Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Maandag 21 oktober 2019 – Hebreeën 9:27-28

En zoals het voor de mensen beschikt is dat zij eenmaal moeten sterven en dat daarna het oordeel volgt, [1]zo zal ook Christus, Die eenmaal geofferd is om de zonden van velen weg te dragen, voor de tweede keer zonder zonde gezien worden door hen die Hem verwachten tot zaligheid.

(BGT)  Ieder mens zal één keer sterven. Daarna zal God zijn oordeel over hem uitspreken. Zo heeft ook Christus zichzelf één keer geofferd. Hij is gestorven voor de zonden van veel mensen. Hij zal opnieuw komen, maar dan niet om de zondenweg te nemen. Nee, hij zal komen om de mensen die op hem wachten, te redden.

Aantekening

Hebreeën 9 : 27 – 28  >  beschikt … eenmaal te moeten sterven. Ieder mens leeft maar één keer, met daarna het eeuwig oordeel. Dit sluit reïncarnatie en elke gedachte in een geloof op een tweede kans na de dood uit, want meteen na het woord ‘sterven’ komt de zin ‘en dat daarna het oordeel volgt’. Er staat niets over een eventuele mogelijkheid dit te veranderen. Het laatste oordeel zal zijn bij de wederkomst van Christus. Die eenmaal geofferd is om de zonden van velen. Hij zal een tweede keer komen met het oordeel, wanneer Hij Zijn volgelingen tot zaligheid zal brengen. die Hem verwachten. De hoop op Christus’ wederkomst (zie Hebreeën 10:25; vgl. Romeinen 8:19, 23, 25; 1 Korinthe 1:7; Galaten 5:5; Filippenzen 3:20) is een oproep voor iedereen die Hem ‘tot zaligheid’ verwacht, om in deze hoop te volharden.


[1]  Romeinen 5:6, 8; 1 Petrus 3:18

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zondag 20 oktober 2019 – Johannes 7:37-38

En op de [1]laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus daar en riep: [2]Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken. Wie in Mij gelooft, zoals [3]de Schrift zegt: Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien.

(BGT)  Op de laatste, belangrijkste dag van het feest was Jezus in de tempel. Hij riep tegen de mensen: ‘Als je dorst hebt, kom dan bij mij om te drinken! 38Want dit zeggen de heilige boeken over mensen die in mij geloven: «Ze zullen altijd vol levend water zijn.»’

Aantekening

Johannes 7 : 37 > In Johannes 7:14 was het feest ‘half voorbij’, nu is er sprake van de grote afsluitingsdag van het loofhuttenfeest. Jezus’ oproep bevat een zinspeling op profetische teksten als Jesaja 55:1 (zie ook Jesaja 12:3). dorst. Namelijk naar God.* komen en drinken betekent in Hem geloven, een permanente persoonlijke verhouding met Hem aangaan. Het beeld van ‘komen’ (in de zin van naar iemand toe gaan) en ‘drinken’ houdt meer in dan het verstandelijk voor waar aannemen; het gaat erom persoonlijk met heel je hart betrokken te zijn. 

Johannes 7 : 38 > zoals de schrift zegt. Jezus citeert hier niet letterlijk uit het Oude Testament, maar Hij vat kennelijk meerdere schriftplaatsen samen die Gods innerlijk werk in de gelovige schetsen als een rivier van stromend water, die zegen brengt aan anderen (zie Spreuken 4:23; Jesaja 58:11).

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

Johannes 7 : 37  >  drinken: tijdens het feest ging het volk elke dag in processie naar de bron van Siloam, waar een priester een kruik vulde die hij naar de tempel bracht en over het altaar uitgoot. Deze ceremonie ging gepaard met de lezing van bijbelteksten: Jes. 12:3; Zach. 9-14(zie Zach. 12:10; 14:8). Ook werd er gebeden voor genoeg regen. Jezus neemt het symbool van het water over en geeft wat het feest niet kan geven: een eeuwige bron van levend water.

Johannes 7 : 38  >  Rivieren … gelooft: anderen begrijpen hier, met een verandering van de interpunctie: ‘[37] … Laat wie dorst heeft, bij mij komen en wie in mij gelooft, laat hem drinken. [38] “Want rivieren van levend water zullen uit hem stromen”, zo zegt de Schrift.’ D.w.z.: uit Christus, zoals v. 39 suggereert. Jezus is de ware tempel (2:21), waaruit rivieren van levend water stromen: Ezech. 47:1-12; Joël 4:18; Zach. 14:8 (zie 13:1). Zie de toelichting bij Joh. 7:1-52 over het verband met de exodus.


[1]  Leviticus 23:36

[2]  Jesaja 55:1; Johannes 6:35; Openbaring 22:17

[3]  Jesaja 12:3

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zaterdag 19 oktober 2019 – Filippenzen 2:2-3

Maak dan mijn blijdschap volkomen, doordat u [1]eensgezind bent, dezelfde liefde hebt, één van ziel bent en één van gevoelen. Doe niets uit eigenbelang of eigendunk, [2]maar laat in nederigheid de een de ander voortreffelijker achten dan zichzelf.

(BGT) Daar ben ik blij om. En mijn vreugde zal volmaakt zijn als jullie helemaal één zijn. Als jullie allemaal hetzelfde willen, het met elkaar eens zijn en allemaal veel van elkaar houden. Jullie moeten jezelf niet beter vinden dan een ander, of opscheppen over jezelf. Nee, jullie moeten bescheiden zijn, en een ander belangrijker vinden dan jezelf.

Aantekening

Filippenzen 2 : 1 – 4  >  Oproep tot eenheid in geloof en dienstbetoon aan elkaar. Paulus moedigt de Filippenzen aan om hun leven in Christus en de Geest eensgezind te leven.

Filippenzen 2 : 1 – 2  >  Paulus twijfelt er niet aan dat bemoediging, gemeenschap van de Geest, innige gevoelens en ontfermingen wezenlijk zijn in Christus en dat zij in de gemeente in Filippi aanwezig zijn. Hij gebruikt een voorwaardelijke zin (als) om de Filippenzen uit te dagen erover na te denken of deze eigenschappen in hun leven zichtbaar zijn. De gelovigen in Filippi moeten ervoor zorgen dat zij voortgang boeken op het terrein van naastenliefde, een absolute vereiste. Paulus benadrukt dat zij eensgezind moeten zijn. Dit betekent geen kleurloze geestelijke gelijkvormigheid, maar het gebruikmaken van verschillende gaven (vgl. 1 Korinthe 12) door op een plezierige manier samen te werken, gericht op de heerlijkheid van God.

Filippenzen 2 : 3 – 4  >  Er is altijd de verleiding om zich te gedragen als de tegenstanders van Paulus in Filippenzen 1:17 en te handelen uit eigenbelang, gericht op eigen voordeel/ Een dergelijke eigendunk (letterlijk ‘verwaandheid’) kan bestreden worden door de ander voortreffelijker te achten dan zichzelf. Paulus beseft dat iedereen van nature gericht is op van hemzelf is. De oplossing is diezelfde gerichtheid ook te tonen voor wat van anderen is. Een dergelijke radicale liefde is zeldzaam. Daarom laat Paulus zien dat dit volledig waarheid geworden is in het leven Christus (Filippenzen 2:5-11).   

Aantekeningen Studiebijbel in Perspectief

Filippenzen 2 : 2  >  door eensgezind te zijn: (ook 2:5) letterlijk: ‘denk op één en dezelfde manier’. Zie Filippenzen 4:2, 3 waar gesproken wordt over tweedracht in de gemeente, zelfs tussen mensen die nauw met Paulus samengewerkt hadden. één in streven: of: ‘streef hetzelfde doel na’ of breder: ‘zoek eenheid’.

Filippenzen 2 : 3  >  geldingsdrang: andere vertaling: ‘egoïsme’. belangrijker: of ‘superieur’.


[1]  Romeinen 12:16; 15:5; 1 Korinthe 1:10; Filippenzen 3:16; 1 Petrus 3:8

[2]  Romeinen 12:10; 1 Petrus 5:5

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Vrijdag 18 oktober 2019 – Efeze 3:14-16

Om deze reden buig ik mijn knieën voor de Vader van onze Heere Jezus Christus, naar Wie elk geslacht in de hemelen en op de aarde genoemd wordt, opdat Hij u geeft, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, met kracht [1]gesterkt te worden door Zijn Geest in de innerlijke mens, opdat Christus door het geloof in uw harten woont en u in de liefde geworteld en gefundeerd bent.

(BGT) Ik kniel en bid tot God, de Vader. God heerst over alle engelen in de hemel en over alle volken op aarde. Gods macht is groot. Daarom bid ik dat God jullie diep van binnen kracht wil geven door zijn Geest.

Aantekening

Efeze 3 : 14 – 21  >  Paulus bidt om kracht en inzicht. Paulus gaat verder met zijn onderbroken gedachtegang uit Efeze 3 vers 1. Hij vertelt dat hij voor de lezers bidt om kracht en begrip van Gods macht (Efeze 3:14-19). Hij sluit af door God te zegenen (Efeze 3:20-21).

Efeze 3 : 14 – 15 > Om deze reden. Paulus heeft zijn gedachtegang in vers 1 onderbroken, dus hij herhaalt deze zinsnede om aan te geven dat hij terugkeert naar zijn oorspronkelijke gedachte. buig. Als Paulus nadenkt over de majesteit van Gods wereldwijde verlossingswerk in Christus, reageert hij op de enige gepaste manier: nederige aanbidding van God de Vader, de grote Koning. genoemd worden verwijst in de Bijbel naar de definitie van je identiteit. God de Vader (vers 9), de Schepper van alle dingen, is ook Degene Die alle schepselen ‘noemt’ (d.w.z. Hij geeft hun hun identiteit). Dit gaat zover dat zelfs elk geslacht in de hemelen en op aarde genoemd wordt. Dat God ‘elk geslacht’ noemt, is een verdere bevestiging van Zijn soevereiniteit over de schepping. 

Efeze 3 : 16 > Geest. De Heilige Geest schenkt gelovigen de persoonlijke aanwezigheid en de kracht van God. 


[1]  Efeze 6:10

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Donderdag 17 oktober 2019 – Micha 4:5

Want alle volken gaan op weg, elk in de naam van zijn god, maar wij zullen op weg gaan in de Naam van de HEERE, onze God, voor eeuwig en altijd.

(BGT)  Andere volken leven zoals hun eigen god het wil. Maar wij zullen leven zoals onze God het wil, voor altijd!

Aantekening

Micha 4 : 1 – 5  >  De heidenvolken naderen Sion in vrede. De berg van de Heere is nu het centrale punt voor de heidenvolken. De Godsspraak in Jesaja 2:1-5 is bijna identiek.

Micha 4 : 5  >  wij zullen op weg gaan … voor eeuwig en altijd. In tegenstelling tot het pantheon[1]dat de heidenvolken beschikbaar hadden, gaat het volk van God met elkaar op weg, verenigd met zijn Koning en onder Zijn wet en woord (Micha 4:2) in eeuwige verwantschap. Met deze trouw spelen de leden van Juda hun rol in het verhaal van de vervulling van Micha 4:1-4.


[1]  pantheon < Latijn < Grieks 

 het alle godheden tezamen 

 het [-s

een aan alle goden gewijde tempel, vooral het Pantheon in het oude Rome 

eretempel gewijd aan de nagedachtenis van overleden grote mannen 

Panthéon (voormalige) kerk in Parijs, begraafplaats van beroemde Fransen

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Woensdag 16 oktober 2019 – Jakobus 1:25

[1]Hij echter die zich in de volmaakte wet verdiept, die van de vrijheid, en daarbij blijft, die zal, omdat hij niet een vergeetachtig hoorder geworden is, maar een dader van het werk, zalig zijn in wat hij doet.

(BGT) Je moet je altijd laten leiden door Gods wet. Want die wet is volmaakt, en geeft je vrijheid. Je moet niet alleen maar naar Gods wet luisteren, en Gods woorden meteen weer vergeten. Nee, je moet ook doen wat God van je vraagt. Dan zul je gelukkig zijn!

Aantekening

Jakobus 1 : 22 – 25  >  Daders van het Woord. Horen van het Woord zonder in actie te komen, is zelfbedrog. Horen dat overgaat in het doen van het Woord is een zegen.

Jakobus 1 : 25  >  wet … van de vrijheid (vgl Jakobus 2:12). Jakobus gebruikt de ‘wet’ en het ‘Woord’ als twee verschillende manieren om dezelfde werkelijkheid te beschrijven, in 1:18 is het ‘Woord van de waarheid’ het Evangelie van Christus. Hier verwijst de ‘wet’ naar de oudtestamentische wet, zoals die is uitgelegd door en vervuld in Christus. De oudtestamentische wet was ‘heilig en rechtvaardig en goed’ (Romeinen 7:12), maar bezat geen kracht om zondige mensen in staat te stellen eraan te voldoen. Paulus spreekt daarover, als hij zegt dat de oudtestamentische wet het volk van God niet bevrijdt, maar hen tot slaven maakt (Galaten 3:10-4:7; vgl. Romeinen 2:1-3:20; 5:20; 6:14-15; 7:1-25). Als de wet samengaat met het Woord van het Evangelie en de kracht van de Heilige Geest om harten te veranderen, is het een wet van de ‘vrijheid’. Zie ook aantekeningen bij Jakobus 2:12.

Jakobus 2 : 12   >   de wet van de vrijheid. Ware vrijheid is de vrijheid om God te gehoorzamen en te doen wat Hem welgevallig is. Met Christus zijn wij ‘gestorven aan dat waaraan wij vastgebonden zaten’ en ‘ontslagen van de wet’. Zo biedt de wet van Christus vrijheid van zonde door het Evangelie, ‘zodat wij in nieuwheid van Geest dienen’ (Romeinen 7:6). In het kader van de discussie van Jakobus over arm en rijk (Jakobus 2:1-7) kan hij er mogelijk ook op wijzen dat Gods wet de armen zal bevrijden van vooroordeel, onderdrukking en uitbuiting. Iedere christen zal door God geoordeeldworden (1 Korinthe 3:12-15; 2 Korinthe 5:10; 1 Petrus 1:17).

Kern

Jakobus schrijft een heel praktische brief. Zeker is het goed het Woord van God te horen. Maar wat jammer, als het bij het horen blijft! Bij horen hoort doen. Het gehoorzaam leven, elke dag weer (Jakobus 1:19-27). Dat is nog steeds iets om op te letten. Misschien hoor je graag preken. Mogelijk loop je graag bijbelstudies en conferenties af. Daar is op zich niets mis mee! Maar wat doet het Woord met je? Brengt het ook tot doen? De vraag is of het je brengt tot navolging van Christus, ook in de ‘gewone’ dingen van het leven.

Hiermee hangt iets anders samen. Hoe wordt een mens gered? Het juiste antwoord lijkt duidelijk. Dat is: door het volbrachte werk van de Heere Jezus. Door Zijn leven, Zijn lijden en dood. Onze eigen prestaties tellen niet. Slechts één prestatie telt: die van de Heere Jezus. Jakobus lijkt daartegenin te gaan. Hij zegt: ‘Zo is ook het geloof als het geen werken heeft, in zichzelf dood’ (Jakobus 2:17). Nog sterker: ‘U ziet dus nu dat een mens uit werken gerechtvaardigd wordt en niet alleen uit geloof’ (Jakobus 2:24). Zijn je eigen prestaties toch nodig om in de hemel te komen? Dat is niet wat Jakobus bedoelt. Een vergelijking kan helpen. Stel: ik heb een appelboom geplant. Maar ik zie nooit appels aan die boom. Dan is er iets goed mis. Dan is die boom waarschijnlijk niet in orde, misschien wel bezig om dood te gaan. Zo is het ook met het geloof. Aan de boom van het geloof horen vruchten te hangen. Vruchten van goede daden. Die tonen aan dat het geloof gezond is. Dat wil zeggen: dat je geloof werkelijk geloof in Jezus Christus is. Ontbreken deze vruchten helemaal? Dan is het goed mis met het geloof. Waarschijnlijk leeft het dan niet. En geloof dat niet leeft, is geen geloof in Christus, waardoor wij als rechtvaardigen gerekend worden. Het gaat dus inderdaad om onze ‘werken’, ons gedrag. Niet als grond voor ons behoud of als deel daarvan, maar omdat ze laten zien of we werkelijk in geloof en liefde verbonden zijn aan Christus.

Jakobus spreekt ook over de kracht van het gebed. ‘Een krachtig gebed van een rechtvaardige brengt veel tot stand’ (Jakobus 5:16b). Dat gebed moet er zijn. Ook in de gemeente. Ook rond het ziekbed van een christen (Jakobus 5:14-15). De vraag is hoeveel wij verwachten van gebed. Ook laat Jakobus in hoofdstuk 5 merken hoe belangrijk de onderlinge band in de gemeente is.


[1]  Mattheüs 5:19

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Dinsdag 15 oktober 2019 – Galaten 5:5

Want wij verwachten door de Geest, uit het geloof, de gerechtigheid waarop wij hopen.

(BGT) Wij geloven in Christus, en wij hebben de heilige Geest gekregen! Daardoor weten we zeker dat God ons zal redden.

Aantekening

Galaten 5 : 5 > wij verwachten … de gerechtigheid waarop wij hopen betekent dat christenen niet uit eigen kracht proberen volmaakte gerechtigheid in hun leven voort te brengen (zoals de tegenstanders van Paulus tevergeefs probeerden te doen), want hun hoop is niet gevestigd op hun eigen kracht. Zij verwachten dat God de gerechtigheid in hen zal voltooien – ofwel wanneer zij sterven en bij de Heere zijn (Hebreeën 12:23) of wanneer Christus terugkomt (1 Korinthe 15:49; vgl. Openbaring 21:27). Een alternatieve verklaring is dat ‘de gerechtigheid waarop wij hopen’, verwijst naar de hoop en verwachting dat God de gelovige bij het laatste oordeel inderdaad als rechtvaardig zal beoordelen.

Achtergrond informatie

Auteur en titel

Het eerste woord van de brief aan de Galaten is ‘Paulus’; en geleerden zijn het door de eeuwen heen over eens dat Paulus inderdaad de auteur is. In de mmeste Griekse uitgaven van het Nieuwe Testament is de titel ‘Aan de Galaten’; en de geadresseerden worden in het hoofddeel van de brief genoemd als ‘de gemeente van Galatië’ (Galaten 1:2) en ‘dwaze Galaten’ (Galaten 3:1). Het enige discussiepunt is: welke Galaten?

Er was een bevolkingsgroep die de Galaten heette, in het noorden van wat nu Turkije is. Er was ook een Romeinse provincie die Galatië heette, die zich uitstrekte tot in het zuiden van Turkije. De Galaten in de brief zijn waarschijnlijk de inwoners van de Romeinse provincie, vooral in het zuidelijke gedeelte, om dat Paulus veel minder zendingsactiviteiten bedreef in het noorden, en omdat hij plaatsen meestal bij hun romeinse namen noemt.

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Maandag 14 oktober 2019 – Psalmen 116:7

Mijn ziel, keer terug tot uw rust, want [1]de HEERE is goed voor u geweest.

(BGT) Ik vind weer rust, want de Heer heeft mij geholpen.

Aantekening

Psalm 116  >  Dit is een lied van persoonlijke dankzegging voor Gods zorg, specifiek voor een verlossing van de dreigende dood (vers 3, 8-9, 15). De woorden van de psalm zijn ook toepasbaar voor andere indrukwekkende uitreddingen in tijden van uiterste nood. De psalm stelt dat men zijn dankbetuiging voor deze heel persoonlijke verlossing terecht uit in de openbare eredienst. Deze woorden kunnen door Gods volk uitstekend gebruikt worden bij openbare dankzegging na hun eigen noodsituaties (sommige kerken gebruiken de psalm bijvoorbeeld in een dankdienst na de geboorte van een kind).

Psalm 116 : 5 – 7  >  De Heere gaat op milde wijze met de Zijnen om. Het antwoord op de dringende bede leidt tot overdenking van het karakter van God, namelijk dat Hij genadig en een Ontfermer is (vgl. Exodus 34:6). De vromen zouden dat al moeten weten. Toch zijn deze noties steeds duidelijker geworden voor de gelovige waar deze ervaringen in de eredienst werden bezingen.


[1]  Psalm 13:6

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zondag 13 oktober 2019 – Psalmen 117:1-2

Loof [1]de HEERE, alle heidenvolken; prijs Hem, alle natiën. Want Zijn goedertierenheid is machtig over ons; de trouw van de HEERE is voor eeuwig. Halleluja! 

(BGT) Juich voor de Heer, alle volken. Zing voor hem, alle landen. Want groot is zijn liefde voor ons, en eeuwig duurt zijn trouw. Halleluja!

Aantekening

Psalm 117  >  Deze korte psalm nodigt alle heidenvolken uit om de Heere te ‘loven’. Gods goedertierenheid en trouw (Exodus 34:6) is aan Israël toegezegd, maar bedoeld voor heel de wereld. De aangesproken heidenvolken zijn dus inbegrepen in het woord ons. De roeping van Israël was in het belang van de hele wereld (Genesis 12:2-3; Exodus 19:5-6; 1 Koningen 8:41-43), en het Oude Testament voedt voortdurend de hoop dar er een dag zal komen dat de heidenen zich met vreugde zullen voegen bij de eredienst voor de enige ware God.* Als Israël dit lied in geloof zong, moest het niet alleen zijn bevoorrechte positie (vgl. Psalm 147:19-20), maar ook zijn bestaansreden in herinnering roepen. Paulus haalt Psalm 117:1 aan in Romeinen 15:11 als deel van zijn betoog (Romeinen 15:8-13) om elkaar te aanvaarden en eensgezind, Messiasbelijdende joden en heidenen, god te verheerlijken (Romeinen 15:5-7): de langverwachte tijd is aangebroken.


[1]  Romeinen 15:11

Dagelijks Woord

Dagelijks Woord

Zaterdag 12 oktober 2019 – 2 Petrus 3:8-9

Maar laat vooral dit u niet ontgaan, geliefden, dat één dag bij de Heere is als duizend jaar en duizend jaar als één dag. [1]De Heere vertraagt de belofte niet [2](zoals sommigen dat als traagheid beschouwen), [3]maar Hij heeft geduld met ons [4]en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.

(BGT) Vrienden, jullie moeten dit niet vergeten: voor de Heer is tijd iets heel anders dan voor ons. Voor hem is één dag hetzelfde als duizend jaar, en duizend jaar hetzelfde als één dag. De Heer houdt zich echt aan zijn belofte, ook al beweren sommige mensen van niet. Hij wacht omdat hij geduld heeft met jullie! Hij geeft iedereen de kans om een nieuw leven te beginnen. Want hij wil dat iedereen gered wordt.

Aantekening

2 Petrus 3 : 8 – 9  >  geliefden.* Hier begint een nieuwe paragraaf. Petrus legt uit dat het uitstel van de tweede komst geen lange tijd is vanuit Gods oogpunt. Hij legt dan verder uit dat God ook uitstelt, omdat Hij geduld met ons heeft. God heeft de huidige periode van de geschiedenis niet snel tot een einde gebracht, omdat Hij niet wil dat enigen verloren gaan (* vgl. Romeinen 2:4). Hoewel christenen verlangen naar de wederkomst van Christus en de overwinning over alle kwaad, blijft zolang de huidige periode van de geschiedenis duurt de mogelijkheid open voor mensen om zich in geloof tot God te keren.

Tekst verwijzing

2 Petrus 3 : 15  >  en beschouw het geduld van onze Heere als zaligheid; zoals ook onze geliefde broeder Paulus, naar de wijsheid die hem gegeven is, u geschreven heeft,


[1]  Habakuk 2:3 

[2]  Vers 15; 1 Petrus 3:20

[3]  Jesaja 30:18; Romeinen 2:4

[4]  Ezechiël 18:32; 33:11; 1 Timotheüs 2:4