantekening bij Jesaja 60 : 6 – 7 > Midian was een zoon van Abraham bij Kutera, efa was een zoon van Midian, Sjebawas zijn neef (Genesis 25:1-4). Van Midian en Efa stamde een Arabische volksstam af, die woonde in het noordwesten van het huidige Saudi-Arabië. Met ‘Zij allen uit Sjeba’ wordt een koninkrijk in zuidelijk Arabië aangeduid, in het huidige Jemen. De plaatsen Kedar en Nebajoth (Jesaja 60:7) waren genoemd naar de zonen van Ismaël (Genesis 25:13). Kedar lag waarschijnlijk een kleine 390 km ten noorden van Midian, nog in het het huidige Saudi-Arabië, Nebajoth wordt in verband gebracht de Nabateeërs, waarvan het koninkrijk een kleine 200 km ten noorden van Midian lag, in het huidige Jordanië. Al met al beschrijven deze verzen een grote rijkdom aan goud en goederen, die Sion toestroomt vanuit Israël nabije en verafgelegen buurvolken. goud en wierook. De vervulling van de belofte in Jesaja 60:5. Zie hierover de definitieve vervulling de voorafbeelding in Mattheüs 2:11 en de uiteindelijke realisatie in Openbaring 21:24-26.

Aantekening bij: Jesaja 60 : 7 > Jesaja spreekt de taal van zijn tijd om Israëls hoge geestelijke bestemming aan te geven: ze zullen als een welgevallig offer komen op Mijn altaar. Zie Romeinen 15:16. Ik zal Mijn luisterrijk huis aanzien geven.Ezra 7:27 gebruikte deze uitdrukking voor de opdracht waarmee de Perzische koning hem naar Jeruzalem zond. Daarmee schetste hij die opdracht als een gedeeltelijke vervulling van dit vers.

Aantekening bij: Jesaja 60 : 8 – 9 > deze, die … als een wolk. Snel naderende vreemde schepen: geen militaire aanvalsvloot, maar handelsschepen die bekeerden komen brengen ter ere van God. de schepen van Tarsis. Zie Jesaja 2:16 en 23:1. De heidenvolken zien in de luister van Gods volk de luister van de Heilige van Israël. Hij verheerlijkt Zijn Naam door het volk te verheerlijken dat Zijn Naam draagt. 

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      De HEER redt en bevrijdt

Woensdag 15 – Januari – 2020          Jesaja 59 : 21

Wat Mij betreft, dit is Mijn verbond met hen, zegt de HEERE: Mijn Geest, Die op U is, en Mijn woorden die Ik U in de mond gelegd heb, zullen uit Uw mond niet wijken, ook niet uit de mond van Uw nakomelingen, evenmin uit de mond van de nakomelingen van Uw nakomelingen, zegt de HEERE, van nu aan tot in eeuwigheid.

BGT De Heer zegt tegen zijn volk: ‘Ik beloof dat ik jullie altijd zal beschermen. Ik heb jullie mijn geest gegeven. En jullie moeten beloven dat jullie mijn woorden steeds zullen doorvertellen. Jullie zelf moeten dat doen, en ook jullie kinderen en kleinkinderen. Blijf mijn woorden steeds doorvertellen.’

Aantekening

Jesaja 59 : 21  >  Wat Mij betreft. God geeft uiting aan Zijn verbondenheid met Zijn volk. Mijn verbond met hen is de Messiaanse Knecht, de Verlosser van vers 20 (vgl. Jesaja 42:6; 49:8). Mijn Geest Die op U is, nl. op de Messias (vergelijk Jesaja 61:1). Mijn woorden. Al wat God door Zijn profeten tegen Zijn volk heeft gesproken (vgl. Deuteronomium 18:18). De belofte geldt niet alleen degenen tegen wie de profeten in hun eigen tijd hebben gesproken; hun nakomelingen en ook de nakomelingen daarvan zullen deze woorden onthouden en aan elkaar doorgeven. Deze belofte houdt in dat Gods volk de woorden van Zijn profeten zal bewaren, met als resultaat de geschreven Bijbel.

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Schuld bewust

Dinsdag 14 – Januari – 2020    Jesaja 59 : 12 – 13

Want onze overtredingen zijn talrijk voor U en onze zonden getuigen tegen ons. Want onze overtredingen zijn bij ons, onze ongerechtigheden, wij kennen ze: het overtreden en het liegen tegen de HEERE en het zich afkeren bij onze God vandaan, het spreken van onderdrukking en afvalligheid, het zwanger zijn en melding maken van leugenachtige woorden vanuit het hart.

(BGT) Want met ons slechte gedrag hebben wij ons steeds tegen de Heer verzet.

We weten heel goed wat we fout gedaan hebben, we weten hoe slecht we zijn.  We verzetten ons tegen de Heer, we bedriegen hem, we laten hem in de steek. We dreigen met geweld, we liegen en bedriegen. En we spreken nooit de waarheid. Daarom is er geen eerlijke rechtspraak in het land. Overal worden leugens verteld, niemand is eerlijk tegen een ander.

Aantekening

Jesaja 58 : 12 – 13  >  Want onze overtredingen. Gods volk komt tot erkenning van hun eigen schuld als oorzaak van alle ellende (vgl. Psalm 51:5).

Tekst van de Dag

Tekst van de dag      Aan God zal het niet liggen

Maandag 13 – Januari – 2020     Jesaja 59 : 1

Zie, [1]de hand van de HEERE is niet te kort dat ze niet zou kunnen verlossen,

en Zijn oor is niet toegestopt dat het niet zou kunnen horen.

(BGT) Volk van Israël, jullie worden maar niet bevrijd, en jullie denken dat het komt door de Heer. Jullie denken dat hij niet machtig genoeg is, jullie denken dat hij doof is en niet goed luistert.

Aantekening

Jesaja 59 : 1  >  God is niet beperkt in vermogen of in bereidheid tot helpen. Er is een ander antwoord op de wrevelige vragen van Jesaja 53:3a. [Wie heeft onze prediking geloofd,]

Gods oren                    Jesaja 59 : 1, 2, 20                 (Uit de Vrouwen Bijbel)

God lijkt soms niet te horen. Je roept, je huilt, je schreeuwt, maar er komt geen reactie. Wat kan de reden zijn waarom je God niet dichtbij ervaart? Een van de mogelijke oorzaken wordt hier genoemd: je zonden. Maar God heeft Zijn Verlosser gestuurd om de scheiding tussen God en ons te overbruggen. Als weet dat zonde afstand schept, ga dan eerst naar Hem toe voor vergeving. Voor wie zich tot Hem bekeert, spreekt God altijd.


[1]  Numeri 11:23; Jesaja 50:2

Sabbat

Sabbat  

Verwijzing bij Jesaja 56 : 2  (verwijzing van Jesaja 58 : 13 – 14)

Romeinen 14 : 5 De een acht de ene dag boven de andere dag, maar de ander acht al de dagen gelijk. Laat ieder in zijn eigen geest ten volle overtuigd zijn.

AantekeningDe zwakken dachten dat sommige dagen belangrijker waren dan andere. Gezien de Joodse achtergrond (zie vers 14) gaat het hier waarschijnlijk vooral om de dag van de sabbat. De sterken denken dat elke dag hetzelfde is. Beide visies zijn geoorloofd. Iedereen moet zijn eigen geweten volgen. Het is opmerkelijk dat Paulus het houden van de sabbat niet langer meer als bindende verplichting ziet, maar een zaak van persoonlijke overtuiging. Anders dan de andere negen geboden in Exodus 20:1-17 lijkt het gebod de sabbat te houden deel te zijn geweest van de ‘ceremoniële wetten’ van het Mozaïsche verbond, zoals de voedselwetten en de offerwetten, die nu niet meer gelden voor de gelovigen van het nieuwe verbond (zie ook Galaten 4:10; Kolossenzen 2:16-17). Toch is het nog steeds verstandig om regelmatig tijd te nemen om te rusten van het werk. Ook wordt de christenen bevolen om regelmatig samen te komen om te aanbidden (Hebreeën 10:24-25; vgl. Handelingen 20:7).

Mattheüs 12 : 6Ik zeg u echter dat hier Iemand is Die meer is dan de tempel.

7Maar als u geweten had wat het betekent: Ik wil barmhartigheid en geen offer, dan zou u de onschuldigen niet veroordeeld hebben.

8Want de Zoon des mensen is Heere, óók van de sabbat.

De man met de verschrompelde hand

9En Hij vertrok vandaar en kwam in hun synagoge.

10En zie, er was iemand die een verschrompelde hand had. En ze vroegen Hem: Is het ook geoorloofd op de sabbatdagen te genezen? Dit om Hem te kunnen beschuldigen.

11Hij zei tegen hen: Welk mens onder u die één schaap heeft, zal het niet, als het op een sabbat in een kuil valt, grijpen en eruit tillen?

12Hoeveel gaat niet een mens een schaap te boven! Daarom is het geoorloofd op de sabbatdagen goed te doen.

Aantekening: 6 Die meer is. De sabbat wijst op Jezus (zie vers 8). Hij geeft ‘rust’ van de onmogelijke opdracht om je behoud te verdienen met goede werken (vgl. Mattheüs 11:28).

Ik wil barmhartigheid en geen offer. [aantekening bij Mattheüs 9:13: Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen tot bekering te roepen, maar zondaars. Voor de Farizeeën is Jezus’ offer voor de verlossing van zondaars een bedreiging voor hun levenswijze. Toch is dat de kern van het Evangelie van Christus. Ik wil barmhartigheid en geen offer is uit Hosea 6:6*. ‘Offer is het houden van de godsdienstige voorschriften, maar voor God was ‘barmhartigheid’ belangrijker (de LXX gebruikt het Grieks ‘eleos, ‘barmhartigheid’, als vertaling voor het Hebreeuws chesed, dat ‘standvastige liefde’ betekent, ook wel als ‘goedertierenheid’ vertaald), waardoor de Farizeeën deze zondaars zouden gaan liefhebben als Jezus deed.]

de Zoon des mensen is Heere, óók van de sabbat. Jezus stelt de uitleg van de Farizeeën ter discussie, niet de wet op de sabbat zelf, Jezus gaf met `messiaans gezag uitleg aan elk aspect van de wet (vgl. Romeinen 5:17-48) en maakt hier duidelijk dat de Farizeeën blind zijn voor de werkelijke bedoeling van de sabbat: rust en welzijn. Dit laatste argument is het doorslaggevende antwoord op de aanval van de Farizeeën (Romeinen 12:2). Om Wie Hij is, heeft Jezus het recht en het gezag om de wet uit te leggen.

9 – 10 op de sabbatdagen te genezen. Het rabbijnse onderwijs gaf talloze minutieuze regels voor welk ‘werk’ verboden was op de sabbat. Maar deze wettische regeltjes zijn nooit Gods bedoeling geweest met de wet van het Oude Testament*. Jezus’ tegenstanders vonden dat de sabbat alleen in het zeldzame geval van leven of dood gebroken mocht worden. Dat was niet het geval bij de man met de verschrompelde hand. Zij vonden dat de genezing tot na de sabbat had moeten wachten.

11 – 12 Hoeveel gaat niet een mens een schaap te boven! Jezus zet de waarde van een dier tegenover die van een mens [aantekening Mattheüs 6:26: een mens gaat dieren ver te boven (vgl. Mattheüs 10:31; 12:12), want van alle schepselen die God gemaakt heeft, is de mens geschapen ‘naar Zijn beeld’ (Genesis 1:27). God gaf de mens heerschappij over de aarde en over heel de schepping (Genesis 1:28), en omdat Hij de mens zo liefhad, gaf ‘Hij Zijn eniggeboren Zoon’ om voor onze zonden te sterven (Johannes 3:16). en stelt dat de diepere zin van de sabbat niet is om gewoon niets te doen, maar om op de sabbatdagen goed te doen.

Markus 2 :  27En Hij zei tegen hen: De sabbat is gemaakt ter wille van de mens, niet de mens ter wille van de sabbat.

28Daarom, de Zoon des mensen is Heere, óók van de sabbat.

Aantekening: 27 – 28  De sabbat is gemaakt ter wille van de mens. Vervolgens [aantekening bij vers 25 en 26: Jezus begint met te zeggen dat de wel heel stringente Farizese wetsinterpretatie de noodsituatie waarin David met zijn mannen verkeerde, buiten beschouwing laat (1 Samuël 21:1-6). David at van de toonbroden. Daaruit volgt dat in geval van nood op de sabbat handelingen geoorloofd zijn die dat gewoonlijk niet zijn. ten tijde van Abjathar, de hogepriester. Het genoemde voorval met David heeft eigenlijk niet plaats gehad toen Abjathar hogepriester was, maar ten tijde van zijn vader Achimelech (1 Samuël 21:1). Grieks ‘epi ‘Abjathar kan betekenen: (1) ‘toen Abjathar leefde, de latere hoogepriester’ (de naam van Abjathar zal zijn gevallen omdat hij bekender was), of (2) ‘in [het schriftgedeelte over] Abjathar, de hogepriester’ (waarbij ‘epi duidt op een plaats in de schrift, zoals in Markus 12:26: ‘in [het gedeelte over] de doornstruik’). Abjathar, de enige zoon van Achimelech die de slachting van Doëg heeft overleefd (1 Samuël 22), is de bekendste hogepriester in het betreffende deel van 1 Samuël.] verklaart Jezus dat de sabbat er niet is om de mens in te perken, maar juist als een geschenk aan de mens is gegeven (voor geestelijke en lichamelijke verademing). Weer benadrukt Jezus Zijn gezag als de Zoon des mensen*.  Als de sabbat bedoelt is voor het welzijn van de mens, en de Zoon des mensen Heere is over de hele mensheid, is de Zoon des mensen dus Heere, óók van de sabbat.

Johannes 5 :  10 De Joden dan zeiden tegen hem die genezen was: Het is sabbat, het is u niet geoorloofd de ligmat te dragen.

Aantekening: 10 Het is sabbat. Het Oude Testament bevat geen verbod op zo’n onbeduidende handeling als een ligmat dragen op sabbat (vgl. Exodus 20:8-11). Maar in de latere Joodse overlevering had men er honderd gedetailleerde regels over gevormd welke soorten ‘werk’ op sabbat verboden waren. En zo verbood een bepaling het dragen van iets ‘van het ene domein naar het andere’ (Misjna, Sjabbat, 7.2). Jezus gaat geen rabbinale discussie aan over wat als werk moet gelden. Hij zegt gewoon dat Hij ‘werkt’ net als God (Johannes 5:17). En, zoals de synoptische evangeliën weergeven, Hij is de Heere van de sabbat (vgl. Mattheüs 12:8; Markus 2:28; Lukas 6:5).

Johannes 5 : 17 Maar Jezus antwoordde hun: Mijn Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook.

Aantekening : 17 Mijn Vader suggereert een veel diepere verbondenheid met God dan andere mensen hebben (zie Johannes 20:17). Als Jezus zegt: Mijn Vader werkt tot nu toe en ik werk ook’, houdt dit in dat Hij evenals Zijn Vader boven de sabbat staat, en verklaart Hij hiermee dus Goddelijk te zijn. Deze joden beseften dat ook (zie Johannes 5:18), want rabbijnen geloofden dat God van Wie in Genesis 2:2-3 staat dat Hij op de zevende scheppingsdag rustte (Hebreeuws sjabbat), de schepping voortdurend onderhoudt, zonder daarmee de sabbat te verbreken. (In Johannes 7:22-23 gebruikt Jezus een ander argument voor genezing op de sabbat; zie ook aantekening bij Johannes 9:14.)

Johannes 9 : 14 En het was sabbat toen Jezus het slijk maakte en zijn ogen opende.

Aantekening  14 Helemaal aan het eind lezen we dat het sabbat was (vgl. Johannes 5:9*, bij Mattheüs 12:8). De sabbatdiscussie van Johannes 5 laait weer op. Jezus heeft met speeksel aarde tot slijk gekneed, en kneden (van deeg, en dus ook van aarde) hoorde bij de 39 soorten werk die golden als verboden (Misjna, sjabbat, 7.2). Jezus herhaaldelijke conflict met de Joden over de sabbat duidt erop dat Jezus met Zijn komst de sabbatsvoorschriften verandert (zie Johannes 5:17).

Galaten 4 :  10 U houdt zich aan dagen, maanden, tijden en jaren.

Aantekening : 10 dagen, maanden, tijden en jaren hebben allemaal te maken met de ceremoniële wetten van het Mozaïsche verbond (vgl. Leviticus 23:5, 16, 27; 25:4). Als zij van christenen verlangen dat zij zich houden aan deze oudtestamentische wetten, is dat het verwerpen van het Evangelie van rechtvaardiging door geloof alleen, in Christus alleen. Het is immers duidelijk dat christenen niet langer onder het verbond van Mozes staan. Sommigen zien ‘dagen’ in dit vers als bewijs dat het Joodse sabbatsgebod een deel was van de ceremoniële wet die christenen onder het nieuwe verbond biet meer hoeven te volgen (vgl. Handelingen 20:7; 1 Korinthe 16:2; Kolossenzen 2:16-17). Anderen zijn van mening dat het gebod om wekelijks de sabbat te houden niet tijdelijk is, maar teruggaat op Gods scheppingsorde (Exodus 20:8-11) en dat it vers alleen gaat over andere rustdagen in de Joodse feestkalender.

Kolossenzen 2 :  17Deze zaken zijn een schaduw van de toekomstige dingen, maar het lichaam is van Christus.

Aantekening 17 een schaduw van de toekomstige dingen. De verplichtingen van het oude verbond wezen op een toekomstige werkelijkheid, die nu vervuld is in de Heere Jezus Christus (vgl. Hebreeën 10:1). Christenen zijn daarom niet langer onder het Mozaisch verbond (vgl. Romeinen 6:14-15; 7:1-6; 2 Korinthe 3:4-18; Galeten 3:15-4:7). Christenen zijn niet langer verplicht om de oudtetamentische spijswetten te houden (‘eten of drinken’) of hoogtijdagen, feestdagen of speciale dagen (‘een feestdag … nieuwe maan … sabatten’, Kolossenzen 2:16), want datgene waar deze dingen een voorafschaduwing van waren is nu vervuld in christus. Er wordt over gediscussieerd of onder de sabatten in kwestie ook de reguliere rust van de zevende dag uit het vierde gebod viel, of dat ze alleen de speciale sabbatten betroffen van de Joodse feestkalender.

Hebreeën 4 :   8 Want als Jozua hen al in de rust gebracht had, zou God daarna niet gesproken hebben over een andere dag.

 9 Er blijft dus nog een sabbatsrust over voor het volk van God,

10 want wie Zijn rust binnengegaan is, die heeft zelf ook van zijn werken gerust, zoals God van de Zijne.

Aantekening : 8 – 10 Want als Jozua hen al in de rust gebracht had. Het is logisch te denken dat het Joodse volk de ‘rust’ die ze zochten, vonden toen ze het Beloofde Land binnengingen. Maar dat speelde in de dagen van Jozua, en Psalm 95 (die spreekt over ‘heden’ Gods rust binnengaan) is van na die datum (‘zo lange tijd daarna’, Hebreeën 4:7). Daarom blijft er een sabbatsrust over voor Gods volk, die zij nu ook nog, tijdens hun leven, kunnen binnengaan (vers 9). Deze belofte dat men nog kan ingaan tot Zijn rust, betekent het einde van geestelijke aanvechtingen over de onzekerheid van je uiteindelijk lot. Het betekent de blijdschap over gesteld te zijn in Gods nabijheid, over het delen in de eeuwigdurende vreugde die God Zelf binnenging toen hij rustte op de zevende dag (ver 10).